Monday, 24 September 2007

Tiende dag => Met de fiets naar school

Een nieuwe week begint om kwart voor negen. De tweede al. Als je bedenkt dat we hier maar acht weken zijn vliegt de tijd. Damien heeft weer op mijn deur staan bonken maar dat is niet te onderscheiden van het gisteren geïntroduceerde geklopt en geboor. Zondag zijn ze namelijk ergens in de buurt een huis beginnen te bouwen. Rusttijden? Stilte op zondag? Geen lawaai voor acht uur? Ho maar. Gelukkig is het huis met deze werktijden, motivatie en aantal mensen over een week klaar. Dan gaan ze waarschijnlijk een andere holte tussen, onder, op of tegen andere huizen opvullen.

Ik haal mijn fiets van stal, die naar goede gewoonte een lege voorband heeft. Zelfde als gisteren. Gelukkig zijn er in een straal van twintig meter genoeg mannetjes te vinden die gewapend met pomp klaarstaan om me op weg te helpen. Één ervan heeft me nog niet gezien of hij staat al met beide handen alle moeite van de wereld te doen om toch maar een zuchtje lucht mijn band in de krijgen. Helemaal symmetrisch en moeiteloos gaat het niet. Bij het betalen loopt het echter mis. De goede man vraagt duizend dong, ik blijk echter alleen een briefje van slordige tweehonderdduizend bij te hebben. Met een gezwierd handgebaar maakt hij duidelijk dat ik maar door moet rijden. Ik voel me schuldig en hoop dat hij er straks nog staat.

Op de universiteit hetzelfde liedje. De brommer- en fietsparking wordt bewaakt en hier krijg je in ruil voor een vijfhonderdje een nummer waar je later je fiets weer mee kan ophalen. Weer staren ze me aan als ik mijn flap van ongeveer een klein weekloon tevoorschijn haal. Dat is het enige wat de bankautomaten uitspugen. Er komt net een student aan die voor me betaalt. Als ik hem voorstel om mee te gaan naar Damien die wel kleiner zal hebben moet hij ineens snel naar de les. Ook het aanbod op een icetea 's middags in het studentenrestaurant wordt afgewezen.

Overdag wordt er door ons beide hard gewerkt. Damien krijgt vorderingen in het aanpassen van OmNET++ code, terwijl ik in het snikhete lokaal van Dr Hung tevergeefs probeer werkende programma's te schrijven.

Bij het vertrekken is uiteraard mijn band weer leeg, dus in de drukte komen we weer bij een 'pomper' terecht. Deze is forser en maakt mijn band bekend met het begrip luchtdruk. Die reageert op zijn beurt met een harde, hoge fluittoon. Meteen wetende wat er aan de hand is, haalt hij mijn hele ventiel uit elkaar en gaat druk in de weer met rubberen slangetjes en metalen ringetjes. Een minuut later is mijn band opgepompt en ben ik vierduizend dong lichter. Handig zijn ze wel.

We eten weer in één van de restaurantjes op straat dicht bij huis waar de dienster erg nieuwsgierig vraagt wat we hier precies doen. Erna gaan we naar mijn kamer, op de gang zien we de Amerikanen druk in de weer met emmers en dweilen. Die zijn het hier nog niet gewend.
Damien werkt nog verder aan zijn code. En met succes, hij heeft een doorbraak! Ik heb voor vandaag de moed opgegeven en speel wat spelletjes. We gaan vroeg slapen.