Monday, 12 November 2007

59ste dag => Laatste secret

Vandaag moeten we weer aan het werk. Alleen kan Damien niet naar de HUT omdat hij de sleutel van het lokaal vrijdag is vergeten, binnenin het lokaal. Ineens heeft hij wel internet ontdekt in zijn kamer, dus is het niet volledig verloren tijd.

Tegen de middag gaan we samen eten, mi xao, omdat het zo lang geleden is en daarna gaan we samen naar het lab van Dr. Hung (Damien dut eerst nog even op zijn kamer)

De namiddag vliegt snel voorbij. Normaalgezien moest Dr. Lan vandaag haar evaluatie geven aan Damien, maar ze is ziek, dus het zal voor morgen zijn. Dat laat tijd aan Damien om nog wat zijn eindrapport af te werken.

Tegen de avond is Lan terug van bij haar familie. Het was daar herdenkingsdag van ancestors. Het ging dan voornamelijk over de grootmoeder van de grootmoeder, 40 jaar geleden overleden. Het is een feestgelegenheid waar veel gegeten wordt, de hele dag door.

We gaan eten bij secret, maar Lan lust geen rundsvlees. Ach, ons smaakt het in elk geval heel goed.

Daarna willen we nog een bezoekje brengen aan Binh, maar ze zit in het andere bureau, dat heel druk is. Lan wordt er duizelig van en verkiest eerder naar huis te gaan. We later er dus David achter.

We kopen onderweg een Karaoke-VCD voor 5000 dong en thuis zingen we nog wat Vietse karaoke, wat veel gelach teweeg brengt, vooral langs Lan kant omdat Damiens uitspraak heel grappig is.

Sunday, 11 November 2007

58ste dag => Bi A

Vandaag kunnen we wat uitslapen, maar niet te lang. Hung, de student, heeft met ons en een paar andere studenten afgesproken om te gaan poolen. We zijn met zes en spelen in teams van 2. We wisselen regelmatig van teammates. We zijn heel blij te merken dat de studenten wel kunnen poolen en ze volgen de Amerikaanse regels.

We bedenken dat als ze poolen zoals ze bowlen, dat we dan een faire kans hebben. Het eerste spel spelen we samen tegen een student die het redelijk goed kan. Hij trekt de fouten van zijn partner goed op.

Het tweede spel speelt Hung mee in het andere team en hoewel hij heel modest zegt dat hij zal proberen spelen, blijkt hij al snel de beste speler van ons allen te zijn. Zijn knapste truuk is de witte bal zo raken dat die een sprongetje maakt boven een bal die hij niet mocht raken, bij het landen raakt hij een goede bal en de bal is binnen. Een prachtschot. Er was ook wat geluk bij, maar het was wel degelijk zijn bedoeling het sprongetje te wagen. We staan er met onze open mond bij.

We gaan ook nog met hen eten. Het is hetzelfde als onze gewoonlijke “plat du jour”, maar het is stukken lekkerder. Het restaurantje is vrij komiek ingericht en we moeten een trapje op naar een klein eetkamertje op de eerste verdieping. Moeilijk is het om niet op te merken hoe het trapje voor plaatswinning een stuk of vij gehalveerde treden heeft, hoe er een soortgelijk trapje naar de bovenverdieping verdwijnt over een overdekte binnenplaats en leuk detail voor de comminicatiewetenschappers: een oude bakeliettelefoon op een houten hanger hangt stoffig aan de muur. De koks, een bende vrouwen die zittend gehakt samenbrengen of vlees op stokjes zetten zien er redelijk mollig en oud uit. Eentje ervan is het vlees aan het braden boven een bakje kolen dat constant een windwaaier op zich krijgt. Het vlees wordt dus kort op heel hoge temperaturen gebracht. Heeerlijk!

Hierna nemen we ook afscheid van de studenten, de laatste groet eigenlijk en dan gaan we wat rusten.

De namiddag brengt Damien met Lan door op een rustige manier bij haar thuis. De avond wordt op dezelfde manier op het gemakje doorgebracht met wat muziek en veel luieren na een lekkere Banh my Döner Kebab. Behalve een goede droge worst, een goede pint bier en kaas, is het enige dat nog mist een lekkere Dürüm.

Saturday, 10 November 2007

57ste dag => Op stap met de meisjes

Deze ochtend is het eindelijk weer weekend. Gedaan met werken en laten we volop genieten van onze weinige vrije tijd. We zouden naar hue geweest zijn moest het daar nu niet stormen, maar laten we er dan toch iets leuks van doen vandaag. Damien gaat voor een wandelingetje met Lan in het Lenin park, waar ze eigenlijk nog nooit geweest is. Ze vindt het heel ontspannend omdat er zoveel groen is en blijkbaar vindt ze natuur fantastisch. Dat is geen wonder voor iemand van het platteland. Een ritje op de belachelijke coaster brengt haar hart op topsnelheid en ze komt er bibberend uit. Het is beter er niet aan te denken wat ze zou doen moest ze eens in de Black Mamba gaan van Phantasialand (by the way, een fantastische coaster en echte aanrader).

Tegen dat we rond het grote meer gewandeld zijn is ze zodanig moe dat ze liever wil gaan rusten. Tja…

De maaltijd gaan we delen met David en Binh in ons lekkere restaurantje. Daar krijgen we weer een joint lesson Viets. We leren dingen zoals: “Ik wil hetzelfde als zij”, “zou u meer van dit kunnen brengen aub?” Dingen die we toch weer vergeten zijn tien minuten later.

De namiddag hebben we een trip gepland naar “The silk village”. Een aanrader volgens sommige Viets. Het ligt op een tiental km van Hanoi en blijkt net zoals Ba Trang lang een gewoon dorpje te zijn waar ze een heleboel winkels hebben gezet waar ze zijde verkopen.

Op de weg ernaartoe verliezen we elkaar constant omdat Binh blijkbaar een doorvlammer is in het verkeer, terwijl Lan meer van het voorzichtige type is. Af en toe moeten we dus stoppen, telefoneren om te vragen waar het is. Allemaal best grappig.

In het dorp vinden we dassen (die echt vreselijk lelijk zijn) en nog een heleboel vreselijk oud uitziende stoffen. Misschien zijn ze mooi in ceremoniële omstandigheden, maar zo los in de winkel trekt het ons niet echt aan.

We zoeken eigenlijk de manufactuur ervan. We moeten niet ver zoeken, want een poosje later zien we al een banner hangen boven straat waar ze duiden op een bezoekbaar atelier op 30 m. 30 meter verder horen we wel veel kabaal, maar zien we niets dat op een atelier lijkt. We wagen ons toch op de binnenplaats en er komt snel een vrouw op ons af om ons binnen te trekken waar een man in de 70dB door aan het slapen is en drie weefgetouwen zien. Bij het binnen komen schudt de vrouw de man wakker die een beetje verdwaasd bij een weefgetouw gaat zitten, maar hij moet er niets doen, dus zit hij daar maar. Het tandwielennetwerk doorspekt met houten stukken die willekeurig geassembleerd lijken te zijn is wel indrukwekkend.

We worden daarna natuurlijk uitgenodigd in de winkel, maar vinden daar niets naar onze smaak.

Wel ja, veel meer is er hier niet te zien, dus spreken we snel af dat we naar de allereerste unief van Hanoi zouden gaan en we zijn weer op weg. Ineens ziet Damien ook een hangbord hangen boven een cafe waar op staat: Bi A. En ineens valt de dong: Billiards wordt biaaaaa uitgesproken in het Viets. Ongetwijfeld een overving van het Frans. Dat is dus weer een woordje voor de collectie. We hebben reeds vernoemd: socola, banh my, bia, ca phe en nu komt er ook bi a bij.

Onderweg vindt Binh ons ineens en David laat met een grote grijns weten dat die eerste universiteit eigenlijk de Hanoi Literature Temple is, hetgene we al eens bezocht hebben. Tja, dan maar bij Lan gaan met zijn allen voor een spelletje jungle speed.

Onderweg vinden we nog enkele fruitwinkeltjes langs de weg en nu onze tijd geteld is willen we toch dringend wat uitproberen. We kopen dan ook allerlei fruit dat we nog niet gegeten hebben. Dankzij de koopvaardigheid van Lan krijgen we ferme kortingen. We hebben iets van een 4kg fruit voor 95000 dong, 5 euro dus. En daarvan is de helft voor een fruit dat eigenlijk buiten seizoen is. We smullen er dan ook op los en het is een extase voor de smaakpapillen.

Binh is niet echt het type voor Jungle Speed, maar we kunnen toch redelijk veel plezier maken. Dit houden we nog een uurtje vol en dan vallen we allemaal zo een beetje in slaap.

Wanneer Damien weer wakker wordt is David spoorloos verdwenen, Binh is bij de kapper hiernaast en heeft daar blijkbaar ook een douche genomen, Lan is aan de telefoon. Ze kondigt aan dat we naar een verjaardagsfeestje gaan van haar beste vriendin. We laten de zak fruit achter voor David omdat we vermoeden dat hij nog naar de student home zal gaan en vertrekken. Lan neemt Damien naar een buitenwijk van Hanoi waar ze de vriendin die nog kleiner is dan Lan ontmoet. Samen kopen we wat in voor de party in de lokale supermarkt en ze kondigen dan aan dat Damien maar even alleen moet blijven. Er is een pc voorhanden met internet, maar dat is niet zo interessant.

Een kwartier later komen ze terug en beginnen ze aan de voorbereidingen voor het feestje. Nog eens een half uurtje later komen de eerste gasten. De party houdt in dat we allemaal rond de snacks gaan zitten en ervan eten terwijl we gezellig kletsen. Voor Damien houdt dat natuurlijk in dat er meer gegeten wordt dan geklets. Ineens laat David weten dat hij in het Mausoleumpark van Ho Chi Minh is. Bij het horen hiervan wil Lan onmiddellijk gaan.

We nemen dus afscheid van de vier gasten en de gastvrouw (Damien moet een zinnetje opzeggen van Lan dat zoiets betekent als: “Gegroet bent u allen. Tot volgende keer”, wat geen tien minuten later weer volledig vergeten wordt)

Het Mausoleumpark ziet er volledig anders uit dan de vorige keer toen we hier om 23:30 waren. Nu loopt het vol van het volk. Voornamelijk koppeltjes die van de romantiek van de belichting willen genieten. De belichting is inderdaad heel gezellig en de sfeer is er best leuk. We vinden vrij snel David en Binh en terwijl we op het gemakje verder stappen worden mensen van rondom de Vietnamese vlag gehaald door een aantal soldaten. Er wordt een groot vierkant vrij gemaakt rond vlag van zowat 50 m2 en de stilte breidt zich uit over het plein. Nieuwsgierig gaan we erbij staan om te zien wat er gaat gebeuren.

We hoeven niet lang te wachten opdat er een troep soldaten komt opmarcheren met een pas die sterk doet denken aan de Duitse soldaten van de tweede wereld oorlog. Ze komen in mooie formatie bij de vlag en halen deze heel ceremonieel naar beneden. Ik ben geen militarist en vindt het stijve gedoe best grappig, maar ik kan me inbeelden dat er mensen, misschien sommigen van onze lezers, dit protocol heel interessant vinden. Wel, ik heb er een video van opgenomen…

Na dit ceremoniële gedoe willen we ons naar de brommertjes begeven, maar het volk stroomt er nu met massa’s naartoe, dus is het beter nog even te wachten. Ondertussen speelt Lan een vrij komiek spel met David waarbij je moet hinken op een been met het andere genesteld aan het been van de andere persoon. Uitputtend lijkt het wel.

Het is nu toch redelijk laat, maar Binh heeft nog honger. Dus gaat ze dan nog maar eten met David. De rest gaat liever slapen.

Friday, 9 November 2007

56ste dag => Partyyyyyyyyy

Vandaag gebeurt overdag niet zoveel specials. Het is pas de avond dat er iets moet gebeuren: Dr. Hung organiseert een afscheidsparty. David moet het al een hele week horen: arrangementen op het forum van het lab, voorbereidingen wordt gemaakt. David laat een stuk van het forum vertalen door Binh. Het blijkt dat er gewoon ook zijn CV online staat. Waarom dat in godsnaam moest is David een raadsel. Ondertussen kennen we de Vietse gewoonten nu ook wel en het feit dat er ooit een student naar David is gekomen in volle verbazing over Davids CV, dat Dr. Hung ineens met volle lof over David sprak met Dr. Steenhaut en de constante bewondering die in de ogen fonkelt van de studenten laat geen twijfel meer mogelijk: Dr. Hung schept op bij de studenten over David. Hij maakt van David een soort held waar iedereen op moet lijken. Misschien wordt David gebruikt als reclamestunt voor Dr. Hungs lab…

De spontaneïteit van de party is echter volledig zoek! Er bestaat zelf een todo voor de party! Hoe fout kan het zijn? Zo wordt er bijvoorbeeld gepland dat we eerst een stuk of zes liedjes gaan moeten “performen” met een valse gitaar. Het blijkt kartonnen dingen te zijn gedrapeerd met zilverpapier waaraan vier oude gitaarsnaren zijn bevestigd. Het ding ziet er vreselijk kitsch uit.

Vervolgens gaat er een Miss Lab-verkiezing zijn indien er genoeg interesse is en vooral, indien er genoeg meisjes zijn (dat zou nog weleens een probleem kunnen zijn)

Daarna gaan we gezellig een film in surround kijken: Transformers (aaaaarghhhh). Ergens tussen in gaan we ook eens op het dak omdat Dr. Hung de sleutel van de dakdeur heeft! (gniffel gniffel. Binnenkort zullen we een blog opzetten met de gekke dakavonturen in Viet Nam)

Eerst moeten we nog zorgen voor wat videootjes voor onze performances. We willen toch die Viets wat cultuur bijbrengen dus zoeken we videos van Hooverphonic, Ozark Henry, Admiral Freebee en bij gebrek aan meer gepasts, Within temptation (ik weet het, ik weet het, het zijn Nederlanders, maar David is een volledig verbelgte Nederlander, dus dat maakt niet veel uit!)

Dr. Hue valt ineens binnen terwijl iedereen nog volop bezig is met de voorbereidingen voor de party. We moeten het echter kort houden met Dr. Hue omdat het bijna tijd is. We spreken met hem af voor de fietsen en om wat foto’s te bezichtigen met ons op maandag namiddag.

De studenten zijn ondertussen druk bezig met Dr. Hung om het surroundsysteem correct te laten werken. Ze prutsen aan de wirwar van kabels, kijken soms verslagen rond met een blik op oneindig, laten elke keer weer het irritante repetitieve surroundtestdeuntje spelen die normaalgezien door elke geluidsbox zou moeten gaan maar bij gebrek aan beter ping-ponged tussen de enige drie werkende boxen. Ondertussen is een andere student liedjes voor onze performance aan het zoeken en af en toe speelt hij er eentje af. Wie zich afvraagt hoe surrounddeuntje met Rhapsody (Symphonic metal groep) klinkt moet zijn nieuwsgierigheid maar beter wat in toom houden. Het is in elk geval niet om aan te horen! Het hele tafereel wordt doorspect met de charmes van de vietnamese taal (met keelgeluiden enz) en wanneer we dit als toeschouwers zien bedenken we toch dat Viet Nam een magnifiek land is. Al dat gepruts, en we weten dat het uiteindelijk zal werken. Al die chaos, zo typisch, zoveel Vietse charme gecondenseerd in een paar minuten puur plezier. Het geeft ons zin om een zakdoek boven te halen! Wat gaan we Vietnam toch missen…

Ondertussen zien we nog wat volk binnen stromen. We hebben al het spectaculaire aantal van 3 meisjes voor 8 jongens (ons niet inbegrepen). Nog eens een half uurtje later zijn we voltallig, wat het totaal brengt op 10 jongens en vier meisjes. Ineens zien we ook Dr. Tienh snel door het lab lopen in prachtig kostuum. Hij verdwijnt achter het tussenschot dat de studentenruimte afscheidt van de profruimte.

Dan wordt het tijd om te beginnen en Dr. Hung opent de party met een speech, dat vertaald wordt door een meisje dat nog niet zo lang in het lab is. Het gaat voornamelijk over een traditionele verwelkoming en de hoop dat alles plezierig zal zijn etc. “Etc” omdat het meisje niet kan volgen en 9/10 van de speech gaat verloren. Het blijkt echter dat we vrij snel moeten beginnen met onze performance, als openingsnummer. We vloeken binnensmonds en gieten nog snel ongezien een ad fundum Viet biertje binnen, met de hoop dat het ons gemakkelijker gaat vergaan, maar je kan even goed een glas water ad fundum drinken…

We zetten meteen een meeslepend liedje in: Franz Ferdinand - The Fallen om er in te komen. Het liedje is echter vrij monotoon en biedt weinig mogelijkheid tot gekke stoten met een fake gitaar. Het tweede liedje is Nirvana - Smells like teen spirit, wat al veel meer gekheden toelaat en David laat zich goed gaan in belachelijke floor slides, hevige gitaarbewegingen en andere stoten. Hij krijgt hevig gejuich als antwoord. Het derde liedje is het met gevoel beladen System of a down - Chop Suey, dat hevig afwisselt met prachtige gitaarstukjes. Dat laat toe meer gevoel in de bewegingen te brengen, maar het publiek vindt het blijkbaar saai. We hadden ook niet anders verwacht als je kijkt naar wat voor videoclips zij meestal kijken…

Maar bon, we zijn heel blij als we onze plaatsen terug mogen innemen en de meisjes het moeten overnemen met een karaokeliedje. Het is een fiasco omdat ze veel te verlegen zijn en de jongens van de klas helpen hen graag door mee te zingen. Het hele tafereel is gewoon grandioos fout, zoals gezien kan worden in de video’s die we opgenomen hebben.

Daarna volgt de missverkiezing waarop de meisjes één voor één een hoop vragen krijgen waar ze zo eerlijk mogelijk op moeten antwoorden. Het eerste meisje is zo verlegen dat er niet veel deftigs uit komt. Ook de vragen zijn nog wat stroef omdat er wat gebrek is aan inspiratie. Het tweede meisje is Hue. Ze is heel zelfzeker, heeft een sterk karakter (op het slechte af) en heeft al een vriend. De jongens zijn duidelijk minder geïnteresseerd in haar. Damien vraagt haar (via tolk) wat haar favoriete plek in Viet Nam is. Hierop antwoordt ze dat ze het liefst bij de rivier zit in haar geboortedorp. Ineens begint ze ook een traditioneel liedje te zingen van die streek. (later hebben we het liedje laten horen aan Lan die onmiddellijk wist uit welke streek die Hue komt) Het derde meisje is Oanh, waarmee we ook op Linux trip zijn gegaan. Zij moet het even doen met een lange stilte totdat Damien op haar af komt met een Duvel en een geribbeld plastic bekertje. De opdracht is dat indien ze het kan inschenken zodat er 8/10 bier is en 2/10 schuim, ze zijn stem krijgt. Eerst kapt ze de fles gewoon radicaal om, met veel schuim op de grond als gevolg, dan probeert ze het zachtjes te gieten, maar het bier op kamertemperatuur schuimt hevig in contact met de ribbeltjes van de beker. Het resultaat is 8/10 schuim en 2/10 bier. Damien toont daarna hoe het moet en slaagt er in haar schuim al doende ook weg te werken.

Ondertussen krijgt ze nog andere vragen, maar interesse voor haar is er niet echt. Het laatste meisje daarentegen krijgt een hele stroom van vragen op haar afgevuurd, zelfs van Dr. Hung. Het lijkt wel of ze vragen voor haar hebben opgespaard… We hebben zowat een voorgevoel over wie zal winnen. De vragen zijn in het algemeen toch heel serieus bedoeld en niet zozeer geaxeerd op gek plezier. We zouden het toch wat anders aanpakken...

We krabbelen snel een kruisje naast de naam op een briefje en dan is het tijd voor Transformers in surround. We zien hiervoor ineens Tien verschijnen van achter het tussenschot om weer snel te verdwijnen. Nu moet u weten, beste lezer, dat Dr. Hung in Spanje gedoctoreerd heeft en hij eens gezegd heeft dat hij niet zo graag Duitsland en Duitsers heeft. Dat hij veel meer voor de hartelijke Spanjaarden voelt. Toen hij het vertelde klonk het allemaal redelijk onschuldig, maar we weten nu ook dat Dr. Tien in Duitsland heeft gedoctoreerd en enorm hard werkt in het lab. Hij wordt door Dr. Hung net zoals de studenten behandeld en hem nu zo schichtig zien doen brengt al deze coherente data in ons beneveld brein op => slappe lach.

Maar bon, wie een beetje van surround kent, zal meteen merken wat er mis is aan de plaatsing van de geluidsboxen op deze manier:

De streep rechts is het scherm, de cirkels zijn mensen, de zwarte vierkanten zijn de boxen. Ik noem het graag Vietnamese Style Surround, oftewel: Inline Surround. Geeft prachtige geluidseffecten!

Niet dat het veel uitmaakt hoor. De film is zoals algemeen gekend een prachtstuk op vlak van special effects, maar heeft een grondig mankement aan verhaallijn en is bovendien doorspekt met Amerikanisering. Het heeft ook geen ondertiteling, waardoor er slechts 1 student echt kan volgen… Vooral de laatste rij met iedereen bijeen geplakt, waar wij ook tussen zitten, is lustig aan het spreken over allerlei andere dingen, aan het chatten of andere bezigheden. David is ook aan het afspreken om te gaan poolen met de studenten. Gelukkig lijken de 140 minuten niet zo lang als ze zijn. Ondertussen hebben we moeite om al dat goede bier dat hier zo duur is verkwist te zien. De studenten drinken er bijna niets van en we drinken zo goed als kan ongezien enkele van hun bekers leeg. Maar ja, we willen vanavond nog wat doen en het is niet de bedoeling dat we dat volledig dronken doen, dus blijft er veel over. Wat een zonde!

We zijn blij als het dan eindelijk 21u is. Van het dak is niets in huis gekomen. Tijdens het naar beneden gaan becomplimenteren we Dr. Hung voor de piekfijn georganiseerde party en ook de film. Hij heeft er ongetwijfeld veel moeite voor moeten doen om dat te downloaden (piekdownloadsnelheden van 15 kB/s)

Het was wel een onvergetelijke party, alleen zijn we beter gewoon in Viet Nam en is het onvergetelijke karakter ergens anders gelegen dan Dr. Hung voorzien had…

Die avond houden we het voor de rest nog rustig, elk aan onze eigen kant.

Thursday, 8 November 2007

55ste dag => Familiebezoekjes

Vandaag wil Lan iets speciaals doen. Ze zegt iets over gia lam, wat in het woordenboek vertaald wordt als pagoda. Aha, een leuk cultureel uitstapjes dus… Dus gaat Damien batterijen kopen, wat eigenlijk zwaarder valt dan gedacht omdat batterijen niet zo gemakkelijk te vinden zijn. Uiteindelijk toch batterijen gevonden voor 50 eurocent het stuk, hehehe. Lan brengt Damien net buiten Hanoi, dichtbij Bat Trang. Ze zoeft door smalle straatjes van 90cm breed met haar brommertje, neemt de 90 graden bochten heel professioneel en stopt ineens aan een winkeltje, een kruidenierszaak. Ze koopt er yoghurt en chocomelkjes. Dit wordt toch een heel rare culturele uitstap, bedenkt Damien ineens. Een beetje verder het doolhof in komen we ineens aan een huis waar een oud vrouwtje ons vriendelijk, maar zakelijk begroet. Onmiddellijk komt uit een verloren hoek van de woonkamer een kind van 3 op Lan af om met volle vaart in haar armen te springen. Nu wordt het allemaal duidelijk: Dit is het jongetje dat ze zo goed verzorgd heeft de twee eerste jaren van zijn leven. Hij is duidelijk dol op haar. We blijven er nog een uurtje zitten. Lan leert het jongetje heel veel dingen. De jongen kent bijvoorbeeld al het alfabet, de namen van de meest bekende vormpjes (vierkant, cirkel, cilinder, parallellepipedum, …) namen van een heleboel dieren, kleuren uiteraard en hij spreekt heel goed Viet waarop Damien jaloers kan zijn. Het is amper te geloven dat deze jongen 3 is. In België mogen we al blij zijn als een jongen van vier het niveau heeft van dit mannetje. De grootmoeder is inderdaad heel erg zakelijk en wil de yoghurtjes al voor haar eigen voorraad inslaan.

De grootvader, die laat thuis komt van het werk is gek op zijn kleinzoontje en dat is wederzijds. Het is dus snel duidelijk dat het voor het jongetje redelijk moeilijk moest geweest zijn.

Lan is blijkbaar in haar nopjes en wil naar een volgende familielid. Eerst gaan we echter eten, weer de “lekkere” kippenpootjes (Damien richt zich vooral op kippenvleugels).

De familie waar we nu gaan is blijkbaar een tante van Lan. Eigenlijk is het de dochter van de zus van de grootmoeder van Lan langs moederkant. Ze is even oud als Lans moeder. Zij hebben een kruidenierszaak die goed blijkt te draaien. Er wordt een bier in de handen van Damien gestoken, maar hij vraagt The. Ze willen hem echter geen thee geven vooraleer hij bier drinkt. Ondertussen kletst Lan er weer op haar vrolijke manier op los en Damien verstaat hier en daar woordjes. Het gaat weer over onze gekke avonturen in Hanoi.

Na een uurtje mogen we weer vertrekken en we keren huiswaarts.

Wednesday, 7 November 2007

54ste dag => Levenssparing gestolen

Vandaag hebben we afgesproken met Binh om het geld van de geannuleerde ticketten terug te krijgen. We nemen Lan ook mee. Het lijkt eens interessant om te zien hoe deze twee werelden met elkaar zullen interageren. Het zijn twee volledig gescheiden werelden en de kloof is heel groot.

Het blijkt dat ze wel redelijk goed overeen kunnen komen. Ze spreken vrij snel over koetjes en kalfjes met elkaar. Omdat ze moet wachten tot sluitingstijd gaan we even een Vietnamese pitta döner kebap halen. Het wordt hier gegeven in een driehoekig broodje.

Net na het eten horen we ineens hysterische kregen van de overkant van de straat. Een vrouw rent gillend uit haar winkeltje, wild met de armen zwaaiend. Lan grijpt Damiens hand stevig vast en bijt op haar onderlip, Binh kijkt heel serieus: De laptop van de vrouw is gestolen terwijl ze haar rug even naar de “klant” had gekeerd. Mensen, Viets uiteraard, komen van overal naar de vrouw toe om haar te proberen troosten, maar niet goed wetend hoe. Een laptop is hier voor de doorsnee persoon een levenslange sparing. Als dat verdwijnt kunnen we ons best inbeelden dat het een ramp is. De vrouw is niet te troosten, ze snikt hevig terwijl ze overal heen en weer loopt. Gejammer door de tranen heen, het is hartverscheurend. We voelen ons echt slecht, vol medeleven voor wat haar overvalt.

Binh kan een beetje kletsen met andere mensen in de buurt en het is slechts de tweede keer in jaren dat zoiets gebeurd. De politie kan ook niet helpen. De eerste keer werd gewoon een gsm van 800euro die op een bureau lag gestolen, wat al meer normaal is. Ook dat was in de tijd een ramp.

Na de dienst van Binh hebben we nog zin om iets te gaan drinken en we gaan weer in het cafetje van Toon. Deze keer proberen we behalve de klassieke sinh to du du ook een sinh to mang cau, wat sterk lijkt op yoghurt en helemaal niet slecht is.

Tuesday, 6 November 2007

53ste dag => Ratatouille met rupsen

Lan heeft gevraagd aan Damien een beetje Engels te geven en Damien gaat zich vandaag daarmee bezig houden. Het kan geen kwaad haar te helpen. Ze leert ook heel snel, vooral omdat ze ooit al Engels had en het nu snel weer terug in haar geheugen springt. Wel, als het haar gaat helpen om gemakkelijker weer aan het Engels te komen en zo verder naar een betere job kan leiden, dan is dit wel degelijk ontwikkelingshulp. En daar wil Damien met veel plezier aan meedoen!

De avond vragen we ons af of Lan ooit naar de bios is gegaan. Dat valt waarschijnlijk ver buiten haar betaalbare grenzen. We kunnen haar overtuigen om het eens te proberen en samen gaan we eerst een maaltijdje eten. We vinden een rijsttent waar ze dingen verkopen dat we tot nu toe nog niet gezien hebben: Rupsen. Ook verkopen ze mini-sardientjes, geroosterd. Damien heeft wel zin in een culinair experimentje en wil 5 rupsjes vragen. Hij krijgt echter de volle pot. Daar zit hij dan met zijn 20 rupsjes. Hopelijk zijn ze lekker.

Eens gezeten wil David als eerste proeven. Het is nu spijtig dat we het fototoestel niet meehebben, want deze keer kan David zijn pokerface niet boven halen. Zijn gezicht vertrekt onmiddellijk. Tja, als je iets krokants verwacht en je je merkt ineens dat het binnenste zo een beetje vloeibaar is, dan heb je even een cultuurschok.

Damien laat zich toch niet afschrikken, en Lan vindt het lekker. Het smaakt eigenlijk een beetje zoals erwten. Slecht is het zeker niet. We eten wel garnalen, dus waarom ook geen rupsen?

In de bios is het even moeilijk te kiezen omdat we niets weten over Lans filmkeuzes (behalve dat ze graag Koreaanse films ziet) en omdat David en Damiens filmvoorkeuren anders liggen. Ach, met Ratatouille kunnen we niet mis doen he. Het bioskoopticket is op zich niet zo duur: 2,45€, maar is duidelijk alleen toegankelijk voor de middenklasse. Het bioskoopcomplex is vergelijkbaar met de onze, op het feit na dat hier bijna geen kat is. Tijdens de trailer merken we al meteen waar we in gestapt zijn met Lan. Ze schrikt zich te pletter bij de vele explosies van de actiefilm. Ineens twijfelen we eraan of ze snel genoeg leest voor de ondertitels.

Wanneer de film begint blijkt dat wel ok te zijn. Ze lacht zich te pletter met elk mopje bijna, maar de leuke, typische pixar-details ontgaan haar. Ze schrikt zich ook telkens een bult als er een bliksem inslaat of iets dergelijks. Het is ook hilarisch dat ze enkele Engelse woorden herkent en deze met veel plezier herhaalt. De uitdrukkingen die we van haar gewoon zijn zoals: “oh no!” en “All right” of nog “hou la la” komen er weer lustig uit. Het is allemaal puur genot. Het is echt leuk iemand zo gemakkelijk, met zo weinig zo gelukkig te kunnen maken. We zijn ook blij dat we geen zware film gekozen hebben. Het zou haar totaal anders bekomen!

Nu is het tenminste alweer een geslaagde avond!

Monday, 5 November 2007

52ste dag => Hue onder water

Vandaag weer de eerste werkdag van de week en Lan gaat vandaag naar haar familie. Misschien kunnen we nog iets doen met haar deze avond. Overdag gebeurt er in elk geval niet zoveel. We zien het einde van onze fantastische reis nader komen en het wordt steeds moeilijker om te werken.

De avond gaat David terug bij Binh proberen gaan. Het is een beetje hopen dat ze op hetzelfde bureau zal zitten, want ze werkt eigenlijk op twee plaatsen.

Damien gaat mi-xao eten in het lekkere restaurantje waar hij tot zijn afgrijzen Amerikanen ziet. Als die hier ook al komen verliest het restaurantje al zijn charme.

Terwijl Damien met Lan afspreekt om nog wat foto’s te bekijken slaagt David er in Binh te vinden en haar langs de neus weg uit te nodigen om met hem naar Hue te gaan ipv Damien, omdat hij namelijk zijn ticket wil aflassen. Binh wil meteen gaan, maar ze heeft te kampen met een aantal problemen op vlak van organisatie. Hoe vrij krijgen van haar baas? Ze laat echter weten dat er hevige storm is in Hue en het best is niet te gaan. Ze wil haar werk weer vroegtijdig verlaten, maar haar baas komt nog eens kijken, waardoor ze fameus onder haar voeten krijgt. Op heterdaad betrapt. Om 21u had Binh afgesproken met een vriendin van haar en samen gaan ze met David nog iets drinken. De vriendin geeft Vietnamese lessen aan buitenlanders en beide meisjes zijn schoonheden. David is in zijn nopjes, net zoals de meisjes. Nu wordt het toch heel spijtig dat we Viet Nam moeten verlaten.

We hebben allemaal op ons eigen manier een fantastische avond en we bedenken dat het leven toch mooi is…

Sunday, 4 November 2007

51ste dag => Bat Trang Lang

Normaal gezien zouden we nu op Phuc moeten wachten voor de student home om 9u. Als Phuc er om 9:10 nog altijd niet is proberen we hem te bereiken, maar tevergeefs. Geen Phuc te zien. Damien blijft ook treuzelen en David zit te bedenken dat hij nog steeds geen orchidee (Lan), koffie (Phuc) of zure vermicelli (dam mien) ziet. Ook weten we dat Tum hart betekent en dat hoang gram betekent (dat is dan minder poëtisch), Huong is parfum, Oanh is een blauwe vogel. Aan originele namen mankeren ze hier niet!

In de zoektocht naar een backup plan voor vandaag gaat David maar informatie vragen aan Chris. Ze geeft meteen genoeg plaatsen om te bezoeken voor een week, met bijhorende busstops en -tijden. De 'pottery village' (Bat Tran) en de 'silk village' schijnen wel het mooiste te zijn.

Tegen 11u vertrekken we dan maar naar Bat Tran village. We gaan met een brommertje en een fiets.
Bat Trang village is een dorpje dat voornamelijk door Viets wordt bezocht. We zien er eigenlijk geen toeristen. Wat ze het oude dorp noemen blijkt gewoon een marktplaats te zijn waar ze allerlei lemen dingen verkopen. We stellen voor Lan een zeer leuke armband samen die eenvoudig zegt: “Hinh or Mao”, wat slaat op “Vorm of kleur” voor Jungle Speed, hetgene ons toch enkele goede lachmomenten heeft bezorgd.

Damien ziet het wel zitten om een theesetje te kopen, maar ze combineren slecht de theepot met de theekopjes, dus kopen we niets. Alles is hier wel bijzonder goedkoop. Voor mensen die het graag hebben kan dit dorpje heel interessant zijn.

Daarna, omdat we toch in de buurt zijn, gaan we familie bezoeken van Lan. Een tante die verhuisd is door te trouwen en nu een eetwinkeltje uitbaat. Ze is in tegenstelling tot de ouders van Lan niet arm, maar ze heeft het goed. We maken kennis met de kinderliefde die Lan in zich heeft als ze speelt met haar neefjes, die bijzonder grappig zijn. De ene leert Engels op school en kan het al redelijk goed, de ander is nog een kleuter die alleen denkt aan spelen, en hij doet het ook met volle genot.

We volgen Lan ook naar een schoenwinkel waar ze 80000 dong betaalt voor sportschoenen, wat veel is volgens haar normen. Als we haar dan vertellen dat David 140000 betaald heeft voor sandalen voelt ze zich plots een stuk beter, hehe.

We worden ook bij het avondmaal uitgenodigd. Ze vragen ons of we hond willen. Omdat we toch eens twee keer moeten proeven om een deftig beeld te hebben van wat het is stemmen we toe. We krijgen tijdens de maaltijd dubieuze rijstwijn, maar kunnen gelukkig de schade beperken tot 4 kleine glaasjes.

De hond is lekkerder omdat deze rijker gekruid is. De worstjes van lever of zoiets is ook lekkerder. Er is ook beenhesp (ook van hond he) te eten en helaas een sausje gemaakt van allerlei ingewanden dat een vreselijke geur verspreid en spijtig genoeg de rest bederft. Een keer proeven is genoeg om de hele maaltijd om zeep te helpen. We moeten ons echt inhouden om niet te kokhalzen.

Gelukkig komt de thee redelijk snel daarna. De sterke bitterheid verjaagd elke viezigheid en we kunnen weer rustig ademen.

We nemen afscheid van de ontvankelijke familie waarbij we nu we toch een beetje meer Viets kennen veel plezier gemaakt hebben met Lans tante. Vooral voor Lan was het leuk, wat ons duidelijk maakt dat ze er ook heel veel van genoten heeft.

Om de dag perfect te eindigen wil Lan met ons nog naar die kerk gaan. Onderweg is er weer file en door een verkeerde weg te nemen moeten we door de vreselijke kou drie kwart uur zoeken naar onze bestemming. We vinden deze uiteindelijk gelukkig wel, maar het blijkt ineens veranderd te zijn. Lan wil met ons naar de nachtmarkt. Het blijkt dat ze dit ook wilde doen die ene avond dat we domweg door het oude centrum gelopen hebben voor niets. Maar ja, de markt is er alleen in het weekend.

Lan geniet er fameus van. Ze blijft een beetje overal hangen, dit duidelijk niet gewoon. We heeft de markt nog maar een keer in haar leven gezien. Het is waar dat het gezellig is allemaal. Veel licht, veel volk, uitheemse (voor ons dan toch) waren allerhande en achtergrondmuziek maakt het tafereel compleet. Wat het verloop ervan betreft is het vergelijkbaar met onze markten, op het geroep van de marktkramers na. Deze is namelijk niet aanwezig hier.

We gaan de markt twee keer rond en keren terug naar het brommertje en fiets. We willen nog wat drinken, vooral David dan, omdat hij toch een serieus aantal kilometertjes in de benen heeft.

We gaan in de Hang Hanh straat in het cafetje waar we met Toon gingen. Het is er redelijk goedkoop en hun vruchtensappen zijn helemaal niet slecht.

Na dit keren we huiswaarts. Voor Lan was de dag perfect en dat maakt de dag echt compleet!

Saturday, 3 November 2007

50ste dag => De waarheid achter de glimlach

Deze ochtend heeft Lan alles uitgelegd aan Damien. De situatie is veel desastreuzer voor haar als we dachten. Ze komt uit een arme familie, dat wisten we al. Haar broer moet onderhouden worden, dat wisten we ook. Wat we echter niet wisten is dat ze school heeft moeten opgeven om haar ouders te kunnen helpen rond te komen. Ze is reeds op vroege leeftijd met de realiteit geconfronteerd geraakt. Lange werkdagen, dat eigenlijk uitsloverij is, omdat de werkgevers hier goden zijn, omdat er zoveel vraag naar werk is, en dat de werknemer nergens staat, wanhopig om een werkje te vinden, wat het werk ook is. Ze heeft blijkbaar ook een groot hart omdat ze wil zorgen voor een neefje dat met gescheiden ouders ziet en een gierige, nalatige grootmoeder moet leven. Ondertussen slaagt ze erin geld te sparen voor later. Daarvoor moet ze af en toe een maaltijd overslaan. Van luxe is geen sprake en de drempel om iets luxe te noemen is hier bijzonder laag. Mijn kamer hier in Hanoi is al luxueus voor haar.

Dat ze nu 30 dagen per maand moet kloppen om rond te komen is ongelooflijk. En het erge is dat ze niet de enige is. Zo zijn er nog verhalen die hierop sterk gelijken. Misschien denken mensen dat dit niets te doen heeft op deze blog, maar als het zo frekwent is, dan maakt het deel uit van de Vietse cultuur. Een hard leven, gemaskerd door vriendelijke gezichten. Altijd blij uitziend, maar diep vanbinnen, aan de rand van de wanhoop. Een sterke zin en gevoel voor overleving, altijd met een lach. Het Vietnamese volk is bijzonder moedig. Na alle oorlogen, na alle vrijvechterijen komt het land eindelijk tot rust, maar dat betekent niet dat het volk er goed bij zit. Het is waar dat het zuiden van het land het beter heeft, en dat het technologieparadox hier degelijk aanwezig is, maar Vietnam kan nog niet zo snel als men denkt van zijn statuut van ontwikkelingsland af geraken. Er is nog veel mis en evolutie gaat traag. 20 jaar na de laatste zware crisis is de situatie al goed gevorderd, maar ik denk dat we nog wat zullen moeten wachten vooraleer we Vietnam een leefbaar land gaan kunnen noemen.

Dit is toch even zwaarder te slikken dan verwacht, maar dat ze Damien zo in vertrouwen neemt is een goed teken. De afspraak voor morgen wordt bevestigd. Wat kunnen we anders geven dan een beetje plezier aan dit meisje. Iets om er een beetje uit te stappen? Er het beste van maken, zodat ze haar miserie, als is het maar even, volledig te kunnen vergeten.

Tegen 12u komt Damien bij David aan en samen gaan we de typische middagschotel eten. Het verhaal van Lan doet David even hard schrikken.

Hai heeft ook laten weten, niet lang geleden dat de afspraak afgezegd moet worden omdat ze ziek is. Dat maakt ons natuurlijk wat ongelukkig omdat we nu ineens niet weten wat te doen van onze dag en vooral dat onze dagen toch redelijk beperkt zijn nu we bijna terug moeten. Elke verloren minuut is een ramp.

Maar ja, misschien kunnen we ervan profiteren om naar het winkelcentrum te gaan om onze lading souveniers te gaan halen. Waarom ook niet een trip naar Hue plannen voor het laatste weekend. Naar het schijnt is deze oude keizerlijke stad zeer mooi.

Dr. Lan zei dat er dichtbij de student home een agentschap is dat de vliegtuigticketten voor ons kan regelen. We gaan daar dus naartoe en we zijn niet verbaasd te merken dat ze hier geen woord Engels spreken. Dus met woordenboeken, gebaren, papiertjes enz slagen we erin te laten weten dat we 10/11 willen vertrekken en 12/09 willen terugkomen. Het blijkt echter zo dat er geen plaats meer is op het vliegtuig voor 19u. Daarmee verliezen we een dag en David kan zich niet permitteren een dag af te snoepen van de laatste week in Dr. Hungs lab. Ook vrijdagavond geen mogelijkheid, dus is het om zeep. We gaan nog eens proberen in het oude centrum, waar de kans dat er iemand Engels spreekt groter is. Daarmee gaan we tenminste andere mogelijkheden kunnen bespreken.

In het centrum zoeken we een tijdje, al rondkijkend rondfietsend, maar het is toch raar hoe moeilijk het is iets te vinden als je het zoekt. Gewoonlijk zien we hier toeristenbureau’s bij massa’s, nu niets!

We herinneren ons ineens dat er eentje is in de Hang Hanh straat en daar vinden we een bevallig meisje dat heel goed Engels spreekt, alsook fantastisch Frans spreekt. Ze heeft echter een verband op haar rechterkaak. Ze geeft ons de mogelijkheden voor de reis en David gaat al gauw genoeg geld afhalen. Hij moet er echter ver moet gaan en blijft 10 minuten weg. Ondertussen begint het meisje een aangenaam babbeltje te slaan met Damien. Ze vertelt haar naam, wat ze allemaal gestudeerd heeft, is heel geïnteresseerd in ons verhaal hier en wanneer David terug komt gaat het zo gewoon verder. Als echter blijkt dat de trip met het vliegtuig bijna 200$ zou kosten, willen we afhaken. Het alternatief, de trein, is dan zo gek niet. Vooral dat deze ’s nachts reist, wat betekent dat we geen tijd verliezen overdag. Dat lijkt dus de ideale oplossing te zijn.

We blijven lustig spreken over koetjes en kalfjes, het atomium, manneken pis, Belgische politiek (dat voor een land als vietnam belachelijk oogt uiteraard) en zo is het ineens 20:30. We zitten hier dus toevallig 4u te kletsen. Binh, want dat is haar naam, moet stoppen om 21u, maar ze weet dat haar baas niet meer zal langskomen, dus waarom niet eindigen om 20:30? Daarna wil ze naar haar zus gaan, die voor haar gekookt heeft.

Als David haar echter uitnodigt om met ons iets te gaan eten kan ze de uitnodiging niet afslaan en we nemen haar mee naar de plaats waar ze “Secret” serveren, of platter: rund. We geraken onze weg kwijt omdat er nachtmarkt is in het centrum en dat het moeilijk is een alternatieve weg te vinden. We vinden na een aantal keer de weg vragen toch het plekje en het blijkt dat Binh nog nooit zulks gegeten heeft. Ze vindt het wel lekker.

Ze vergezelt ons terug naar huis en verdwijnt weer even snel als ze gekomen is. Welja, ze heeft haar gsm-nummer gegeven, dus kunnen we nog eens met haar afspreken.

Friday, 2 November 2007

49ste dag => Pintje met koffie

Deze avond spreken we af met Phuc (is een merk van koffie in Viet Nam) om 20u. Als alles ok is, heeft Lan vrij genomen vanaf 20u. Eerst moeten we nog even via de kleermaker gaan voor de bijbematingen. Iedereen die ooit een maatpak heeft laten maken weet wat dit met zich meebrengt. Dat heb ik al eens vermeld. Maar als het gaat om bijknippen enz is het nog eens vier keer erger. Het is een lelijke stereotiep, maar het is echt geen wonder dat kleermaker geprefereerd wordt door homoseksuele mannen… David kan er vanop zijn stoel fameus mee lachen, maar het vergaat Damien die het allemaal moet ondergaan.

Gelukkig is het bijna tijd om Phuc te gaan ophalen en geen vijf minuutjes later is hij daar al. Wanneer we bij Lan aankomen blijkt dat ze een lange avond dienst heeft. Het is ook tsjokvol met volk nu. Lan heeft het bijzonder druk en moet omgaan met dronken Laossianen en Koreanen. Het doet enorm pijn om dit allemaal aan te zien. Phuc, die inmiddels een goede vriend van Lan is geworden deelt met zijn visie over dit werk, dat heel veel overeen komt met de onze. We waren gekomen om te eten, dus laten we Lan ook kiezen voor ons. De grap is dat ze frietjes kiest alsook een zeevruchtenschotel. We uiten onze verbazing over de frietjes, altijd die frietjes aan Phuc. Hij zegt dat het prima ingeburgerd is. Dat het volkomen normaal is. Dat ze hier regelmatig frietjes eten. Het is een erfenis van de Franse invloed, net zoals het brood dat gek genoeg Banh Mi heet. Het is ontzettend logisch voor iemand die Frans en Viets kent. Banh is het verzamelwoord voor alle deegwaren, mie de pain is het broodwit.

Na een stuk of 8 pintjes is het tijd voor Phuc om te vertrekken. We spreken nog af voor zondag om samen de grote Katholieke kerk van Hanoi te gaan bezichtigen. Veel conversatie is er eigenlijk niet geweest. Hij is vooral goed in schriftelijk Engels. We hebben wel het ene en het andere geleerd over wat de vrienden van Lan vinden over haar werk. Blijkbaar is zij de enige die het werk graag doet. Op een of andere manier beginnen we er fameus aan te twijfelen en zijn onze vermoedens dat het uit pure noodzaak is groter geworden.

Damien blijft nog even achter om deftig af te spreken voor overmorgen. We zouden graag met haar naar het pottenbakkerijdorp gaan, 15km van Hanoi verwijderd. Morgen heeft David een uitstapje gepland met Hai, het meisje dat goed Engels sprak op het trouwfeest. We beginnen meer en meer Vietnamese schoonheden ter herkennen. In het begin leek iedereen een beetje op elkaar. Nu merken we de mooie trekjes die elke persoon uniek maakt. Hai is een Vietse schoonheid.

Thuis gekomen krijgt Damien nog sms-contact met Lan, vol met openbaringen. Dit vraagt naar meer duidelijkheid en morgenvroeg zal hij even bij haar langsgaan om op papier te communiceren, wat altijd meer duidelijkheid schept.

Thursday, 1 November 2007

48ste dag => Vietse legende

Vandaag moet Damien de presentatie geven voor Dr. Hungs lab. Daarbij zullen enkele studenten aanwezig zijn alsook Dr. Lan en Dr. Steenhaut. De presentatie moet in vloeiend Engels gegeven worden, wat problemen zal opleveren voor de meeste studenten. Dat moet pas in de namiddag en we profiteren van de gelegenheid om even op te zoeken wat die trau cau eigenlijk is. Wel, we gaan even iedereen laten genieten van een stukje algemene cultuur:

Trầu cau

The Betel (Piper betle) is a spice whose leaves have medicinal properties.

The leaves are chewed together with the mineral slaked lime (calcium hydroxide = gebluste kalk) and the areca nut which, by association, is sometimes inaccurately called the "betel nut".

The betel and areca also play an important role in Vietnamese culture. In Vietnamese there is a saying that "the betel begins the conversation", referring to the practice of people chewing betel in formal occasions or "to break the ice" in awkward situational conversations.

The betel leaves and areca nuts are used ceremonially in traditional Vietnamese weddings as well. Based on a folk tale about the origins of these plants, the groom traditionally offer the bride's parents betel leaves and areca nuts (among other things) in exchange for the bride. In more agricultural parts of Vietnam, betel leaves and areca juices start the talk between the groom's parents and the bride's parents about the young couple's marriage.

The betel and areca are such important symbols of love and marriage such that in Vietnamese the phrase "matters of betel and areca" (chuyện trầu cau) is synonymous with marriage.

Here is the folk tale explaining the origin of this Vietnamese tradition:

Story of the betel leaf and the areca nut

There were two twin brothers of the Cao family. Their names were Tan for the eldest brother, and Lang for the youngest one. They got schooling with a Taoist named Chu Chu who lived with his eighteen-year old daughter. He then married her to Tân, and the young couple lived their conjugal life happily. But, Lang found out that his brother treated him less intimately since he got married. In fact, Lang left the house wandering around the country. He reached a larger river and couldn't cross it. Not even a small boat was in the vicinity to transport him to the other side of the river. He was so sad that he kept on weeping till death and was transformed into a lime-stone lying by the river side.

Troubled by the long absence of his brother, Tân went out to look for him. When he reached the riverside he sat on the lime-stone and died by exhaustion and weariness. He was transformed into an areca tree. The young woman in turn was upset by the long absence of her husband and got out for a search. She reached the same place where the areca tree had grown, leaned against the tree and died, transformed into a plant with large piquant leaves climbing on the areca tree. Hearing of this tragic love story, local inhabitants in the area set up a temple to their memory.

One day, King Hùng went by the site and gained knowledge of this story from local people. He ordered his men to take and ground together a leaf of betel, an areca nut and a piece of lime. A juice as red as human blood was squeezed out from the melange. He tasted the juice and found it delicious. Then he recommended the use of betel chewed along with areca nut and lime at every marital ceremony. From this time on, chewing betel became a custom for Vietnamese, and very often they began their conversation with a quid of betel.

Properties

The lime acts to keep the active ingredient of the betel leaf in its freebase or alkaline form, thus enabling it to enter the bloodstream via sublingual absorption. The areca nut contains the alkaloid arecoline, which promotes salivation (the saliva is stained red), and is itself a stimulant. This combination, known as a "betel quid", has been used for several thousand years. Tobacco is sometimes added.

Because of its strong basic properties, calcium hydroxide has varied uses, such as

Health risks

An overdose of Calcium hydroxide can have dangerous symptoms, including

  • Difficulty in breathing
  • Internal bleeding
  • Hypotension
  • Skeletal muscle paralysis, interference with actin-myosin system.
  • An increase in blood pH, which is damaging to the internal organs.

Effects of the areca nut

Carcinogenicity

The International Agency for Research on Cancer (IARC) regards betel nut to be a known human carcinogen. In countries and communities where betel is consumed extensively, there are vastly higher levels of oral cancer, and in Asian countries where it is consumed, oral cancer forms up to 50% of malignant cancers. Betel nut chewers in Taiwan were found to have a twenty-eight times higher risk of acquiring oral cancer. In addition, the mixing with chewing tobacco provides the same dangerous properties as normal chewing tobacco. Although a substantial proportion of the cancers are caused by the tobacco rather than the betel nut and leaves in the quid, according to WHO, betel chewing without tobacco also leads to cancer of the mouth.

Teeth

Regular betel chewing causes the teeth and gums to be stained red. It is believed to reduce the incidence of cavities, and toothpastes were once produced containing betel extracts. However, the increase in mouth ulcers and gum deterioration (leading to total loss of teeth) caused by betel chewing outweigh any positive effects.
Extensive use colour the teeth black. In Vietnam, woman used to be considered to be a beauty ideal if they had black teeth. This habit is still popular amongst the elderly, but there is some alarming news released from the BHP (Bureau of Health Promotion) which shows that the habit of betel nut chewing is entering younger age groups and spreading across different professions.

Habit-forming

Betel chewing is addictive, and some practitioners consume vast quantities. The government of Pakistan has ruled that packets of betel nut must carry health warnings similar to those on cigarette packs, reports Asiaweek magazine. The magazine notes that millions of people in southern Asia are addicted to pan masala, a mixture of betel nut and various oils and other ingredients wrapped in a betel leaf. This is meant to be chewed. India had already placed warnings on packets of betel nut because of a reported link with cancer of the mouth. Children have also been known to choke to death on betel nut. Pakistan’s new laws will forbid the selling of betel nut to children under five years of age. At one stage during the early 2000 period betel nut was being offered in nightclubs in S.E Australia at an alarming rate. Prices ranged from $1-2 per nut. Its street name is "hurry".

Other harmful effects

According to Medline Plus, "Long-term use has been associated with oral submucous fibrosis (OSF), pre-cancerous oral lesions and squamous cell carcinoma. Acute effects of betel chewing include asthma exacerbation, hypertension, and tachycardia. There may be a higher risk of cancers of the liver, mouth, esophagus, stomach, prostate, cervix, and lung with regular betel use. Other effects can include a possible effect on blood sugar levels, possibly increasing the risk of type 2 diabetes.

When done regularly, betel chewing is considered likely to have harmful effects on health including cancers of the stomach and mouth and damage to gums. Whether this is due to, or exacerbated by, lime being used in betel preparations and the addition of tobacco (in the case of gutka) or other impurities is open to question. It is well known in betel consuming countries that various items, such as opiates and tobacco, can be added to betel preparations to increase the addictive properties, and thus to bolster sales.

Positive effects

MedlinePlus indicates "poor-quality research" showing a possible beneficial effect for sufferers of anaemia during pregnancy. However, it counsels against betel nut chewing due a possible risk of spontaneous abortions. It also indicates "poor-quality studies" showing a possible beneficial effect on schizophrenia and for stroke recovery.

Voila. Als je het allemaal in die volgorde leest, zoals wij gedaan hebben, dan heb je zowat het idee van hoe we ons voelden bij het lezen van dit wikipediaartikeltje… Ik denk dat we Trau cau zullen vermijden in het vervolg...

Maar bon, de presentatie verloopt netjes en snel. Dr. Hung kon het niet laten even zijn technologische snufjes te tonen aan Damien, en passant. Knap zijn ze wel. Die man bereikt wel het ene en het andere.

Na deze presentatie moeten we snel snel iets gaan drinken met de proffen omdat Dr. Steenhaut nog een vergadering heeft hierna. Dr. Hung neemt het heft hier in handen. Onderweg naar de taxi komen we Dr. Hue tegen die ons vraagt hoe het trouwfeest was. En daarbij zien we Dr. Lan kronkelen van verrassing bij het horen van het gedoe met Trau Cau. Zo hebben we haar nog nooit gezien en alleen dat is een een videootje waard. We zijn echter gehaast, dus zullen we later wel verder spreken met Dr. Hue.

Het cafetje waar Dr. Hung ons brengt is bekend bij de zakenmannen hier. Het is gelegen in een straat vol restaurants bereikbaar voor de middenklasse. Het is best gezellig. Dr. Steenhaut doet haar best lof uit te spreken voor Dr. Hung om hem aan te sporen te proberen zijn werkgrenzen uit te breiden. Zijn projecten kunnen in de industrie echt iets betekenen. Ze vertelt ook dat ze trots is op onze geestesinstelling hier in Vietnam. Trots dat haar studentjes zo hun best doen om te integreren.

We blijven hier nog een half uurtje zitten en dan gaan we terug naar de HUT om onze laptop op te halen. We nemen afscheid van Dr. Steenhaut die we niet meer gaan zien.

Die avond houden we het rustig. We eten iets duurder bij de kinderen in het soort frietkot. Ze zijn nog altijd heel blij als ze van ons enkele woordjes Engels horen, maar ze zijn ons ook een beetje gewoon. We weten in elk geval hoe we niet 8 frietjes moeten bestellen. Daarna, uit gewoonte, gaan we weer eentje drinken bij Lan. Ze heeft het echter enorm druk. We slagen er toch in correct af te spreken voor morgen om 20u. Phuc wil ons graag zien en misschien kunnen we er gelijk Lan bij nemen.

Die avond zien we nog Chris, die zo als gewoonlijk nogal mysterieus doet. Ze wil op de gang spreken en terwijl ze kijkt naar gevallen bloemblaadjes spreekt ze over liefde, eenzaamheid en dergelijke.

Wednesday, 31 October 2007

47ste dag => Ceremonie en chillout

Het is zes uur in de ochtend en het is tijd om wakker te worden. Licht sijpelt binnen door de westernlike deuren, die op een kiertje staan. We horen zacht gefluister buiten van de familie van Lan.We voelen ook de warmte binnen komen. Het is allemaal heel gezellig. Uiteindelijk belt ook de wekker. We groeten iedereen op de weg naar het huis van Lan met een goede morgen en vinden vrij snel Lan. Ze had ons proberen bellen, maar zonder succes omdat de gsm af stond.

We krijgen een gigantische portie Pho Bo en voelen ons weer schuldig omdat zij niets eten. We hopen dat ze niets hebben opgeofferd om ons eten te kunnen geven.

Vanaf we klaar zijn met eten moeten we vrij snel weg. Lan trekt ons mee naar buiten. Tijdens de nacht heeft het geregend en de stoffige straten zijn veranderd in een modderpoel. Het is ook meteen veel kouder geworden.

Op het trouwfeest zitten veel mensen te wachten. We worden snel op een stoel gezet ergens goed uit de weg. De spanning ligt hoog en niet veel mensen letten op ons. Eindelijk zijn ze ons gewoon geworden en dat maakt ons blij. De bruid komt erbij voor een fotosessie. Normaalgezien moet een foto met elke gast genomen worden. Het zijn er wel veel, dus we weten dat het niet zal gebeuren. Het valt ons op dat we tot nu toe nog altijd niet de bruidegom gezien hebben.

Hij laat niet te lang op zich wachten, want tien minuutjes later komt hij in een gigantische stoet van familieleden aan. Hij ziet er niet bepaald gelukkig uit. Lan vertelt ons later dat het komt omdat er heel veel gedoe bij komt kijken en dat het niet altijd al te joviaal is. Er worden enkele familiefoto’s genomen door een professionele fotograaf en dan komt de bruid langs, met haar man op de hielen om de lange trouwjurk vast te houden om aan iedere gast thee te serveren. Ze gaat twee keer rond en daarmee is het ritueeltje afgesloten. Een oudere man, wellicht de vader geeft een speech met het karaoketoestel, dus inclusief echo en andere effecten. Het is wellicht iets van dankbetuigingen van de gasten om gekomen te zijn alsook veel gelukwensen aan het nieuwe paar.

De hele stoet vertrekt weer en het bruidpaar wordt in een luxueuse auto gezet, terwijl de families over twee bussen verspreid worden. Zo rijden ze weg en alleen de externe gasten blijven over. Er is nu echt niets meer te doen, dus keren we terug naar huis. Tja, we hadden wel wat meer verwacht van het trouwfeest, maar ergens zijn we blij niet teveel betrokken te zijn geraakt.

Thuis krijgen we weer thee. Nu wil Lan Jungle Speed spelen. We spelen het deze keer met de gehandicapte broer. Het is heel grappig dat hij eigenlijk snel genoeg merkt wanneer hij de totem moet grijpen, maar dat hij het gewoon niet snel genoeg kan omwille van zijn motorische problemen. Op de duur helpt David hem door kaarten over te pakken en de totem gewoon in zijn handen te stoppen. Dit veroorzaakt algemene hilariteit natuurlijk. Het spelverloop is zodanig leuk dat familieleden van de buurhuizen er door aangetrokken worden. Op de duur zit de hele familie naar ons gespeel te kijken. Ze zijn hier duidelijk nog geen gezelschapspellen gewoon.

Het is nu tijd voor de middagmaal. Ze vragen ons of we hond willen eten. Omdat het niet te duur is stemmen we toe. We gaan toch niet Azië verlaten zonder een keertje hond geproefd te hebben. We krijgen ook rijstwijn en deze keer komt het uit een goed flesje. De vader heeft het heel graag maar het is duidelijk een luxeproduct. We willen niet te veel drinken om niet zat te worden want we weten dat Lan dat helemaal niet graag heeft. Wat de hond betreft, is het vlees donkerzwart en is de smaak iets tussen rund en varken in. Het is helemaal niet slecht. Wel doen ze er ook een sterke saus bij en worstjes, gemaakt van de ingewanden van de hond. Die saus valt hier nog mee, de worstjes zijn aangenaam pikant, dus in het algemeen valt het wel mee. Het is alleen spijtig dat de huid met vet nog steeds aan het vlees hangt. Leve de tafelvuilbak die ongezien regelmatig een paketje krijgt… De maaltijd wordt weer gevolgd door thee en tijd voor een dutje.

De vader gaat meteen slapen en Lan gaat ook op het bed liggen. Wij zijn eigenlijk helemaal niet moe nu, dus geen nood aan slaap. Maar Lan pusht om ons te laten slapen. We blijven echter weigeren. Twee meisjes komen erbij, vriendinnen van het dorp. Ze giechelen wat met Lan die er grappig bij ligt. Er wordt wat onnozel gedaan op de typische luilekkere manier van tieners die uitgelaten bij elkaar zijn. Uiteindelijk eigent Lan zich een plaats op de bank en valt daar in slaap. Om haar toch plezier te doen gaan we in het nu lege bed liggen en Damien schrijft een dankbriefje voor de ouders: “Het is een eer voor ons hier uitgenodigd te zijn geweest. Aanvaard van ons dit geschenk uit Belgie, etc” Het kost wat tijd om het te vertalen in het Viets.

Eens dat gedaan is slaapt David nog steeds en Damien gaat naar buiten met de broer voor een natte fotoshoot van het dorp, omdat het er toch redelijk anders uit ziet. Een tiental minuten later komt David erbij en samen gaan we terug naar huis. Lan is ondertussen wakker en zocht ons. We gaan weer gezellig binnen zitten, omdat het nu ook lichtjes regent en Lan wilt karaoke zingen. Ze verdwijnt voor tien minuutjes en komt dan terug met een microfoon. Het is even prutsen aan de dvd-speler en microvolume, maar uiteindelijk lukt het wel om te kunnen zingen. Alles is natuurlijk in het Viets, dus niet aan ons besteed. Zo blijven we nog een klein uurtje nietsen en dan komt Phuc erbij omdat het tijd is terug te keren naar Hanoi.

Damien haalt de speech boven en laat het zo goed mogelijk vertalen door Lan. Zij is echter zodanig overdonderd dat ze geen woord kan uiten. Ze kijkt met afgunst naar ons, wat ons even op ons ongemak zet. De ouders weten ook niet echt wat doen met de cadeau’s, maar ze accepteren ze toch met een grote glimlach. Damien vertelt dat we in Belgie altijd een cadeautje meebrengen voor de gastheren. Tijd om de rest van de familie te gaan begroeten en daar springen we op de brommer. Hanoi, here we come! Amper op de brommer gezeten buigt Lan haar hoofd naar Damiens oor en fluistert er poeslief: “Thank you!” Ze slaagt erin de grootste verbazing, tederheid, goedhartigheid en dankbaarheid in deze twee woorden te leggen.

De weg terug verloopt zoetjes. Het is ook beduidend korter dan de heenweg, maar ook verbazend veel kouder. Op de veerboot gaan Phuc en zijn lief heel dicht bij elkaar zitten. Aan de overkant horen we dat een gehuurde brommer (xe om) veel te veel kost, dus zullen we straks op de snelweg iets moeten vinden om dit op te lossen. Lanvraagt of Damien niet wil proberen rijden. Gelukkig weet Damien hoe het moet en het is waar dat een brommertje met versnellingen leuker is dan de 25 cc-tjes die hij gewoon is. Hij accepteert ook omdat er hier helemaal niet veel volk op de weg is. De wind is hevig. Het regent piepkleine druppeltjes die lijken te zweven in de lucht. Het totaal effect is guur en koud. De weg is redelijk lang en Lan kan dankbaar de hele tijd achter de in verhouding brede schouders van Damien schuilen. David daarentegen steekt nogal uit achter het lief van Phuc en neemt de volle laag in het gezicht. Wanneer we Hanoi binnenkomen ziet hij er echt uit als een doorweekte hond.

Net op de snelweg neemt het lief van phuc het stuur van phuc over en neemt phuc het stuur over van damien. Lan neemt de bus. Het erge is dat ze absoluut niet wil accepteren om ons de bus te laten nemen. Het is de tweede keer dat we stuiten op die drang om ons voor te laten. Het is heel verwarrend op sommige momenten. Het brengt ons in situaties waar we ons schuldig voelen. We willen dan meer doen voor hen, en als we dat dan doen willen ze nog meer doen voor ons. Dat brengt ons nog meer in de schuldgevoelens en zo geraakt men verwikkeld in een sneeuwbaleffect.

Ondertussen is het weer heviger aan het regenen en de rit van een 7-tal km is een hel.

Eens net binnen Hanoi wachten we tien minuutjes op Lan. Ze is niet nat, gelukkig. We rijden verder Hanoi binnen en nemen kort daarna afscheid van Phuc en vriendin. Lan vraagt ons wat nu: My house? We weten dat ze ons al lang wilde uitnodigen thuis bij haar. Dus ja, waarom niet. Het zijn nu toch al zo goede dagen geweest. Waarom het niet nog wat verlengen?

Haar huis is redelijk groot. Veel groter dan we eerst dachten. Ook is het redelijk goed ingericht en beter onderhouden dan we dachten. We dachten dat ze heel arm zou zijn en vragen ons toch af hoe ze het doet om te overleven. Het antwoord komt gauw genoeg als we te weten komen dat ze 800000 dong verdient per maand (dat is 36€ voor 30 dagen werk van 11u per dag) De huur kost 1200000 dong, maar ze delen de kosten met 3. Met drie in een huis wonen is zo slecht nog niet. Ok, ze moet slapen met een vriendin, maar toch. De telefoonrekening is ook nog eens 100000 dong en daarmee moet ze dus nog sparen om te kunnen studeren. We beginnen stilaan te begrijpen waarom ze zoveel werkt in Viet Ha Bia aka beer from the wall. En te zeggen dat wij op een avondje eens 300000 dong hebben uitgegeven in een restaurant…

We zijn even niet goed van dit nieuws, maar het misselijke gevoel verdwijnt weer wanneer we geïntroduceerd worden aan een van de vriendinnen. Ze gaapt ons echt aan met de grootste verbazing. We krijgen nog een andere over de vloer die het niet kan laten te vragen hoe het komt dat Damien blond haar en blauwe ogen heeft en waarom David bruin haar, bruine ogen, maar rode wangetjes heeft, net als een vrouw. (vergeet niet dat geisha’s belangrijk zijn in de Chinese cultuur) Probeer dan maar eens uit te leggen wat er gebeurt met chromosomen, genen en erfelijkheid met gebarentaal, zeer weinig woorden engels en veel geduld… Dat lukt gewoon niet. Dan maar zeggen dat we gemengd volk zijn, niet onder de aziaten alleen.

We laten deze interessante cultuuruitwisseling volgen door een spelletje Jungle Speed, wat nog meer in de smaak valt als voorheen. Vooral omdat er nu meer snelheid kan gehaald worden, iedereen dezelfde capaciteiten heeft en de hilariteitsdrempel valt steeds lager. Dat brengt schatergelach met zich mee om de beste humoristen van jaloers te maken. Ik moet zeggen dat het extra grappig is om in een kostuum Jungle speed te spelen, gezellig in een cirkeltje op de grond rond een pakje kaarten en een totem…

Welja, het was een leuke avond, als perfecte afsluiter voor een geweldige twee dagen. Wat zal morgen ons nog brengen?

Tuesday, 30 October 2007

46ste dag => In kostuum door de velden

Deze ochtend moeten we er vroeg bij zijn. We springen in ons kostuum en in het geval van David: het maatpak.

Om 7:20 krijgen we een telefoontje van Lan en blijkbaar is ze er al. We haasten ons dus naar beneden, onze zak vol van de cadeautjes etc.

Eens beneden bellen we haar weer op, maar het is heel moeilijk te verstaan waar ze is. We zeggen dat we voor de deur staan, maar ze begrijpt het blijkbaar niet zo goed. David tikt me dan even op de schouder en als ik naar beneden kijk zie ik haar ineens gehurkt naast haar brommertje wriemelen in haar rugzak. Ze merkt ineens dat we net achter haar staan, en als ze om kijkt schrikt ze zich te pletter bij het zien van ons pak. Ah, het gewenste effect is geslaagd, hehehe. Nu nog hopen dat het niet te luxueus zal zijn op het trouwfeest.

We gaan bij Lan achterop de brommer zitten en daar gaat ze al. Ze blijft heel geconcentreerd op de weg, wat weer het dialoog niet vooruit helpt. Na een tijdje, op de rand van de grote weg dat als autostrade fungeert, stopt ze even bij een man en regelt het ene en het andere met hem. David moet bij de man achterop de brommer gaan. Zo gaan we de hoofdweg op. David probeert van de man te weten te komen of hij familie is van Lan, maar de man zegt altijd ja op elke vraag, ook als het geen vraag is… Damien langs zijn kant probeert het ook te weten te komen en zegt dat hij ‘Chao Om’ is, wat ‘Hallo oudere’ betekent. Het blijft dus onduidelijk.

We verlaten na een tiental km de grote weg om op een soort meanderweg te komen die net boven velden verheven is. Damien neemt er vanop Lan’s brommertje veel foto’s van. Er blaast een hevige wind en haar pet vliegt weg. Ze doet er dan een andere op en ook deze verdwijnt vrij snel. Gelukkig kan Damien deze nog vangen, maar bij het bedienen van het fototoestel een poosje later laat hij deze ook vallen. Spijtig natuurlijk, maar Lan vindt het blijkbaar niet erg. We rijden gewoon verder, met David ergens achteraan.

Ineens belt haar gsm en tovert ze een gigantische telefoonhoorn boven. Ze zegt dat het haar vriendin is en begint een vrolijke conversatie. Damien is zo verbaasd dat hij er toch enkele foto’s van neemt. Het blijkt dat ze een soort satelliettelefoon gebruikt.

Een tiental km verder komen we aan de rode rivier aan. Daar gaat een veerboot heen en weer. We wachten even dat hij deze oever bereikt. Ondertussen betaalt Lan de brommerman en deze gaat weer weg. Hij is blijkbaar gewoon iemand die ritjes geeft aan mensen die met drie de grote weg op moeten. Blijkbaar is de politie op deze weg vrij streng. We vragen ons toch af waarom ze niet een weg genomen heeft waar geen politie op komt, zoals ze eerder gezegd had.

Ondertussen zijn we natuurlijk het gespreksonderwerp van alle mannen die hier staan. Met ons splinternieuw pak vallen we nog meer op dan gewoonlijk. We rijden even op de overzetboot en daar gaat ie dan. Zo steken we de rode rivier over.

Aan de andere oever regelt Lan weer een brommertje voor David, maar ze zegt er wel bij dat het heel duur is. We voelen ons natuurlijk heel schuldig en we dringen aan om het terug te betalen, maar daar wil ze niets van weten.

De rit is hier heel ruw omdat we door de velden moeten rijden op een aardeweg. Vooral de man die David vervoert rijdt als een gek en Lan is er duidelijk kwaad over dat hij zoveel vraagt. Het landschap is zo typisch anders dan datgene we gewoon zijn dat foto’s hier veel meer zeggen dan woorden.

We komen een poosje later aan in haar dorpje en ze rijdt het terras op van haar huisje. Daar ontmoeten we haar broer. Ze stelt ons voor aan ons en wanneer David rechtstreeks naar hem gaat om hem een hand te geven is hij helemaal verbaasd. Hij tovert een gelukkige grijns boven en vanaf dan is hij grote vriendjes met ons. Hij is wellicht 14 jaar oud en heeft een genetische afwijking, die we zoals we gelezen hebben in de gidsen, nog vaak voorkomt op het platteland door alle oorlogen en vuiligheden die daarmee in het land zijn geraakt. Door zijn afwijking heeft hij motorische probleempjes, maar mentaal mankeert hij niets. Beter zelfs: Hij is eigenlijk vrij handig. Hij kan het fototoestel van Damien vrij goed hanteren.

Voor de rest is er niemand thuis want de ouders werken op het veld. We worden wel aan de familie in het naburige huis voorgesteld. Daar wonen de grootouders van de familie. Ze ontvangen ons allen met een stralende glimlach van zwarte tanden en bloedrood speeksel. Het is heel verbazend en zelfs een beetje eng. We vragen ons af of ze een of ander dier rauw opeten, wat het natuurlijk nog enger maakt. Hun gezicht is gemarkeerd door diepe groeven tussen de donkerbruine huid. Door de vriendelijke glimlach zien ze er wel heel sympathiek uit, ondanks de tanden. We worden vriendelijk in hun huis uitgenodigd. We gaan dus uitgelaten zitten op de bank. We krijgen de zeer sterke thee te drinken, die hier zo bitter en heel lekker is. Iedereen kijkt naar ons en spreekt zeer snel een mompelende soort Viets met Lan. Af en toe zegt ze iets aan ons, maar allemaal tevergeefs.

Dan zegt ze dat we Chau Cau moeten eten (trầu cau geschreven) proeven. Wat ze doen is een blad pakken van ikweetnietwelke boom, er een witte pasta op doen dat sterk lijkt op gips en dit mooi oprollen. Daarbij geven ze een kwartje of een achtje van een harde ovaalvormige vrucht die aan palmbomen groeit. Het geheel moet volledig in de mond gestoken worden en op gekauwd worden. De bedoeling is het vocht ervan in te slikken en de vezels die overblijven terug uit te spuwen. Damien is eerst aan de beurt en bijt rustig op de bittere vrucht. Qua bitterheid lijkt het op de thee, maar de smaak doet meer denken aan een blad van een of andere boom. Het smaakt gewoon naar plant. David steekt het dan ook in zijn mond en omdat het toch zo bitter is en Damien weet dat David niet zo voor bitterheid is, wordt het allemaal gefilmd. Hij heeft een pokerface, maar diegenen die hem beter kennen weten dat hij het heel vies vindt.

Ineens begint het ons toch te dagen dat er iets grondig mis is in het tafereel. Ze kijken ons allemaal gretig aan. We krijgen een knellend gevoel in de slokdarm alsof die helemaal samentrekt. Onze keel lijkt dichtgegroeid te zijn en ons tandvlees wringt zich precies in vreemde bochten. We krijgen het enorm warm, het zweet loopt samen met een rilling over onze ruggegraat. De kamer begint enorm te tollen alsof we 5 duvels op hebben in 1 minuut. Lan vraagt ons of we het lekker vinden en uit beleefdheid zeggen we van wel, maar ons gezicht spreekt voor zichzelf. We voelen ons ineens ultra alert en net een konijntje in het midden van 5 tijgers met bloed in de mond vol rotte tanden. Alleen het vriendelijke en sympathieke gezichtje van Lan brengt ons rust. We kijken smekend naar haar: Please save us!

We kunnen gelukkig Nederlands spreken zonder dat ze ons verstaan en we kunnen elkaar wat gerust stellen. Gelukkig staan we er hier niet alleen voor. We vragen of Lan er ook van wil, maar ze eet het niet. De oudere mensen daarentegen nemen er ook eentje, en dan twee, en dan meer.

Na 5 minuutjes sterk ongemak begint de draaierigheid eindelijk te verdwijnen en kunnen we weer wat ademen. De slokdarm en keel doen nog altijd raar.

Het is tijd om wat verder te bezoeken en we kunnen het doemshuis verlaten. We worden een beetje verder gebracht bij de oom van Lan, waar ze net het huis wat aan het verbouwen zijn. Daar moeten we ook even binnen, gewoon voor de goede vorm, en dan kunnen we weer weg.

Lan zegt dat we even moeten wachten en ze verdwijnt in de straat. Ondertussen stoeien we wat met de drie honden, de twee katjes en het kuikentje dat zijn moederlijke kip van heel dichtbij volgt.

Een blik in de straat en we zien Lan bij de plaatselijke kruidenier. We stappen er even naartoe en maken kennis met het vele gegiechel van de plaatselijke bevolking. Ze kijken allemaal verwonderd naar ons. Het zijn in totaal een tiental vrouwen (en alleen vrouwen), wat het effect nog versterkt. Sommigen wijzen een beetje verlegen naar ons.

Lan sluit de deal af en komt zo trots als een gieter met ons mee naar haar huis. Daar gaat ze ijverig aan het werk aan een maaltijd voor ons. Het trouwfeest is duidelijk nog niet voor nu. We voelen ons een beetje overdreven rijk met ons prachtig en splinternieuw kostuum. Hadden we geweten dat we eerst nog een hele tijd gewoon zouden rondlopen, dat we eigenlijk voornamelijk uitgenodigd zijn bij de familie van Lan, dan hadden we andere kledij voorzien…

Ondertussen wil de broer van Lan ons in het dorp wat rondleiden. Uiteraard komen mensen van overal kijken welke bijzonderheid daar rondloopt. De meesten hebben nooit een westerling gezien. Eerst brengt Lans broer ons naar de overbuur. We vragen hem of dit familie is en blijkbaar wel. We worden uitgenodigd door een oude man met een kindje in zijn armen om even binnen te gaan en thee te drinken. We drinken twee kopjes en de broer wenkt ons om te vertrekken. Er is niet veel meer te doen dan dat eigenlijk. We merken hoe speciaal het hier is. In de tuin groeien bananenbomen, papaya bomen, trau cau-bomen (alsof dat enig nut heeft), mango, knollen, pomelo’s, stervruchten en zoveel meer. Het tafereel is zo typisch anders dan wat we gewoon zijn, we lijken wel op een andere planeet te zitten.

We wandelen een beetje verder door de smalle straat en komen bij een oudere man die ons naar binnen wenkt. We doen het, uit beleefdheid en hij stelt ons meteen voor aan zijn mooie kleindochter van net boven de twintig. We worden uitgenodigd naar binnen en daar zitten we dan een minuutje, want van conversatie kunnen we niet echt spreken. Buiten komen studentjes langs, terugkomend van school. Ze zien ons en rijden meteen de binnenplaats op. Ze lachen enorm veel en slagen er toch in een zinnetje in het Engels te zeggen: “Are you a student?” Voor de rest is er niet zoveel noemenswaardig hier. We beginnen te begrijpen dat als we verder stappen, we wellicht in elk huis uitgenodigd zullen worden. Omdat we daar toch niet al te veel zin in hebben keren we terug huiswaarts. Daar kunnen we observeren hoe Lan het eten maakt. Gehurkt in Vietnamese zit, brengt ze water aan de kook in een met roet beslagen kookpot. Als vuurbron gebruikt ze gedroogde resten bamboe of suikerriet. Het maakt enorm veel rook, maar geeft een lekkere en typische geur af.

Ondertussen houden we ons een beetje bezig met de broer. Hij is heel geïnteresseerd in de electronica die we mee hebben. Voornamelijk het fototoestel, waarbij we zien dat hij redelijk handig is, de mp3-speler, de gsm, etc.

Na een uurtje pannen verwisselen, want ze heeft er slechts twee voorhanden en nog even snel vanalles verwarmd te hebben kunnen we eten. We wachten echter op de ouders van Lan, die terugkomen van het veld. Ze zijn heel sympathiek. We worden vriendelijk aan de tafel verwacht en daar komen de klaargemaakte gerechten al. We krijgen bier te drinken. Tijdens het eten wordt allerlei gezegd dat natuurlijk volledig aan ons voorbij gaat. Het gaat wel duidelijk over ons, maar het klinkt niet slecht. Meer nieuwsgierigheid. Het eten is lekker, op het vlees na. Deze is hier van lage kwaliteit, met veel vet. Gelukkig is een tafelvuilbak ter beschikking gelegd naast de tafel, waarin normaalgezien beentjes in moeten verdwijnen, maar waar wij gemakkelijk ook andere dingen in kunnen laten verdwijnen.

Na het eten is er natuurlijk de traditionele thee. Weer zeer sterk en overheerlijk.

Daarna vragen ze of we willen rusten en omdat we van bij Tam weten dat ze ons niet gerust zullen laten zolang we niet geslapen hebben, stemmen we vrij snel toe. Ze maken voor ons het bed klaar, op de planken met een bamboematras. We zetten onze wekker voor een uurtje omdat we toch voelen dat het eten zwaar was. We vallen vrij snel in slaap omdat ze ook alles afsluiten voor ons en het heel stil wordt. Af en toe horen we nog de broer rondlopen die komt kijken hoe we slapen. Pure nieuwsgierigheid natuurlijk en eigenlijk wel grappig.

Wanneer we wakker worden zien we dat Lan verdwenen is. Ze is gaan helpen voor het trouwfeest. We hebben geen zin om gewoon te wachten. We kunnen even goed rondlopen in de buurt en typische foto’s nemen om de omgeving zo goed mogelijk in ons op te nemen. De broer gaat ons hiervoor vergezellen. Hij vindt ons echt leuk. We draaien amper de hoek om dat er al een heleboel nieuwsgierige kinderen achter ons aanlopen. Als Damien foto’s neemt lachen ze zich te pletter of lopen bang weg. Ze weten niet goed wat het ding doet misschien. Zo vinden we de tempel van het dorp. Het dorp is veel dunner bevolkt dan dat van Tum en ook veel armer. Het heeft welliswaar veel meer charme. We willen graag iemand aan het werk zien in een veld, maar het is net na de middag. De zon is te hoog om nog te werken. We nemen rustig foto’s wanneer we ineens iemand in de verte naar ons zien toelopen. Springend van opwinding, tussen de kinderen in en ons wenkend staat Lan te roepen. We gaan naar haar toe in een slakkengangetje en Damien draait zich even om voor een foto van de broer met David. Wanneer hij zich omdraait en naar beneden kijkt (er is toch 30cm verschil) ziet hij haar ineens halfboos, half geamuseerd kijken. Ze zegt dat we ons moeten haasten (geen Viets nodig om dat te begrijpen) We lopen haar een beetje na en aan het eerste kruispunt wacht een vriend van haar ons op, Phúc. Deze jongen is blijkbaar het lief van de zus van diegene die trouwt. We springen elk op een brommertje erbij en suizen al snel door het stof van de veldbaantjes, een grote stofwolk achter ons latend. Onderweg stoppen we even bij een kapper, zowat de enige in 6 km omtrek. Daar zien we Phúc’s lief, nog hevig bezig haar kapsel te laten bijknippen. We rijden verder en het is heel onduidelijk waar we naartoe gaan. Lan blijft maar Biaaaaa zeggen, wat te kort is om Bia te zijn en wat we voor de rest niet kunnen thuisbrengen.

Wanneer we zowat 7km verder stoppen in een buurtdorpje, wordt het echt volledig duidelijk: BILLIARDS. Natuurlijk wilde ze ons een pleziertje doen en naar aanleiding van onze vraag van gisteren brengt ze ons hierheen. Zij wil echter niet spelen, maar neemt foto’s terwijl we het beiden tegen Phúc opnemen. Phúc kent helaas geen regels en zijn Engels is beter dan dat van Lan, maar nog altijd te slecht om hem alles uit te leggen. We spelen dus een 9-ball met 15 ballen en willekeurige pocketting volgorde, zonder overstaande einddiagonaal en zonder beginstip. Voor de leken: Alle ballen in willekeurige volgorde in de gaten en die dat de laatste bal erin doet is gewonnen…

Na het eerste spel beginnen we echter de ballen te tellen dat we in de gaten krijgen. Phúc heeft een super vaste hand, dus maakt hij ons 2 keer in. Ondertussen heeft Lan toch plezier met ons klungelig gedoe. Damien slaagt er in de rekening te betalen. Deze omvat 1u biljarten, 4 ice tea’s en een pakje kauwgum. De verbazende prijs hiervoor: 45 cent. Een record! Platteland is volledig buiten proporties tov de stad. Bij Tum viel het nog mee, maar hier is het echt erg. Het is dus geen wonder dat ze allemaal proberen een job te vinden in de stad, wat deze ook mag zijn. Elke dong telt! In documentaires zit iedereen te zeggen dat de mensen van het platteland twee keer niets krijgen voor het verkoop van de groenten en fruit, geteelt door hard werk, maar hier, in the middle of nowhere in Vietnam, net over een zijrivier van de Rode rivier, 30km van Hanoi, is 10000 dong een uurtje poolen waard. Dit is een luxeproduct, dit is entertainment. We durven niet te denken aan hoeveel de levensnoodzakelijke goederen dan kosten.

Het is intussen bijna 16u en we rijden snel terug naar huis. Nu gaat het komen: het trouwfeest.

Omdat het helemaal niet ver is, hoeven we niet met het brommertje te gaan. We vertrekken dus te voet, weer in volle ornaat (want voor het slapen en poolen hebben we ons hemd uitgetrokken voor een T-shirt). We komen aan op het feestgedoe en al reeds bij de ingang worden we aangegapen. We worden zelfs ontvangen met volle belangstelling. Damien breekt het ijs door veel foto’s te nemen van het kitsj decor, maar David is er een beetje hulpeloos bij. We worden op een veilige stoel gezet en iedereen keert zich meteen naar ons toe. Gelukkig is er geen trouwkoppel te bespeuren, dus kunnen we hun glorie niet afnemen. We krijgen schouderklopjes, we krijgen thee van iedereen, we worden uitgenodigd Trau Cau te eten, uitgenodigd te roken van de waterpijp of de kleinere versie in een potje (dat nog veel sterker is). We worden ook uitgenodigd rijstwijn te drinken, in een wedstrijd met de locale mannen, die er zoals ze zeggen probleemloos 10 achterover kunnen slaan (en wij denken dan maar dat ze ons eens zouden moeten aanpakken met Duvels), waar we natuurlijk niet op ingaan. We ontmoeten hier nog enkele Hanoiaanse studenten waarvan een meisje Hai heet en heel goed Engels spreekt. David krijgt van haar de legende van de Trau Cau te horen en nog andere nuttige info over bruiloften (hierover later meer). Eigenlijk voelen we ons nog steeds misselijk van die Trau Cau en nu willen we even niet al die aandacht hebben. Het is gewoon even te veel.

Gelukkig, moeten we na een half uurtje (ook zonder Lan te zien omdat ze druk bezig is met helpen) verhuizen van tafel omdat de familie van de getrouwden mogen eten. We kunnen ons plaatsen aan een teruggetrokken tafeltje. Om 17:30 kunnen beide families, elk aan een tafel aan de rijke maaltijd beginnen. De gasten moeten na de familie eten. Ondertussen vertelt Phúc dat hij absoluut Amerikaan wil worden, wat ons meteen laat weten dat dit een rare jongen is, of ten minste een slecht geïnformeerde jongen is. Als het onze beurt is om te eten is het 18:20. Onze maag ligt nog altijd overhoop van die ene Trau Cau, dus proberen we ons gebrek aan eetlust wat te verstoppen. Dat is echter redelijk moeilijk. Ook moeten we nu blijkbaar toch rijstwijn drinken. Phúc staat er op. Omdat we niet goed weten of deze uit een fles komt of zelf gebrouwd is, willen we er liefst niet van drinken. Tot onze grote opluchting valt de elektriciteitsgenerator regelmatig uit, waardoor we in total darkness verkeren voor enkele seconden. We kunnen ervan profiteren om ongezien allerlei vies uit onze mond te halen en in de tuin te gooien. We hebben vrij snel genoeg natuurlijk en gelukkig dringen ze niet aan om meer te eten. Ondertussen zijn ze een kabel gaan vinden om elektriciteit af te tappen van de buren.

De tafels worden weer afgeruimd en de muziek wordt luider gezet. Het is zelfs zodanig luid dat we beiden echt onze oren moeten toestoppen, en we zijn al wat gewoon. Uiteindelijk zien ze toch dat we last hebben en zetten ze de muziek zachter. Wie zich af vraagt welke muziek moet maar even denken aan de meest stupide beat geplaatst op een oud discoliedje. Wel, het is analoog, maar erger. Er is nu ook bijzonder weinig volk over. Het lijkt wel of ze allemaal verdwenen zijn.

Dan zegt Lan ineens tot onze grote vreugde dat we moeten gaan. We weten dat er karaoke komt en we willen niet in een soortgelijke situatie terechtkomen als met de studenten. We verlaten de plaats met enkele verbaasde blikken die ons volgen.

Thuis blijkt een vriendin van Lan te zijn. Ze is 21, getrouwd en heeft een kind. Ze ziet er slechts 16 uit. Ze woont op 100km van Lans huis en ze zien elkaar maar 3 keer per jaar. Dus is ze heel blij haar weer te zien en ze kletsen er op los. Het tafereel is heel grappig omdat er veel gelach bij komt kijken, duidelijk enkele plagerijen en nieuwsgierige blikken naar ons. Na een half uurtje of drie kwart uur moet het meisje weg en blijven we nog 5 minuutjes zitten alvorens terug te keren naar het feest, helaas. Daar zijn ze intussen begonnen met de karaoke. We zijn sterk verbaasd van de kwaliteit van het apparaat dat in realtime in staat is om de stem zodanig te veranderen dat het juist klinkt allemaal. Zelfs als ze gewoon spreken in de micro is het zo veranderd dat het past op de melodie. Natuurlijk leent de Vietnamese taal zich hier ook toe, met al zijn toonhoogteverschillen die in onze oren sowieso al een beetje melodisch klinken. Ze vragen ons gelukkig slechts twee keer te zingen, maar hebben begrip als we zeggen dat we geen Viets kunnen zingen. Zo blijven we een tijdje zitten, zonder dat er iets gebeurd, op het zingen na van de melige liedjes.

Nieuwe studenten zijn heel nieuwsgierig naar ons en de twee meisjes erbij willen graag een foto met ons hebben, terwijl we ze omhelzen. We vinden het wel grappig. De kinderen van daarstraks op straat zijn hier nu ook. Ze zijn hier met zijn allen rond ons, spreken enkele zinnetjes Engels en lachen zich ondersteboven met alles wat we doen.

Na lang niets doen is Lan moe (ze heeft ook verlegen een liedje gezongen) genoeg om terug te gaan. Ze merkt ook dat we ons vervelen en dat er niet zoveel meer te beleven valt. Er is ook geen kat meer.

Thuis regelen ze een bedje voor ons, dat blijkt gelegen te zijn in het huis ernaast. We moeten in dezelfde kamer slapen als de oom van Lan of zoiets (de structuur van de familie is nog altijd onduidelijk. We denken dat de echte moeder van Lan overleden is, want soms spreekt ze over haar broer van verschillende moeder. Het is redelijk ondenkbaar dat ze hier scheiden)

We worden nog even geleid naar de badkamer, aka kraan in de tuin om ons een beetje te verfrissen, alsook onze tanden te poetsen. Damien wil absoluut nog het spelletje tonen waar hij zo gek op is en we spelen een partijtje Jungle Speed op de grond, in Vietse zit. Het slaat direct aan bij Lan, ze vindt het heel grappig. Na een tijdje zegt ze toch dat we moeten slapen en we stellen de wekker in om 7u. We gaan eens de opstaangewoonten van de Viets volledig negeren: 5u is echt te vroeg!

Monday, 29 October 2007

45ste dag => Over kippenpoten en opera

We voelen ons opperbest vandaag omdat we weten dat we morgen naar Lan gaan voor de bruiloft. Ook vanavond gaan we haar zien, afgesproken om 20:30, na haar werk. We kijken er echt naar uit.

De dag vliegt voorbij en we hebben nog wat dingen te regelen voor de bruiloft. We moeten bijvoorbeeld een bruiloftsgeschenk vinden en omdat de familie van Lan ons uitnodigt moeten we ook voor hen iets meenemen. We gaan dus naar de supermarkt in de Vincom Tower waar we kousen kopen (tja, we hebben wel schoenen, maar geen kousen om erbij te passen) en de grootste doos Belgische chocolade en een Duveltje en een Chimey.

Nu moeten we nog even het maatpak van David ophalen. Natuurlijk wil Damien dat niet missen, dus gaan we met twee. Eens aangekomen tovert de kleermaker een tevreden grijns op zijn gezicht. Hij haalt weer zijn hele boeket verwijfde bewegingetjes boven. Hij haalt de broek van David van een kapstok en maakt even zijn strijkplank leeg. Hij wrijft nog even de krijtvlekjes weg en strijkt de nodige plooien in de broek. Ondertussen vraagt hij heel traag en duidelijk wat we hier doen in Hanoi. We leggen hem aan de hand van het woordenboekje uit dat we studenten zijn. Hij vraagt ook onze leeftijd en nog andere dingen die we helemaal niet verstaan. Zijn oudste zoon of zoiets komt erbij. Het is een uiterst atletische jongeman. Hij is heel erg klein, maar toch heel imposant. Hij vraagt aan Damien of we homo’s zijn op het moment dat David in de paskamer zit om zijn broek uit te proberen. Damien zegt hem dat hij een vriendin heeft in Belgie. Het is toch speciaal dat juist dit aspect van het Westen door komt tot hier in Viet Nam. Soms vragen we ons toch af welk beeld de mensen hier hebben over ons. David is zijn briefje kwijt, maar de man zegt dat het niet erg is. Tja, er is geen twijfel mogelijk over wie we zijn en wat we besteld hebben…

Om 20:20 staan we klaar voor de student home en daar komt Lan al aan. Ze is weer zo vrolijk en stralend als gewoonlijk. We zien wel dat ze wat moe is, maar dat is wel normaal als je ononderbroken van 9u tot 20u werkt als dienster.

We geven haar de fiets van Iñigo, zoals voorzien was. Ze is enorm blij ermee en dat maakt ze weer duidelijk door een gigantische vreugdekreet. Ze is ook wat op haar ongemak door de grootsheid van het cadeau. Tja, hoe zou je anders zijn als je ineens een cadeau krijgt dat een ¾ maandloon waard is? We gaan haar toch eens duidelijk moeten maken hoe het zit met geldzaken in Belgie, anders gaat ze blijven geschrokken zijn.

We laten Lan leiden. Ze brengt ons naar een soort massarestaurant op straat, gespecialiseerd in allerlei kippenonderdelen gemonteerd op een satéstok en gebarbecued. Zo bestelt ze haar favoriet: Kippenpoten. Eigenlijk zijn het de kippenvoeten. Het is natuurlijk heel speciaal en een beetje ondenkbaar voor ons. Maar de kippenpoten hier zijn veel dikker dan de dunne dingetjes van de kippen in Belgie. Goed geroosterd zijn die pootjes best lekker. Ze zijn knapperig. Het is waar dat daar niet al te veel vlees aan is te vinden, maar het valt veel beter mee dan we dachten.

Regelmatig loopt iemand rond met een heleboel satéstokjes en waar het nodig is stopt deze even om een aantal poten van de stok te halen. Het is hier heel druk. De tafels zijn genummerd en je krijgt een plaats aangeduid als je aankomt. Veel lawaai, maar allemaal des te leuker.

Damien is zijn woordenboekje vergeten, dus is het heel moeilijk communiceren met Lan. Ook omdat we niet veel kunnen schrijven nu dat onze handen zo vettig zijn.

Ook op de weg is het niet gemakkelijk. Haar Engels is nog altijd niet goed genoeg om een conversatie te houden.

We stellen haar voor om te biljarten als ze vraagt wat we nu willen doen, maar dat vindt ze niet leuk. Omdat we voor de rest niet zoveel kennen hier, zeggen we dat zij maar iets moet vinden. Ze brengt ons naar het centrum, naar het Hoam Kiem lake. We zetten onze fietsen ergens neer en volgen haar. We weten echt niet wat ze van plan is en ze kan het niet uitleggen. Ze doet eigenlijk nogal een beetje raar. We weten niet goed wat we moeten doen. Na een tijdje kan ze ons toch duidelijk maken dat de plek waar ze naartoe wil eigenlijk gesloten is in de week. Dus keert ze eigenlijk terug naar de fietsen. Daarmee maken we een rustig wandelingetje.

Eens op de fiets wil ze ons het ‘grote zanghuis’ tonen. We kunnen echt niet raden wat het is dat ze bedoelt tot we aan de trap komen van de opera. Daar zitten enkele koppeltjes te genieten van de avondwarmte. We gaan erbij zitten en spreken nog wat over de arrangementen van morgen. Omdat David zich heeft kunnen vrij maken is het nu een probleem dat hij mee komt omdat we niet met drie op de grote weg uit Hanoi mogen gaan. Ze wil ons de bus laten nemen. Dat zien we niet meteen zitten. Dus vragen we of een van ons dan de fiets mag nemen, en de andere op de brommer kan. Uiteindelijk geeft ze toe zeggend dat ze een andere weg kan nemen om naar huis te geraken.

Hierop willen we nog iets gaan drinken, maar ze maakt ons duidelijk dat we moeten opletten met het uur. Het zou wel eens kunnen dat we weer niet onze fiets binnen kunnen zetten.

Op de weg terug zien we toch nog twee jongens die sinh to sugarcane verkopen. We gaan er dus eentje drinken. Het blijkt dat het suikerrietvloeistof heet in het Viets. We drinken er nog rustig van en keren dan terug naar huis. We nemen snel afscheid en spreken de volgende dag af om 7:30.

Het was alweer een leuke tijd met Lan.

Sunday, 28 October 2007

44ste dag => Zondag op zijn Viets: Arbeid of Shopping

Deze ochtend vertrekken Iñigo en Wim heel vroeg. We zullen ze dus niet meer zien. Het was gisteren laat en we willen uitslapen. Het is toch zondag voor iets. Tegen 12u komt David zeggen dat hij gaat vertrekken. Hij moet even naar Dr. Steenhaut om haar te helpen voor een presentatietje dat ze moet geven in Malta. David kan helpen omdat de presentatie kan gaan over het leerplatform dat Dr. Hung gebruikt op de HUT.

Damien profiteert ervan om Hanoi wat te verkennen op zijn eentje. De ervaring is totaal anders dan met twee natuurlijk. Een beetje gaan zoeken naar winkeltjes die goedkoop wat interessante technologie verkoopt. Een beetje ontspannend shoppen is wel leuk.

David langs zijn kant is een presentatietje in elkaar aan het knutselen, door de getrakteerde drankjes en de leuke babbeltjes met Dr. Steenhaut heen.

Om 16u komen we elkaar tegen aan de Student Home. David vindt het interessant om ook eens te gaan shoppen, dus vertrekken we weer naar de goedkoopste winkeltjes. David op zoek naar een goede gsm, Damien op zoek naar een goed fototoestel.

We eten op straat dichtbij het Hoam Kiem lake. Het is hier wat duurder dan thuis, maar het eten is exact hetzelfde.

Op de weg terug naar huis vinden we ook schoenwinkels waar ze klassieke schoenen verkopen voor 20 euro.

Thuis nog wat nagenieten van de zondagavond en het weekend is voorbij. Alleen hebben we totaal niet het gevoel gehad dat er weekend was, en David nog minder dan Damien.

Saturday, 27 October 2007

43ste dag => A dios Iñigo & Wim

Deze ochtend werken we nog wat aan voorbereidingen voor onze feedback. Onze afspraak is om 14u en we beginnen al wat laat te zijn. Tegen 14:10 zijn we toch in het hotel en we treffen er Dr. Steenhaut buiten aan, genietend van het zonnetje op het terras. We zetten ons erbij en bestellen wat te drinken en wat eten, want we rammelen van de honger. Grappig hierbij is dat de dienster nieuwsgierig is naar ons en ons allerlei wil vragen. Ze verwacht totaal niet dat we Viets zouden spreken en we proberen het verschillende keren, maar ze verstaat er helemaal niets van. Ze heeft blijkbaar niet eens door dat we in het Viets bezig zijn met bestellen.

We bestellen hierna nog wat te drinken en gaan aan de slag, onder de palmbomen, met een cocktail, met onze prof. We tonen ons verslag, leggen van alles uit, en dit alles onder een redelijk ontspannen sfeer. Toch blijven we in ons achterhoofd houden dat dit een soort examen is van ons werk verricht tot nu toe. Het is wel het gekste examen ooit!

De tijd vliegt voorbij, en tegen 18u hebben we zowat gedaan. Iñigo en Wim zijn blijkbaar terug van hun trip naar Ho Chi Minh City en Iñigo belt ons op om af te spreken voor het afscheidsdiner. Na enkele regelingen, met telefoontjes naar Dr. Hue (prof van Iñigo en Wim) stellen we de rdv vast op 19:30 in het Centrum naast het Hoam Kiem lake.

Tegen 19u vertrekt Dr. Steenhaut te voet en wij spurten naar de student home met onze fiets om onze laptops af te zetten. Grappig is wel dat we weer worden tegengehouden door de portier wanneer we de fietsen willen nemen. Hij vraagt ons volledig uit over onze bedoelingen in Hanoi, wat we van Hanoi vinden enz.

We komen dan aan op de plek van rdv met Dr.Steenhaut. Samen met haar gaan we dan naar de rdv-plek waar Iñigo en Wim staan te wachten. Ze wijzen ons waar we onze fiets kunnen achterlaten en we laten ze weer even alleen, druk in gesprek met Dr.Steenhaut. Iñigo kent haar al een beetje omdat hij goed bevriend is met een van Dr.Steenhauts doctoraatsstudenten.

Wanneer we terug zijn moeten we blijkbaar een taxi nemen naar het restaurant. Iñigo kruipt achter Dr. Hue op de brommer en de rest van ons nemen de taxi. We moeten echter niet ver gaan, want het kost slechts 16000 dong, waarvan 10000 het starttarief is.

Het restaurant zelf is vrij luxueus. Dr Hue bestelt voor ons allerlei typisch Vietnamese gerechten. Eigenlijk moet Iñigo het doen, maar omdat we niets kennen neemt Dr. Hue het over. Natuurlijk zullen wij wel de rekening betalen.

Een poosje later brengen ze ons een levende vis op een balans. Het is een redelijk groot dier (1,5kg). Ah zo, dit krijgen we zo meteen in ons bord…

Ondertussen worden sla (van bananenbloemen), nems en andere dingen gebracht. We krijgen ook wat om te klinken: Heineken. Ideaal is het niet, maar toch beter dan niets.

We tasten dan lustig toe en het smaakt wel. De vis is in stukjes gesneden voor de hapklaarheid. Iñigo vertelt ons over zijn avonturen in Ho Chi Minh, over de overstromingen omdat het daar regenseizoen is, over de zeer speciale Mekongvallei en nog veel meer. Wat vooral opvalt is dat Ho Chi Minh City exact hetzelfde is als Hanoi, maar rijker, technologisch hoogstaander, en meer verwesterd. In het verkeer heerst dezelfde chaos, alleen is de chaos ginder veroorzaakt door auto’s en niet zozeer door brommertjes.

Er wordt goed gelachen, “goede reis”-wensen gegeven en laatste minuutarrangementen. De avond loopt stilaan naar zijn einde en we nemen na de rekening in vijf te splitsen (we wijn met 7 want Dr. Hue was daar nog met iemand van zijn lab) nog afscheid.

Het is niet zo ver stappen naar de fietsen. Het is vrij rustig op de weg, maar we rijden op ons duizendste gemakje. Het is heel ontspannend op deze manier en Iñigo en Wim genieten van de laatste rit op de fiets door Hanoi. We voelen enorm met hen mee. We vrezen ook dat we helemaal van de kaart zullen zijn wanneer onze tijd komt. Gelukkig is dat nog even ver.

Thuis wisselen we nog wat foto’s uit, probeert Iñigo zijn overgewicht in bagages wat te beperken door nutteloze dingen achter te laten voor ons. Tja, als je 4kg rijs meeneemt is het niet moeilijk overgewicht te hebben. Iñigo en Wim hebben nog wat dongs nodig, maar het is zo gek om zo weinig geld af te halen en dan de 20000 dong Vietnamese bankkosten te moeten betalen + de overzetkosten van de Belgische bank. Er wordt dus nog wat geld gewisseld en we nemen nog hartelijk afscheid. Het is een au revoir, want we zullen ze vrij snel terug zien in Brussel. Althans Iñigo toch!

Met een zwaar gevoel in de maag gaan we naar ons bed. Gelukkig kunnen we troost vinden in het feit dat wij hier nog twee weekjes verder mogen genieten, maar het gevoel dat het gewoon een kwestie is van stil afwachten gaat niet weg.

Friday, 26 October 2007

42ste dag => Bezoekje aan onze prof

Vandaag gaat Damien een kostuum halen voor het trouwfeest van dinsdag. Het is beter dat vandaag te gaan halen omdat ons tijdsschema gevuld zal zijn met de komst van Dr. Steenhaut uit Belgie. Na de eetpauze gaat Damien dus op aanraden van Dr. Lan naar de Vincom Tower en vindt daar meteen een kostuum dat groot genoeg is. Een beetje passen, vele gebaren want geen Engels, enkele woordjes als ‘zeer mooi’, ‘te donker’, ‘te korte mauwen’, etc en het pak met hemd, centuur, das kost 2285000 (iets minder dan 100 euro). Dat is vergelijkbaar met de goedkopere pakken in Belgie.

Tijd om terug te keren naar de HUT en tegen de avond belt Dr. Steenhaut ons op. Ze is aangekomen.

We haasten ons naar de Student Home om onze laptop af te zetten en gaan op weg naar het Hotel, dat ergens tussen het oude centrum en de student home in ligt. Een beetje verkeerd rijden, telefoneren naar Dr. Lan om het exacte adres te vinden en we vinden het hotelletje dat redelijk luxueus is.

We willen onze fietsen op de stoep zetten, zoals gewoonlijk, en er komt meteen de portier op ons af om ons te verwelkomen, ons naar binnen te begeleiden enz. Natuurlijk zouden ze ons snel weg jagen als we even in Brussel voor de Sheraton met onze fiets aankomen. Maar hier is elke buitenlander een mogelijke gelduitgever. Fiets, rolschaatsen of trottinette, maakt allemaal niet uit!

Eens binnen komt een stralende Dr. Steenhaut op ons af. Ze is duidelijk blij ons te zien en nog blijer om nog eens in Hanoi te zijn (wie zou niet blij zijn bij het terug naar hier komen?) We worden uitgenodigd voor een dinertje. Blijkbaar is het restaurant van dit hotel zeer bekend bij de rijkere zakenmensen van Hanoi. De menukaart biedt gevarieerd voedsel aan en de prijzen zijn niet speciaal hoger dan in het centrum van Hanoi. We bestellen dus ook wat ongewonere dingen (zoals eend). We bestellen ook papaya juices in het Viets, tot de grote verbazing van de serveur. Deze blijken echter helemaal niet lekker te zijn. Wat ze met het fruit doen weten we niet, maar het heeft helemaal niet de zachte en lekker zoete smaak die we verwachten.

We krijgen wat nieuws te horen uit Belgie, nog steeds geen regering, hihi, en andere leuke nieuwtjes van het thuisfront.

Eens de maaltijd over wil Dr. Steenhaut eens naar het centrum gaan om iets te gaan drinken. We laten onze fietsen achter en na even snel geld afgehaald te hebben begeven we ons naar het centrum. Onderweg nog wat spreken over onze bevindingen en avonturen. We wandelen rond het Hoam Kiem-lake, wat Dr. Steenhaut duidelijk weer goede herinneringen terug brengt en gaan iets drinken in het allereerste cafetje dat we bezocht hebben in Hanoi, net naast het water. Hier zijn de fruitsappen toch wat lekkerder en we genieten van de avondwarmte.

Zo wordt het vrij snel laat en we moeten denken aan onze fietsen. Als we te laat zijn, kunnen we ze niet meer binnen zetten. We keren vrij snel terug en eens aan het hotel gekomen zien we onze fietsen niet meer. Deze keer zijn ze natuurlijk niet door de politie meegenomen, maar zijn ze gewoon binnen gezet door de portier, om diefstal te vermijden.

We keren vrij snel terug thuis en vliegen in ons bed. Dr. Steenhaut heeft morgen met ons afgesproken om feedback te geven over ons werk verricht in Hanoi.

Thursday, 25 October 2007

41ste dag => De apprenti, de kleermaker en de chemist

Deze ochtend is de band van David raar maar waar nog altijd hard. Dus hebben we momenteel het briefje van Dr. Lan niet nodig.
Tijdens de middag, nadat we gedaan hebben met eten en nog wat genieten van de zon komt ineens een Vietnamees bij ons zitten en vraagt hij ons of hij even in het Engels mag spreken met ons. Zijn naam is Huy Thuan (probeer het zelfs niet uit te spreken, want dat is een regelrechte ramp) en hij studeert dactylografie en kledijstyling. Hij vertelt dat hij in een club zit die Engelssprekende Viets bijeen brengt om hun Engelse taalkunsten met elkaar te delen. Hij spreekt over koetjes en kalfjes met ons (wat we doen, hoe lang we hier zijn, of we een beetje Vietnamees kennen, van waar we komen etc) Na een 20-tal minuten zeggen we dat we eigenlijk weer moeten gaan werken en hij vraagt om nog even gsm-nummers uit te wisselen. Dat doen we dan en back to work.
De avond gaan we weer naar de student home, moe van de toch wat zware dag. Na een poosje rusten concluderen we dat het toch eens tijd is om het kostuum te gaan bestellen voor het trouwfeest. Dus gaan we op weg in de buurt van de Student Home omdat we weten dat daar ergens een kleermaker is. We vinden hem vrij snel en stappen een beetje verlegen zijn winkel binnen. Hij gaapt ons echt aan natuurlijk en we vragen hem met veel gebaren iets te passen. Hij haalt van de muur enkele van de reeds gemaakte bovenstukken en David vindt er eentje naar zijn smaak. Damien is echter veel te groot, maar de man probeert met alle macht door hier en daar te trekken en plat te wrijven de indruk te geven dat het als gegoten is. Uiteindelijk geeft hij toch toe dat hij wat metingen moet uitvoeren.
Tot onze verbazing wil hij nu een prijs afspreken, wat achteraf bekeken logisch is. Hij vraagt 1200000 dong, maar we slagen er in het terug te brengen op 1100000 dong (= 49,33 euro).
Schouderbreedte, van nek tot staartbeentje, borstomtrek, heupomtrek, armlengte enz ontsnappen niet aan zijn verwijfde bewegingen. Het is op zich al speciaal om te zien dat hij een vrouw en een kind heeft, die rustig op de mini-bovenverdieping aan het eten zijn.
Dan komt het moment van de broek en bij David lukt het al na twee pogingen iets te vinden, maar voor Damien is het weer een ramp. Met wringen en trekken en geplette onderdelen lukt het nog niet. Als er dan eentje is dat in de buurt komt voor de heupbreedte, steken de voeten nog 15 cm uit de broekspijpen uit. Hierbij worden ook de andere maten genomen. De procedure, die elke man die ooit een maatpak heeft laten maken kan appreciëren op zijn reële ervaringswaarde, wordt nu al wat sneller en professioneler uitgevoerd.
Nu komen de vragen over de specifieke eigenschappen van het model. Willen we een afgerond bovenpak, een dubbele plooi in de broekspijpen, 4 knopen op zijn Engels of 3 knopen in lijn, enz. De man is hier echt onzeker en vraagt ons elke keer driemaal hetzelfde, met elke keer goed wijzen naar prentjes van kostuumcatalogi.
We vragen hem ook wanneer het pak af zal zijn. Hij duidt 10/11 aan. We kijken even geschrokken en wijzen hem aan dat het af moet tegen maandag 29/10. Het pak van David kan af zijn tegen dan, maar omdat Damiens pak helemaal van scratch gemaakt moet worden, kan dat moeilijk vervroegd worden. We leggen ons erbij neer en betalen het volle bedrag wanneer hij ons een ontvangstbewijsje geeft.
Er komen andere klanten binnen en hij springt op de gelegenheid ze te vragen of ze Engels verstaan. Een van de drie vrouwen zegt dat ze het gaat proberen en de vraag is of Damien zijn maatpak wil passen alvorens die af te werken, of niet. Damien zegt meteen van wel. Voor de zekerheid vragen ze dat nog tweemaal en we spreken een datum af van 02/11. We bedanken hem, zeggen goede avond, en gaan op weg voor de avondmaaltijd.
We hebben niet zo’n gigantische honger, dus kunnen we met gemak zo’n broodje met vlees erin gaan eten zoals de avond van de bowling. We nemen de fiets en parkeren deze doelbewust op de hoek van de straat waar brochettekraampje staat. Er staan enkele Amerikanen bij en ze krijgen ook enkele broodjes. We bestellen twee stuks. Ze vraagt er iets op in het Viets en we zeggen gewoon ok. Het heeft geen zin om er iets anders uit te krijgen dat verstaanbaar is. We gaan op de lage stoeltjes zitten en een tweetal minuten later komt de vrouw al op ons af met twee brochettes. Blijkbaar heeft ze geen brood meer. Niets aan te doen he. Ze moet natuurlijk lachen omdat we gewoon ok zeiden zonder dat we er iets van verstonden en vraagt of we Banh Bao willen (dat verstaat Damien gelukkig ineens wel tussen haar stroom van woorden in). Omdat Damien ook weet wat er in deze cakejes zit, bestellen we er twee. Ze worden uit een stoompot gehaald en het vult toch een klein beetje de maag.
We betalen de 10000 dong, met nog steeds een hol gevoel in de maag, dus gaan we naar het frietkot van de kinderen. Een nemmetje zien we wel zitten.
Daar aangekomen bestellen we als echte pro’s 4 dimsumachtige loempia’s en 4 vleesnems. De kinderen zijn weer blij ons te zien. Elk Engels woord slaat meteen in om weer met veel leedvermaak her en der herhaald te worden. We bestellen weer wat en nems en de jongen suggereert ons iets, dat blijkbaar een kersverse loempia is van vers rijstdeeg. De groenten erin zijn lekker en smaakvol en rauw. Een mini-slaatje in een pakje. We betalen en gaan weer op weg naar Bia from the wall. Het is weer tijd Lan te bezoeken. We wilden niet te vroeg gaan omdat het haar anders van haar werk houdt, maar nu is het 21:45, bijna sluitingstijd.
We zien haar niet meteen, maar gaan toch zitten. Tja, we mogen niet te veel de indruk geven dat we vooral voor haar komen. Maar ja, het bier smaakt hier ook wel. Het is echt licht en verfrissend. Na een poosje verschijnt ze toch uit het niets en vraagt waar we waren. Damien staat even op en verdwijnt weer op straat om de naam te zoeken van de plaats. Ze blijkt de plaats te kennen. Weer een beetje gebabbel over praktische zaken over het trouwfeest, want we weten eigenlijk helemaal niet waar we moeten zijn en wanneer.
Er komt een man naast ons zitten, redelijk jong uitzicht, sjofel gekleed en een poosje later wordt een kommetje bananenbladeren gebracht, mooi opgevouwen. Hij vouwt ze open om een soort samengeperste pakje ongedefinieerd spul te vinden. Hij dipt het in een sausje en eet er smakelijk van. David is toch heel nieuwsgierig, zoekt even iets op in het woordenboekje en vraagt wat het is (in het Viets). De man kent wat Engels en legt uit dat het vlees is dat ze ingepakt in kokend water brengen. We mogen proeven van hem en David lijkt het wel te lusten, maar Damien vindt de kraakbeentjes die er veelvuldig in zijn verwerkt toch te veel.
David knoopt een gesprek aan en de man blijkt een assistent chemie te zijn in het lab polymeren in het gebouw net tegenover het onze op de HUT. Hij is getrouwd, heeft twee zeer jonge kinderen en komt af en toe iets drinken, omdat hij graag bier heeft. Hij heeft zijn doctoraat in Rusland gemaakt en is er 10 jaar geweest. Hij spreekt dus ook Russisch. Blijkbaar vond hij Rusland fantastisch. Hij vindt ons zo sympathiek en hij kent ook veel van Belgie. Zo somt hij Leuven, Gent en Brussel op, wat ons toch verwondert. Dat blijkt te zijn omdat zijn collega’s al in ons landje zijn gekomen. Hij staat er op ons te trakteren en als het 22u wordt, Damien nog wat woorden heeft uitgewisseld met Lan, betaalt hij onze rekening. Gelukkig hadden we maar vier biertjes, anders hadden we ons echt volledig slecht gevoeld. Na een afscheid van Lan, met veel blij gewuif van haar kant (ze was extreem goed geluimd vandaag), gaan we weer naar de student home. We zijn nog steeds stomverbaasd dat de man er zo sjofel en gewoontjes uitzag. We vinden het wel erg voor hem dat hij zo moest hoesten. Tijdens de conversatie werden we regelmatig onderbroken hierdoor. Misschien door de toxische polymeergassen. Als laborante kan dat misschien voorvallen…

Wednesday, 24 October 2007

40ste dag => de Cel revisited

Vandaag gaat David het briefje van Lan gebruiken om te trachten zijn binnenband te laten vervangen. Wanneer we het geven aan de pomper, kijkt hij er eens naar en haalt hij het ventieltje uit de binnenband. David wijst nog eens naar het briefje en doet teken van binnenband vervangen, maar de man reageert er niet op. Hij pompt gewoon de band op en aangezien deze hard blijft is het voor hem opgelost. Verslagen betaalt David de 1000 dong en we gaan naar de HUT.
Op de HUT werken we goed door aan onze verslagen enz.
Dr. Lan komt ook eens langs en als we haar vragen wat Lan geschreven heeft, blijkt dat er iets staat als: “Aub mijnheer, zou u kunnen nakijken wat er mis is aan het wiel van mijn fiets en het repareren?” Dr. Lan schrijft ons dan een nieuw briefje dat uitdrukkelijk vraagt een nieuwe binnenband te plaatsen…
We laten ook de deur wijd open staan met het licht aan, zoals gewoonlijk, om er zeker van te zijn dat ze ons zien en niet zomaar de deur toe doen.
Om 19:10 is het toch welletjes geweest en willen we gaan eten. We sluiten het lokaal zoals gewoonlijk af en zien dat er nog iemand in een ander lokaal aanwezig is. We gaan dus ook niets vermoedend naar de trap waar we weer eens de poort gesloten aantreffen. Ok, dan gaan we vragen aan de andere aanwezigen om de poort te openen. Waarschijnlijk hebben ze de poort al gesloten om te vermijden dat er nog iemand zou binnen komen. Wanneer we hen vragen om de poort voor ons te openen, zeggen ze dat we even moeten wachten.
Een poosje later komen ze aan de poort. Hun blik van opperste verbazing bij het zien van de gesloten poort vertelt ons dat ze dachten dat wij de sleutel hadden. We gaan er lekker bij zitten en observeren hun denkpatroon.
Eerst proberen ze de verantwoordelijke op te bellen, maar krijgen geen antwoord.
Dan kijken ze over de leuning naar beneden en overwegen de mogelijkheid om naar beneden te klimmen.
Dan kijken ze naar het vals plafond en vragen zich af of er daar een uitweg zou kunnen zijn.
Dan proberen zo nog te bellen en na 3 telefoontjes is het blijkbaar gelukt.
Ondertussen zitten we er relaxed bij en spelen we een spelletje op de laptop. David probeert een gesprek aan te knopen, maar het blijft bij: “it is the first time we are locked up, but for you, it is the second time.” We vragen ons toch af hoe ze weten dat we al eens vastgezeten hebben. Het is natuurlijk niet moeilijk te raden…
Zo is het bijna 20u vooraleer we buiten kunnen.
We gaan onze zak afzetten aan de student home en willen nog eens smullen van die lekkere “secret” waar Iñigo ook zo enthousiast over was. We rijden dus tot het oude stadsgedeelte en gaan doelbewust onze fiets parkeren, plaats nemen op de lage stoeltjes en bestellen heel gewoon twee biertjes. De omstanders bekijken ons echt aan alsof we een nooit eerder tevoren vertoonde show zijn en de Engels sprekende jongedame komt ons vragen wat we willen. We bestellen “secret” en ze vraagt ons een beetje wat we in Viet Nam doen en waar de twee anderen zijn.
Terwijl we wachten worden we echt aangegapen als vissen in een bokaal. Het duurt echt 20 minuten vooraleer ze eindelijk stoppen met naar ons te kijken. Ondertussen hebben we nog altijd geen eten gekregen en we wenken de jongedame weer om haar het gerecht te vragen. Deze keer verstaat ze het goed en geen 5 minuutjes later mogen we beginnen aan de heerlijke Vietnamese pierade. Deze keer weten we dat we veel meer olie moeten gebruiken en het lukt heel goed.
Na de maaltijd bestellen we nog twee Che’s als dessertje. Deze worden zoals Tum gezegd had met zout geserveerd. Het is echter enorm sterk zout, en puntje ervan is genoeg om een heel stuk che zout te maken.
Bij het betalen vertelt de jongedame ons dat we gewoon rund moeten vragen volgende keer en dat we de Che’s gratis krijgen. Bij het vertrekken springt Davids ketting weer af, maar dat is snel opgelost.
We zijn snel weer thuis en gaan onmiddellijk slapen.

Tuesday, 23 October 2007

39ste dag => The emprisoned Bicycle

Deze ochtend moeten we de fiets ophalen van David. Lan heeft ons gezegd dat we hem om 9u mochten komen halen. David springt achterop Damiens fiets met als resultaat dat de fiets meteen achterover tuimelt. Tja, David is wat zwaarder dan Lan…

Ze is al aan het werken bij Bia from the wall, aan het opkuisen van gisteren. Ze ziet ons aankomen en weer tovert ze die grote glimlach boven. Ze duidt de band van David aan die weer plat is en ze zegt dat we de binnenband moeten vervangen. Maar ja, dat proberen we al een maand aan de mensen hier duidelijk te maken. We vragen haar of ze niet een briefje voor ons wil schrijven. Dat doet ze dan ook en we vertrekken weer.

Op de unif zitten Iñigo en Wim hun presentatie voor de conferentie in Ho Chi Minh City te voorbereiden. We spreken af met hen voor het laatste middagmaal op de HUT.

Bij het ophalen van de fiets merkt David ineens op dat hij het briefje dat overeenkomt met het nummer op zijn zadel, in het mooie witte krijt geschreven, verloren is. Probleem, denken we dan. De man gebaart aan David dat hij zijn fiets niet mee naar buiten mag nemen! David probeert hem duidelijk te maken dat het wel degelijk zijn fiets is aangezien hij het fietsslot kan openen. Maar de man wil het niet accepteren en David brengt zijn fiets al verslagen naar de zijkant. Enkele behulpzame studenten zijn er bij gekomen en vragen wat er gebeurd is. Als we zeggen dat hij zijn briefje kwijt is kijken ze allemaal met een gepijnigde blik van OEI! That's bad... Dus ja, niet veel aan te doen. Terwijl Damien probeert aan de studenten te vragen wat we kunnen doen vraagt David ineens 10000 dong. Damien geeft die dan maar en het blijkt ok te zijn. hehehe, geld spreekt. Als we dan een verklaring vragen zeggen de studenten ons dat we normaal een verklaring moeten tekenen die zegt dat we ons briefje kwijt zijn en dat deze om het even waar gevonden kan worden en dat de fiets die hiermee opgehaald wordt niet de jouwe is of zoiets. Het klinkt goed als burocratische prullerij. Maar blijkbaar moet David het niet tekenen omdat hij geen Viets kan, dus kan hij niet zulk een eedverklaring afleggen. Zodoende kan hij "vergeven" worden voor zijn daden... Wel, zulk een streng gedoe hadden we niet verwacht voor 500 dong per dag.

De avond verloopt zoetjes en we hebben reuzenhonger. David wil wat nieuws proberen, maar Damien heeft zin in het lekkere rund luc lac. We stappen toch een nieuwe straat in op ontdekkingstocht, maar deze blijft zeer kort. Het loopt dood en enkel bars zijn hier te vinden. Dan maar naar Lan, waar ze lekkere Luc Lac hebben.

Ze ziet ons weer aankomen en is duidelijk blij ons te zien. We bestellen biertjes en de luc lac. Ze komt ons vragen of we de dure versie willen of de goedkope versie. We denken dat het verschil in grootte is en bestellen de duurste. Het blijkt echter te liggen aan de kwaliteit van het vlees. We krijgen prachtige stukken vlees met frietjes! Pfff, maar de saus is toch lekker. David heeft hierna nog honger en bestelt een bord gefrituurde rijst. Het is echter een andere dienster die de bestelling opneemt. Deze lacht totaal niet en begrijpt David niet zo goed. We hopen maar dat ze het begreep. Damien heeft echt genoeg gegeten.

Ondertussen komt Lan heel af en toe bij ons zitten. Ze heeft veel werk vanavond. We komen te weten dat ze weet dat dit geen goede job is, maar dat ze die toch leuk vindt. Ze doet het om haar studies te kunnen betalen die ze gaat beginnen in Januari 2008. Ze gaat voor accountant studeren op de HUT. Onze achting voor haar stijgt een graadje en we zeggen haar dat ze heel moedig is, waarop ze bloost.

Ze brengen ons dan twee rijstgerechten. David moet even lachen, maar hij belooft dat hij de rest van Damien zal opeten. We babbelen nog wat met Lan. De bruiloft waar we uitgenodigd zijn is niet van haar zus, maar van de zus van haar beste vriendin. David gaat slechts een dag kunnen gaan van de twee, maar Damien heeft beloofd op de twee dagen aanwezig te zullen zijn. Dit moet voor geen goud gemist worden!

Tijd om naar huis te gaan en na een leuke afscheid zijn we weer weg. We komen beter niet te vaak naar haar als ze werkt want we leiden haar af en dat is niet goed. Damien heeft wel gevraagd wanneer ze vrij is, maar blijkbaar is ze pas de 30ste vrij.

Het bedje roept ons.

Monday, 22 October 2007

38ste dag => Dubbel spel

Het is 8u en ineens krijgt Damien een sms-sje. Heel slaperig kijkt hij wie het is. De bedoeling was slechts om 8:30 op te staan aangezien het politiekantoor zo dichtbij huis is. Het blijkt Lan te zijn om te zeggen dat ze nu naar het politiebureau gaat. Daardoor springt Damien wakker als een veer. Heeft ze het dan niet begrepen of zo? In een, twee, in de kleren en beneden om David wakker te schudden, die echter zijn wens uitdrukt verder uit te slapen. Hij zegt: “Ga maar. Ik heb geen zin om een uur daar te zitten wachten.” De rest is om 5u aangekomen, dus het is best die nog wat te laten slapen.

Damien komt aan het politiebureau om 8:30 en nergens is Lan te zien. Tien minuten later nog altijd niets en Damien begint een sterk vermoeden te hebben dat ze gewoon bedoelde dat ze vertrok, ter bevestiging van de rdv, waarschijnlijk omdat ze gewoonlijk altijd zo evasief zijn over concrete afspraken. Ondertussen is de show in de straat niet oninteressant. Een jongen en twee mannen zijn een afdak aan het bouwen voor een huis dat blijkbaar binnenkort een eethuisje zal worden. Ze hebben twee geschilderde profielen ter beschikking en enkele golfplaten. De jongen neemt gewoon zijn laspistool en snijdt hiermee de profielen op maat. Ze worden dan omhoog gehouden door de twee mannen terwijl de jongen het vastlast aan de profielen die bevestigd zijn aan de buitenmuur. De werkmethode op zich is weer zo speciaal: Gewoon kijken waar er gelast moet worden, ogen stevig dichtknijpen en in het blinde weg lassen maar. De jongen blijkt heel geoefend te zijn omdat het heel netjes werk is. In Viethouding (gehurkt op de rand van de stoep) valt Damien helemaal niet op en gewoon rondkijken is hier toch zo normaal. Toch komt een politieman uit het bureau op hem af om te vragen of hij komt voor de fietsen. Even wijzen in het woordenboek naar “ik wacht op de anderen” en hij gaat weer weg.

Om 9u komen de anderen aan, druk in gesprek over Sappa en de bloemendag van gisteren. Een tweetal minuten later komt Lan ook aan, met een pet op en een jeansbroek en met los haar. Ze ziet er anders uit dan gewoonlijk bij Bia from the wall. We gaan het politiekantoor binnen en het bureaucratische avontuur mag beginnen.

We worden op een stoel gezet en de politiemannen staan er wat onbeholpen bij. Uiteindelijk komt een vrouw erbij en zet zich tegenover Damien en David die moedig de hoofdplaats hebben ingenomen van wat lijkt op de “verdachtenstoel”. Ze begint in het Viets vooraleer Lan even tussenkomt om haar te zeggen: “Kohng Viet”. Aha, lijkt ze wel te denken. Dan pijnigt ze haar hersenen om te vragen of dit onze fietsen zijn. (heel plechtig volgens het boekje). Na een duidelijke ‘yes’ van ons vervolgt ze met waarom we in godsnaam onze fiets buiten lieten. Dus vertelt Damien heel traag en met veel gebaren dat we aankwamen en het hek gesloten was. Dus hebben we onze fiets in de steeg ernaast gezet. Daarop vraagt ze om hoe laat het was. Wanneer we zeggen dat het 00:30 was kijkt ze geschrokken en zeggend dat dat te laat is! Dan vraagt ze ons wat we deden op dat uur buiten. Als we vertellen dat we foto’s zijn gaan nemen van de mooie Eiffelbrug boven de Rode rivier vraagt ze ons wat we doen in Ha Noi. Als we zeggen dat we studenten zijn op de HUT vraagt ze of we hier ook al toerist zijn. Daarop zeggen we dat we inderdaad na ons werk ervan profiteren om het ene en het andere te bezoeken. Hierop zegt ze iets aan een politieman en vraagt ze of we de sleutels hebben van deze fietsen. We halen allemaal onze fietsslotsleutel boven en geven het aan de politieman, die met David in de garage verdwijnt om de sloten los te maken. Ondertussen is Iñigo onnozel aan het doen met Lan en de woordenboeken in de trand van: “we are terrorists here”. De politievrouwe babbelt ondertussen gezellig met Damien over hoe mooi we Ha Noi vinden enz.

David komt dan terug even vertellend wat hij moest doen: De fietssloten losmaken, maar de sleutel erin laten om duidelijk te maken dat het de goede sleutels waren.

Deze verklaring schrijft de politievrouw allemaal op in een soort dossierformulier. Hierop moeten we allemaal onze naam schrijven en om het nog duidelijker te maken schrijven ze 4 nummertjes in twee kolommen. We schrijven elk onze naam in drukletters. Daarna moeten we een verklaring schrijven op een ander papier en eerst willen ze het ons in Viets laten schrijven. Gelukkig is Lan er om ons te helpen en na even overleggen mogen we het in het Engels schrijven. We overleggen even wat we gaan opschrijven, zodat het coherent is. Moesten ze begrijpen wat we allemaal zeggen, dan zouden ze dit niet zomaar toelaten. Maar bon, dat is dan in ons voordeel. We moeten deze verklaring ook tekenen en nog eens onze naam in drukletters onder de handtekening plaatsen. Dan moeten we nogmaals onze naam schrijven op de achterkant van het formulier (weer met die vier cijfertjes en owee als we de verkeerde naam bij het verkeerde nummer zetten) en dat ook nog eens tekenen. Ondertussen lacht Lan zich te pletter omdat we echt een blik hebben van: eh, nog eens tekenen?

Als het allemaal voorbij is mogen we allemaal in de garage gaan om onze fiets op te halen. Lan springt vrolijk bij Iñigo op de fiets en we vertrekken. Ze wijst ons de weg. Ondertussen moet ze lachen met de ongeschoren baard van Iñigo. Zo gaan we al lachend en loeiend van blijdschap van de hervonden vrijheid van beweging de straatjes in en uit, de weg volgend die Lan ons aanduidt. Het is heel grappig omdat ze een andere manier hebben om de weg aan te duiden. Ze zwaait er schijnbaar op los en we schieten elke keer in de verkeerde richting, wat haar telkens doet lachen. “Left? Left? Yes left, no, right! Iñigo, we must go right and then left!” Zo geraken we zelfs bijna in de Vincom Tower terwijl we de straat ernaast moesten hebben.

Enfin, een poosje later komen we aan bij de ingang van het hospitaal. Daar wijst Lan ons even op de kant te gaan staan en hier moeten we wachten tot 10u. Als we vragen waarom blijkt dat we op de moeder van Lan wachten. Ach zo, meteen geïntroduceerd worden, hoe vrolijk. We vragen of haar moeder dokter is en hierop zegt ze ja. Een poosje later heeft Damien toch een vermoeden dat ze het niet volledig begrepen heeft en bij het vragen ernaar, met behulp van de woordenboeken wordt het duidelijk dat de moeder hier voor een routinecontrole is. Ondertussen kletsen we nog wat zo goed als mogelijk, ondanks het taalprobleem. Ineens vertelt Iñigo ons dat Lan een sms-sje heeft gestuurd om ons allemaal uit te nodigen op het trouwfeest van Lans zus de 30ste oktober. We vallen allebei achterover van verbazing en nog meer als duidelijk wordt dat we uitgenodigd zijn voor de volle twee dagen huwelijk, en dat in het midden van de week. Dat wordt weer pijnlijk pushen bij Dr. Hung en werkuitstel… Iñigo en Wim zullen echter al weg zijn omdat ze vertrekken de 28ste oktober.

Ondertussen is het al 10:30 en we beginnen ons serieus zorgen te maken over het werk dat ons te wachten staat op de HUT. Vooral Iñigo en Wim hebben een probleem omdat ze morgen naar Ho Chi Minh City moeten gaan voor een conferentie en dat ze hiervoor een heel goede presentatie moeten voorbereiden. Er is dus nog heel wat werk aan de winkel voor hen. Lan begint het ook raar te vinden en ze leent even de gsm van Damien om haar moeder te proberen bereiken. Ze verdwijnt ook even in het ziekenhuis om er een poosje later terug uit te komen, zonder resultaat. Ze belt nog eens en deze keer heeft ze contact. Ze regelt het zo dat haar broer de moeder komt ophalen en we kunnen weer verder. Deze keer moet ze van Iñigo bij Damien op de fiets omdat Iñigo foto’s van haar wilt nemen. Ze wijst ons de weg naar we weten niet waar en we stoppen onderweg aan de Vincom Tower om daar iets te gaan drinken. We willen haar trakteren om haar te bedanken. Eerst zetten we onze fietsen af bij een fietsparkingetje dicht bij de toren en gaan dan het café van de hoek binnen, want Lan wil niet buiten zitten. Ze vindt binnen geen plaats die haar aanstaat en ze neemt de roltrap naar boven. En we blijven maar stijgen tot de bovenverdieping. Daar lopen we gewoon de hele verdieping rond, maar ze vindt alles veel te duur. Dus gaan we weer naar beneden. Ze ziet er enorm verward uit en kijkt constant rond. Dit gebeurt allemaal telkens met veel gebaren, verwijzingen in het woordenboek en veel glimlachen. Op de benedenverdieping spreken we toch af dat we nu zelf gaan beslissen en we gaan weer dat eerste cafe binnen, dat eigenlijk meer een tea-room is. We zetten ons ergens en bestellen een mocktail terwijl Lan een mangosap bestelt. Ze drinkt er heel weinig van terwijl onze fruitsap al bijna op is. Ze proeft ook eens van onze “sinh to moi”, wat betekent: sinh to Everything. Daar zitten namelijk aardbeien, magno, papaya, ananas en zoveel andere dingen. Ze vindt het helemaal niet lekker. Hihi. Iñigo is prima aan het entertainen met tekeningetjes en geluidjes. We proberen haar duidelijk te maken dat we de Viet Ha Bia “Beer from the wall” noemen. Daarop zegt ze ons: “No no, beer from the truck”. Het is een allemaal een heel grappig tafereel. Zo spreken we over Hooverphonic. Jaja beste lezers: Hooverphonic. En dat gewoon omdat de muziek die ze hier afspelen van Hooverphonic is! Is dat niet merkwaardig? We hadden het eerst niet door omdat het zo normaal in de oren klinkt. We zitten hier gewoon aan de andere kant van de wereld en ze verkopen hier Belgische chocolade, Belgisch bier en ze spelen Belgische muziek af! We kunnen ons gevoel van pure trots niet onderdrukken natuurlijk.

Ondertussen is het half twaalf en het wordt toch tijd om te vertrekken. We betalen de gevraagde 184000 dong, wat Lan even doet slikken. Hiervoor moeten we geld bijeentrommelen omdat we allemaal geen geld meer hebben na het weekend. Dit vindt Lan weer grappig en ze helpt ons het allemaal bij elkaar te brengen. Ik denk dat ze eerder geschokeerd zou zijn geweest als ze ons had zien zwaaien met briefjes van 200000 dong. Nu heeft ze ten minste misschien het gevoel dat we verbaasd zijn.

Nu kunnen we weer vertrekken. Ze kijkt schuldig naar ons op en maakt duidelijk dat ze wil betalen voor ons, wat we natuurlijk weigeren.

Ze is ons echter voor bij het betalen van de fietsparking. Ze springt weer bij Damien op de fiets en we gaan richting haar huis. Een kilometer verder, na een drukke verkeersopstopping komen we aan in een piepklein steegje waar ze ons heel diep erin brengt tot een huis met stevig gesloten deuren met twee dikke sleutel. Ze opent gretig haar deuren voor ons, maar met spijt in ons hart moeten we haar zeggen dat we echt door moeten om te gaan werken. Ze wuift ons uit met precies de tranen in de ogen en we spurten naar een plek om te eten. We gaan naar een plekje waar Iñigo en Wim zeer lekkere gefrituurde noodles hebben gegeten. Het is ons nu ook duidelijk hoe ze het maken. Ze steken de olie in brand met de noodles erin en blussen het geheel met groenten. Het vlees is onberispelijk, de bierglazen zijn glazen van een halve liter en het is echt lekker.

Hierna gaan we geld afhalen en gaan we naar de HUT waar we beginnen aan wat belooft een zware werkdag te zijn.

Dr. Hung organiseert een presentatie waarin David vernoemd wordt. Hij blijkt enkele plus- en minpunten op zijn naam te hebben. Het is moeilijk te begrijpen want in Viets, maar een minpunt verstaat hij wel: Lose focus sometimes. Dat komt blijkbaar omdat David niet altijd doet wat hem gevraagd wordt. En dat komt natuurlijk omdat hij altijd op 3 projecten tegelijk wordt gezet. Daarbij moet hij buigen naar de zin van de studenten die met het project bezig zijn. David komt ook te weten dat de studenten allemaal bij Dr. Hung willen gaan omdat zijn lab zo populair is. Hierbij lachten alle viets aanwezig in het lab en David is achter te weten gekomen dat het komt omdat studenten van buiten het lab foto’s heeft gezien van David in het lab, misschien met Damien erbij, en van de slag willen ze allemaal in het lab komen. Het is gewoon raar dat ze allemaal met ons te maken willen hebben. Ze denken allemaal dat we genieën zijn en dat het een eer is dat we bij hen komen. Van Tum weten we dat de proffen hen wijsmaken dat we in het Westen enorm hard werken. Ze geloven ook dat we veel meer weten dan hen en dat we veel achtergrondkennis hebben. Een bijzonder geniale student heeft de CV van David gezien en was stomverbaasd: “Wow you have a lot of knowledge.” Ineens wordt het ons duidelijk dat de Aziaten niet kunnen bluffen, wat wij al langer gewoon zijn. Het is gewoon een deel van ons. Als we hen hier leren pokeren gaan we nog eens goed lachen… Ook met die klemtonen in de woorden en op de klinkers is het onmogelijk uit te maken of iemand kwaad is of sarcastisch is of ironisch. Waarschijnlijk hebben ze deze manieren van uitdrukken totaal niet in hun cultuur.

Iñigo en Wim moeten nog aan hun presentatie werken, dus wachten we nog wat vooraleer te gaan eten. We hebben beloofd naar Lan te gaan, dus kennen we reeds onze bestemming voor vanavond…

Wanneer dan de vraag komt waar we gaan eten stellen we voor om het aan Giang te gaan vragen. We hebben haar licht gezien bij het naar buiten gaan. Iñigo en Wim stemmen toe en we gaan haar even vragen of ze ons kan zeggen waar we goed kunnen eten. Ze zegt dat ze niet direct iets te doen heeft en ondanks dat ze al gegeten heeft wilt ze ons wel tonen waar het is. We hebben de keuze tussen een ver gelegen plaats en een dichtbij gelegen plaats. Wij willen niet ver gaan. We introduceren haar (na 5 minuten wachten omdat ze zich wat moest opmaken) aan de twee anderen en ze raakt meteen aan de praat met Iñigo, heel geïnteresseerd naar het Spaans. (dat komt vooral omdat ze graag romantiek heeft en Spaanse romantische muziek mooi vindt. Ze is oa fan van Enrique Iglesias…)

Er komt even een pijnlijke spanning omdat we voorbij Bia from the wall moeten passeren en we weten dat Lan er is vanavond. Als we daar in de buurt komen ziet ze ons van mijlenver aankomen. Natuurlijk heeft ze de hele avond in spanning op ons gewacht en ze bestelt meteen doodgelukkig 4 biertjes. Het breekt ons hart en we schamen ons te pletter, maar Iñigo gaat haar zeggen dat we later zullen komen omdat we eerst gaan eten. Giang begrijpt er niet al te veel van en dan leggen we haar uit dat Lan juist het meisje is dat ons die sms-sjes heeft gestuurd gisteren. We durven niet te denken aan Lans hartje dat nu misschien gebroken is.

Als we de hoek omgaan blijkt dat ze ons gewoon naar ons lekkere restaurantje brengt. We schieten natuurlijk in de lach als we haar vertellen dat dit ons favoriet restaurantje is. Na enig overleggen gaan we toch daar eten omdat de twee anderen nog een laatste lekkere mi-xao willen eten voor hun vertrek naar Ho Chi Minh. We gaan heel gewoon zitten en wanneer we vertellen aan Giang dat we vaste klanten zijn en bijna accentloos bestellen opent ze haar mond in een wijd gebaar van uiterste verbazing. Ze schiet zo hard in de lach, vindt ons echt ongelooflijk. Ze had nooit verwacht dat we het al zo goed van afbrachten. Ze kuist dan heel lief voor ons het bestek en wilt ons dan leren hoe we met stokjes moeten eten. Maar ja, we zeggen haar dat we hier al 5 weken zitten en we het best wel kunnen. Haar verbazing blijft groot. Toch moet ze op een bepaald moment weer enorm lachen omdat we die hard onze rijst met de stokjes opeten. Blijkbaar eten alle viets het met de lepel, op de zwangere vrouwen na. Ja, geen wonder dat ze moet lachen en nu begrijpen we ook waarom alle andere viets ons uitlachten.

Maar bon, de gesprekken gaan weer over cultuurverschillen, deze keer Spanje erbij betrekkend, over frieten en over de nationaliteit van Giang. Ze doet nu heel raar. Enerzijds maakt ze duidelijk dat ze Viets is, maar regelmatig zegt ze dingen in het Chinees, alsof ze duidelijk wilt maken dat ze Chinees is. Ze spreekt soms ook heel kriptisch. Het lijkt wel of ze schizofreen is. Het ene moment is ze bloedserieus en kan met niets lachen, de andere moment is ze weer superlief en lacht ze vrolijk met onze mopjes mee. Enfin, tijd om te betalen waar ze weer verbaasd is dat we ook dat begrijpen.

Iñigo wil absoluut nog een laatste goede Sinh to du du en we gaan naar ons favoriete fruitsapbar. Ook hier wil Giang ons er naartoe brengen en is ze verbaasd te merken dat we de plek al kennen. Deze keer bestelt ze er ook watermeloenpitjes bij. Deze zijn heel lekker. We lachen er nog op los en hier is Giang weer heel leuk. Als het 22u wordt drinken we allemaal in versneld tempo onze fruitsap op omdat we weten dat bia from te wall bijna gaat sluiten en we willen Lan niet laten zitten.

Wanneer we er dan naartoe gaan is Giang weer volledig verbaasd, totaal van de kaart, niet begrijpend dat we nu naar Lan gaan, hoewel we al de hele tijd zeggen dat we absoluut naar Lan moeten en dat het zelfs daarom is dat we onze vruchtensappen snel opdrinken. Ze groet ons en loopt snel weg zonder Iñigo en Wim te groeten. We snappen er niets meer van.

Lan vraagt op een moment waarom de girlfriend weg is, maar we slagen er niet in het uit te leggen. Dat is het eerste ding van de todo-lijst van Damien. Iñigo entertaint weer met gekke tekeningetjes, maar hij is niet echt in vorm meer. Zijn grapjes worden stom en hij begint flauwe dingen op te zoeken om aan Lan te zeggen zoals “Touch me there”. Gelukkig merkt Lan het niet omdat ze ook nog moet werken. Na een tijdje komt ze ons zeggen dat er twee mannen zijn die iets van haar willen en dat ze het niet leuk vindt. Ze vraagt dan na een tijdje of ze de fiets van David mag hebben. De vraag komt zo raar aan en we leggen niet direct de link met de mannen. We waren van plan bij het vertrekken uit Ha Noi haar een fiets te geven, maar dat ze het zo direct vraagt verbaast ons enorm. Maar blijkbaar wil ze gewoon de fiets lenen tot morgenochtend, zodat ze gemakkelijker weg kan van die twee viezerikken. Hierop gaat David onmiddellijk zijn fiets halen (en hij krijgt problemen met de gamekeeper die hem verbiedt de fiets naar buiten te nemen omdat hij dan niet meer terug naar binnen zal kunnen. Hij kan het op te lossen door te zeggen dat hij niet terug zal komen vanavond). Lan is ons heel dankbaar en bij sluitingstijd verlaten we de bar met een wantrouwige blik op de twee viezerikken. We vertrouwen het niet echt.

Zelfs geen 2 minuten later, terwijl we terugkeren naar de student home horen we ineens luid gelach en vrolijk geloei dat voorbijzoeft op volle snelheid: “Bye byyyyyyyiiiiiiiiiiieeeeeeeeeeee!” En dan denken we: Wat is ze toch grappig…

Sunday, 21 October 2007

37ste dag => Visit de locals

Deze ochtend moeten we opstaan om 8u omdat Tum ons met een vriend van hem, Hung, komt halen om naar zijn huis op het platteland te gaan. Om 8:25 gaat Damien David halen, die zich ook al aan het klaarmaken is. Om 8:35 staan we beneden aan de poort en wachten we 5 minuutjes. Tum komt eraan en hij heeft een helm bij voor elk van ons. Op de snelweg is het blijkbaar beter een helm te dragen. Het huis van Tum is zowat 20km verwijderd van Ha Noi. Toch pendelt Tum niet elke dag zoals wij het gewoon zijn. Hij heeft een kot op een km van de universiteit.

We komen vast te zitten in een gigantische file op de snelweg. Overal zijn veel auto’s met daartussen moeizaam slalommende brommertjes. Af en toe moet Tum op de zijkant van de weg rijden, waar veel zand ligt. Damien moet soms zelfs afstappen omdat het brommertje niet uit de kuilen geraakt. Een oudere vrouw heeft ook veel moeite en elke keer een bult is of een kuil moeten mensen afstappen van hun brommertje om haar te helpen duwen. Het blijkt allemaal te zijn omdat ze stukken van de asfalt aan het hergieten zijn, maar dan wel op zijn Viets: De helft van de straat, wat logisch is, maar in stukken van 10m lang elke keer. Het lijkt wel dat ze willen uitsparen of zoiets.

Dan komen we in het dorp van Tum aan, waar blijkbaar ook Hung woont. Het dorp is enorm druk bevolkt. Er wonen hier 10000 mensen en alle huizen gaan gewoon in elkaar over. Het lijkt wel of ze allemaal boven en in elkaar gebouwd zijn.

De mensen kijken ons hier nog raarder aan dan ooit tevoren. Ze zijn enerzijds heel nieuwsgierig en anderzijds blij iets spannends te zien, dat uit het ordinaire valt. Dat gaat gepaard met enorm veel gegiechel en de typische enthousiaste “Hello”.

Tum brengt ons meteen naar zijn huis waar zijn moeder ons enthousiast begroet. We gaan onmiddellijk zitten op de harde houten zetels van de woonkamer (nadat we onze sandalen hebben uitgetrokken of course) en drinken zeer sterke, bittere en lekkere Vietnamese thee uit een zeer compact luchtledig getrokken zakje. Hiermee krijgen we verse papaya uit de tuin te eten, wat buitengewoon heerlijk is. We zien bij het rondkijken dat er weinig meubels zijn. Een bureautje is in een hoek onde de zeer steile trap gezet waarboven posters van Britney Spears en Madonna hangen, een buffetkast met haast niets in staat naast de lage salontafel, de bovenverdieping heeft geen muur om af te sluiten van de rest, dus is alles 1 grote, open ruimte. Hung kan helaas moeilijk onze conversaties volgen. Het duurt een tijdje eer dat Tum erbij komt zitten en we doen ons best iets constructiefs te vertellen aan Hung, maar tevergeefs.

Met Tum gaan de gesprekken over de cultuurverschillen, zoals gewoonlijk. We komen te weten dat een inschrijving van 1 jaar op de univ voor hen 2000000 dong kost. Dat is 87 euro of zoiets. Hij is natuurlijk verbaasd als we hem zeggen dat het bij ons 750 euro kost. De jongsten krijgen nu ook een soort beurs van de regering waarmee ze hun studies kunnen betalen (en hun kot). Eens de student werk heeft moet hij het terugbetalen (met kleine interest).

Hung wilt ook zijn huis aan ons tonen. Dus gaan we even op weg, zo’n 500 m verder. De wirwar van straatjes zitten vol verrassingen. De hond is hier hevig aanwezig. We zien er zelfs twee paren, weliswaar op een totaal andere manier dan wij gewoon zijn (door precies met hun achterwerk tegen elkaar te leunen of zoiets) Af en toe zien we ook katten. Deze zijn hier enorm mager en klein. Zo klein dat sommige van hen zelfs bang zijn van muizen, die er niet aan twijfelen om hun vijand venijnig te bijten. De katten zijn dan ook doodsbang van de ratten. Kinderen lopen her en der in de straten en lachen zich kriek als David een foto van hen wilt nemen. Tum vertelt ons dat ze dat heel graag hebben, dus David neemt dit vrolijke gelach gretig op. Het is zo leuk.

We zien nu ook hier en daar de bomen die we hebben leren associëren met de lekkere vruchtensappen. Hier draagt ook iedereen de typische conische hoed (enkel de vrouwen natuurlijk) Het huis van Hung ligt aan de rand van de stad en is beduidend groter dan dat van Tum. Terwijl het huis van Tum een woonkamer, een slaapkamer op de eerste verdieping en nog een andere boven de kleine keuken, telt dit huis slechts een enkele verdieping, waarbij alle kamers naast elkaar staan. Ook hier zijn de stevige houten zetels te vinden. Op de muur hangen ook religieuze opschriften en gezegden vanwaar zelfs Hung en Tum niet weten wat ze exact betekenen. Een van de gezegden zegt zoiets als “De zoon is respectvol tot zijn vader en dat is beter dan 10000 beenderen”. Voor eigen interpretatie vatbaar… We zien hier enorm veel kinderen rondlopen. Deze komen spelen bij ons, om zich te laten zien en horen. Momenteel hebben ze hevig plezier met een stuk plakband dat ze voor een van de jongetjes zijn ogen plakken zodat deze komiek achter de anderen aanloopt.

Hung geeft ons Che’s, wat wij op taarten zetten in Belgie. Dat is een vrucht in stervorm dat heel duur is bij ons, maar bijzonder lekker is. Deze hier zijn nog niet helemaal rijp en zijn nog wat bitter en krokant. Zij eten het hier blijkbaar met wat zout, maar dat willen we niet meteen. De moeder van Hung komt even nieuwsgierig kijken wie we zijn en wat we doen, maar ze is duidelijk veel meer moe en uitgeleefd dan Tum’s moeder. Waar Tum’s moeder ons met een hartelijke glimlach ontvieng, kijkt deze een beetje zuur. Tum stelt voor om eventjes een wandeling te maken in het dorp, maar de batterijen van Davids fototoestel zijn plat, dus moeten we even langs bij Tum om nieuwe te gaan halen.

Daar aangekomen blijkt het echter tijd te zijn voor het middagmaal. We mogen op een soort mat van bamboe gaan zitten en al gauw wordt een hele kip gebracht (in stukken gesneden), een lekker gerecht met stukjes rund, mi-pho en een potje met saus. Het is natuurlijk echt overkill tot en met. We hadden wel verwacht dat er veel te veel zou aangeboden worden. Ook komt de vader aan met een ton Javel (van 6l of zoiets) dat half gevuld is met koel bier. We worden een beetje uitgelachen omdat we proberen met onze stokjes de beentjes van de kip te krijgen, alsook het vel. Uiteindelijk zeggen ze ons dat we maar met onze handen moeten eten als het te moeilijk wordt. De dipsausjes zijn echt heerlijk. We krijgen elk ook een klein kommetje dat dient om niet te morsen op de vloer. Het is heel gezellig hier met zijn zessen rond een plateau op de vloer te zitten. Elke keer we drinken wordt ook het glas geheven en wordt er geklonken. Damien is het eerst compleet vol en hij heeft moeite dat zo beleefd mogelijk duidelijk te maken. David, een poosje later neemt het efficiënter aan met “Toy”, wat gewoon “genoeg” betekent. Hierop wordt gelachen. Het is blijkbaar helemaal niet onbeleefd om het zo te doen. Goed om te weten! Er lopen een heleboel gesprekken los in het Viets en Tum heeft geen tijd om het allemaal te vertalen. Hij doet zelfs geen moeite… David vraagt toch even wat er daar aan de muur hangt. Het ziet er uit als een soort contract, misschien het huwelijkscontract? Welneen, net blijkt een soort diploma te zijn van verdienste aan de staat. De vader van Tum is ex-strijder. Hij heeft meegevochten in de oorlog tegen China van 1979. Geen wonder dat het leven in Viet Nam tijdens de eighties zo moeilijk was. Er zijn ook zoveel Viets geëmigreerd. Ik denk dan bijvoorbeeld aan de Vietnamees die in België een restaurant heeft geopend in 1992 waar ik regelmatig ga eten met mijn familie. Ook had het buurmeisje van David, Giang, ons vertelt dat de meisjes van de eighties veel beter met geld kunnen omspringen dan de nineties-generatie. Deze laatsten zijn veel meer bedorven geweest en weten niet hoe hard het leven kan zijn. Dit tafereel is exact dezelfde als bij ons in de sixties, gevolgd door de gekke seventies.

Na het eten gaan we weer zitten op de massieven houten stoelen om thee te drinken. De moeder begint ondertussen aan de afwas. Na een tijdje moet de vader weer gaan werken en we blijven met zijn vieren achter. Hung valt in slaap omdat hij nog altijd niet echt bij de conversaties wordt betrokken, waarop Tum ons vraagt of we willen rusten, naar Vietnamese gewoonte. Als we zeggen dat het niet nodig is vraagt hij het nog eens. Uiteindelijk vraagt hij het 6 keer en dan geven we toch toe, gewoon omdat we niet meer weten wat anders te doen. Hij wijst ons een kamer waar we mogen gaan liggen op een bamboemat, net zoals deze in de woonkamer. Het is natuurlijk hard, maar we mogen toch een kussen onder ons hoofd brengen. Damien zet de wekker op een half uurtje, om toch nog iets aan de dag te hebben.

Wanneer we wakker worden van ons kort dutje (maar dat wonderlijk genoeg meer deugd doet dan men zou denken), blijkt dat de anderen totaal niet geslapen hebben, maar gedurende dat half uurtje gewoon wat gebabbeld hebben met Tums moeder.

Nu gaan we weer op weg om het dorpje te bezoeken. Zo toont tum ons de religieuze tempel en de marktplaats. We zien kinderen schijnbaar spelen in een diepe modderpoel, maar het blijkt dat ze aan het vissen zijn. Er is een bepaalde soort vis dat in de modder leeft. Het is heel speciaal voor ons om deze jongeren tot hun middel in de modder te zien bewegen om af en toe in de modder te duiken met hun armen. Hoe ze het doen is ons een raadsel. Tum gaat ook even aan een bos lianen zwengelen van een boom, ons vertellende dat dit het typische soort spelletjes van het dorp is.

De tempel zelf is rijk gedecoreerd met de typische felle kleuren, allerlei draken en schildpadden. Ook zijn er overal Chinese tekens te vinden. We krijgen meer en meer de indruk dat de Vietnamese cultuur een afkooksel is van de Chinese grote broer.

Een beetje verder is men druk een nieuw huis aan het bouwen en dan komen we op de marktplaats. Deze is volledig verlaten (blijkbaar is deze het actiefst om 5u ’s ochtends) op een slapende man en drie spelende jongeren na. Het is hier nu vuil, vol vliegen en het ziet er redelijk bouwvallig uit. Het is moeilijk zich in te beelden dat het hier ’s ochtends stikt van het volk. In de struiken zijn waarschijnlijk slangen en Tum is er duidelijk bang van. Wanneer we te dichtbij komen wenkt hij ons snel om weg te gaan.

Het voorstel van hem is nu om een Pagode te gaan bezoeken. Blijkbaar is er eentje op 7km afstand op een berg. We stemmen toe en keren dus terug naar Tums huis om de brommer op te halen. Een kort bezoekje in de wc maakt ons duidelijk dat we niet in de jungle hoeven te gaan om gigantische spinnen te vinden.

Op de weg naar de berg zien we weer talrijke bijzonderheden, zoals een vrouw die gewoon kledij verkoopt langs de kant van de weg. Ze heeft hiervoor een hanger op wieltjes mee. Er zijn ook veel boeren die hun fruit of groenten proberen te verkopen.

Aangekomen aan de basis van de berg komt een vrouw meteen op ons af en wijst ons een goede parkeerplaats voor de brommers, waar ze achter slot en grendel kan zetten. Ze verkoopt ons ook elk een flesje water (waarvoor Tum allemaal absoluut wil betalen) en we gaan op weg richting berg. Van op een afstandje volgt ze ons. We zien hier twee jongetjes vissen in het meertje naast de weg, waarin ook een soort tempeltje staat. Een van de jongetjes vangt zelfs een klein visje en is zo trots en blij dat het moeilijk is dit tafereel vast te leggen op foto.

We komen aan de berg en we beginnen aan de klim. Deze berg is op zich heel speciaal omdat hij zo uitsteekt in het landschap. Alles is hier zo vlak en het lijkt wel of iemand hier toevallig ‘en passant’ een gigantische steen van enkele miljoenen ton heeft verloren. De vegetatie op deze rotsformatie is ook heel dichtbegroeid. Na veel trapjes, gepuf, gezweet en gehijg (het is iets rond de 30 graden) komen we aan het begin van een netwerk van bidplaatsen. Meestal gaat het om een graf met Chinese inscripties die een paar honderden jaren oud zijn. Daarvoor staat dan ook een bak met wierrookstokjes, tot de rand gevuld. Overal zijn ook kinderen die allerlei decoratieve prulletjes verkopen. Voor ons ziet het er allemaal gewoon kitsch uit. Tum vindt het zelf ook niet zo mooi. Ondertussen heeft de vrouw ons ingehaald en ze volgt ons van heel dichtbij. Af en toe geeft ze uitleg over de graven, waar zeer heilige plaatsen zijn enz. Dit is helemaal nieuw voor Tum, en hij weet niet goed wat doen. Hij is het niet gewoon een gids te hebben die alles voor hem uitlegt als hij iets bezoekt. Hij is zodanig in de war dat hij af en toe dan buigt in bidhouding terwijl hij eigenlijk helemaal niet religieus is ingesteld. Het is echter snel duidelijk dat hij een zekere vorm van bijgelovigheid in zich heeft. We zien hier ook prachtige decoraties zoals draken die rechtstreeks uit het steen gehouwen zijn. De rotsen zijn hier heel scherp en steil en we klimmen ook tot de top ervan, voor enkele foto’s. Heel voorzichtig met onze sandaaltjes komen we terug naar beneden waar de gids ons opwacht. We gaan dan richting grot uit. Blijkbaar is in deze berg een mooie rots te zien. We volgen de gids op een dun padje langs de rand van de berg en stappen voorbij een heleboel kraampjes die drank verkopen. Er komen ook een aantal Vietnamese toeristen naar beneden. Dit is dus een toeristische plek, maar gelukkig alleen voor Vietse, waarschijnlijk omdat het zo afgelegen is.

Aan de ingang van de grot is een wachter die ons een zaklamp huurt. We dalen af in de pikdonkere grot waar enkele treden grof zijn uitgehouwen. Deze grot is nog vochtig, niet zoals de toeristisch uitgebate broeder in het Cat Ba-eiland. We moeten goed opletten want het is heel gemakkelijk uit te glijden en de grot is ongezond diep (ongezond als je er in valt ten minste). De gids vertelt ons dat dit de “love cave” is. Ze wijst naar een stalactiet en eronder een verse stalactiet en zegt ons dat een deel ervan een jongetjeshart is. Als we hierover wrijven met ons rechterhand, zullen we snel een vriendin hebben. Nadat we allemaal ons hand er eens op gezet hebben, gaan we verder naar beneden. Daar zegt ze ons dat die rode vlekken op het plafond dat we alleen kunnen zien omdat zij ernaar wijst met de zaklamp komt van het vele bloed dat de krijgers van duizenden jaren geleden hebben verloren. Onwillekeurig gaat er een gedachte in ons op dat men toch van alles kan vertellen over roest (of wat erop lijkt). Nog een beetje meer naar beneden toont ze ons een schuine muur boordevol met omgevallen stalactieten waarin duidelijk een slang te zien is. Deze is de slang die zich verstopt in de rijstoogst. Als je deze aanraakt, zal je veilig zijn en ga je eten hebben op jouw bord. Nog een beetje verder toont ze ons een draak (weer een bizar uitsteeksel van het kalkgesteente) die onze familie goed geluk moet brengen (als je er aan komt). David probeert hier allemaal foto’s van te maken, maar uiteraard tevergeefs. Bovendien zijn alle rotsen zowat roetzwart gemaakt van de vele wierrookstokjes die bij elk imaginair dier aan het branden zijn. Je kan namelijk stokjes kopen van de gids om extra veel kans te krijgen je wensen waar te maken. Zoals David zo goed verwoordt: “Bijgelovigheid gecombineerd met een goede neus voor zaken…”

Nog verder is een kikker die gegarandeerd een geslaagd jaar op de unif zal opleveren. Ze wijst op een opening in het plafond waar het zonlicht vrolijk binnensijpelt, een hele botterham afdrommend, en vervolgens wijst ze naar een pikkedonker gat aan de overkant waarover ze nog meer vertelt. Tum vat het ons allemaal bondig samen met: “This is heaven and this is hell…” Tussen de hel en de hemel staat een grafsteen in de muur gekerfd waarop de namen van 3000 soldaten staan die voor Viet Nam gesneuveld zijn duizend jaar geleden.

Gek genoeg blijken we verder te gaan, rechtstreeks naar de hel toe. Nu komt dat natuurlijk heel gek over. Hier hebben ze een verhoogje gebouwd uit baksteen waar een soort schaal staat. Hier verkoopt de gids gouden hartjes van fake bladgoud en maakt ons duidelijk dat als we zulk een hartje geven aan onze vriendin (degene die we net vergaard hebben door ons hand op het jongenshart te plaatsen) ze zeker met ons zal trouwen. Even is Tum helemaal in de war en denkt hij dat hij het echt moet doen. Blijkbaar heeft de gids heel overtuigend gesproken. Maar als Tum zich naar Damien keert met zo’n kaartje in zijn hand zegt Damien eenvoudigweg: “We don’t have girlfriend, so we don’t need to marry her…” Dat brengt hem blijkbaar weer in onwe wereld en hij geeft gewoon de kaartjes terug, alsook de wierrookstokjes dat de de aandachtige gids ook al in zijn hand had geschoven.

De gids stapt dan maar wat verder de hel in. Daar hangt een adelaar die het massagraf van de vele soldaten die in deze grot zijn gesneuveld bewaakt. (de adelaar is weer een rare kalksteenformatie) Het is natuurlijk ontzettend symbolisch allemaal en het klopt als een bus: Stap een pikdonkere grot binnen, glij bijna uit en verlies je leven in de donkere diepten om een vriendin te vinden. Stap gewoon de hemel voorbij rechtstreeks de hel in, trouw met je vriendin en daar is het massagraf voor jou. Misschien zijn de symbolen toch allemaal onafhankelijk en niet sequentieel in acht te nemen…

Enfin, het massagraf zelf is een betonnen bak met een klein kijkgaatje in. De gids vertelt ons dat je zelfs de beenderen kan zien liggen van de duizenden soldaten. Een blikje erin toont ons inderdaad beenderen, in stukjes van elkaar. Maar wat we ook zin is bijzonder veel vuiligheid. Wat er mij aan doet denken even te moeten vermelden dat de hele grot in het algemeen bezaaid is met papiertjes van allerlei snacks en andere vuiligheid. Op een of andere manier slagen de Viets er in om ook deze grot volledig naar de vaantjes te helpen. Het is echt een slechte attitude omdat ze niet weten wat ze hier in handen hebben.

Nu hebben we blijkbaar alles van de grot gezien en we vinden snel onze weg terug naar buiten. Daar rusten we even uit bij zo’n kraampje en zien een aantal jonge Vietse toeristen voorbijlopen. Ze vragen waarvan we komen en als we enthousiast “Bi” zeggen giegechelen de meisjes terwijl ze iets zeggen. Tum vertaalt het ons omdat hij het zo grappig vindt: “Ah, knapperd, heb je geen zin om met mij te trouwen?”

Na genoeg uitgerust te hebben beginnen we aan de afdaling en kruisen weer een heleboel jongeren die ook elke keer even overleggen alvorens te vragen: “Where are you from?” Damien die ondertussen al goed geoefend is in uitspraak van de Vietnamese ‘B’ zegt iets te enthousiast “BI!”, wat algemene hilariteit veroorzaakt terwijl de giechelende meisjes die klemtoon zo grappig herhalen.

Eens beneden verlaat de gids ons en Damien vraagt aan Tum hoeveel hij denkt dat het gaat kosten. Hij heeft er echter geen idee van, en Damien belooft wat ook de prijs is dat we kunnen afspreken met de gids, hij ervoor zal betalen. We wandelen in het dorpje rond de berg en David neemt nog wat foto’s van de boerderijtjes. We komen weer aan het meertje en deze keer zien we ook een tempel waaruit getrommel komt. We zoeken hiervan de ingang, die we redelijk snel vinden om een heleboel Vietse toeristen te zien met een gids. Tum luistert af en weet ons te vertellen dat dit een 700 jaar oude tempel is die hier gezet is ter ere van de 18 helden van Viet Nam. Deze zijn op de zijkant van de tempel uitgebeeld. Ze zien eruit als gezellige dikkertjes en totaal niet als de spierbundels die we ons bij het woord ‘held’ voorstellen.

Binnenin de tempel zijn weer veel altaren geplaatst en ze zien er vergelijkbaar uit als diegenen in de Literature Temple van Ha Noi. In de zijtempel horen we weer het getrommel en Damien wil dit absoluut gaan zien. Hier zijn gigantische beelden van de helden te zien. Deze keer dragen ze Samoerai-harnas en zwaaien ze met een vreemd uitziend zwaard. Het grappige is dat hun buikje ook verwerkt is in de harnassen. Ze zien er uit als bewapende Bouddha’s. (zonder de langer oorlellen)

Nu zien we eindelijk de bron van het getrommel: een klein, oud vrouwtje dat terwijl ze luidop een gebed leest uit een boek, met haar rechterhand met een soort verfborstel op een holle houten bal klopt. Het is allemaal ritmisch juist en het gebed heeft iets aanstekelijks. Maar nu hebben we alles gezien dus gaan we weer naar buiten.

Buiten wil vraagt Tum ons of we wat willen drinken. David zegt heel humoristisch “Maybe another time”, maar Tum ziet hierin geen grap. Hij ziet het zelfs gewoon als een “neen”. Als Damien toch vraagt of hij het wil en hij gewoon ja zegt gaan we aan tafel zitten. We bestellen twee Ha Noi beers en vier glazen. Tijdens de degustatie raakt Hung in gesprek met de verkoopster die uitlegt dat we eigenlijk het ondergrondse meer gemist hebben, wat redelijk de moeite waard is. We zijn te moe en dus gaan we naar het brommertje toe nadat Tum weeral betaalt. (misschien hebben ze daarom ook slechts 2 biertjes besteld)

We halen de brommertjes op en de gids vraagt blijkbaar 50000 dong. Dat vindt Tum veel te veel en hij weet echt niet wat doen. Damien komt er echter tussen en betaalt gewoon de 50000 dong. Tum is behoorlijk verbaasd en Damien doet zijn uiterste best om uit te leggen dat 50000 dong voor een gids echt niet veel is, vooral als je vergelijkt met de 30 euro die men gemakkelijk betaalt in Europa. Dat leidt ons gesprek op de brommer naar de gigantische prijsverschillen tussen Europa en Viet Nam. Eindelijk begint Tum te begrijpen waarom we hier in Viet Nam zo rijk lijken, terwijl we eigenlijk heel gewoon leven in Belgie. Dit wordt nog eens versterkt als hij ons vertelt dat een huis bouwen 12000 euro kost en hij zijn ogen verbaasd open trekt als hij te weten komt dat hetzelfde bij ons gemakkelijk 300000 euro kost (op 10 km van Brussel he) Omdat het zo hoog is moeten we hem de waarde ervan laten inschatten door hem te zeggen dat je hier in Viet Nam daarmee een stuk of 500 brommertjes kan kopen, waardoor ineens zijn dong valt en zijn verbazing ten top komt.

We spreken hier nog wat rustig verder over op het dak van zijn huis terwijl een we een grote pomelo uit de tuin degusteren.

Dan is het tijd om te vertrekken en dat betekent dat we ook onze cadeautjes van gisteren boven halen. We hebben de hele dag stiekem overlegd hoe we de twee biertjes en de doos chocolade zouden verdelen en uiteindelijk geven we de doos chocolade aan Tums moeder. Hierbij gaat Damien voor haar staan, buigt eerbiedig terwijl hij de chocolade met twee handen aan haar aanbiedt. Ondertussen zegt hij: “It was an honour for us to be invited at your house and therefore we want to present you this typical Belgian speciality” Tum vertaalt het even waarop de moeder luid en enthousiast zegt dat het helemaal niet nodig was en dat ze ons heel dankbaar is enz. De honour is duidelijk voor haar geweest in hun denkwijze. Daarna brengt Damien ook een fles Chimey naar de vader die prompt opstaat uit zijn harde stoel en ook vriendelijk bedankt met een aantal hoofdbuigingen. David neemt de fles bruine Leffe en gaat op Hung af om het hem te geven uitleggend dat we niet wisten dat we ook bij hem uitgenodigd zouden worden. Onze bedoeling was de twee flessen aan Tums vader te geven, maar kom. Misschien vragen sommigen van onze lezers zich af waarom we zo weinig geven. Wel, het ziet er niet goed uit als we hier ineens iets brengen dat een maandloon waard is. Deze goederen, goed voor 200000 dong, zijn al een tiende van het inschrijvingsgeld voor Tums unif en dus serieus overkill already… We houden steeds de waarschuwing van Giang in ons achterhoofd dat we niet teveel mogen geven aan de armen, omdat hen dat volledig overhoop zou brengen.

We groeten hen nog vriendelijk terwijl ze ons uitwaaien en zeggen dat we terug mogen komen wanneer we ook maar willen en daar zijn we weer op de autostrade naar Ha Noi. Op de weg vertelt Damien aan Tum wat we gezien hebben in Ha Long over al die prostitutie en de toeristen enz, goed benadrukkend dat dit allemaal onethisch en onrespectvol is tov de vrouw, wat hij helemaal beaamt. Hij lijkt verrast, wat ergens toch een opluchting is (alleen hopen dat hij verrast is over de prostitutie en niet over Damien’s visie natuurlijk) Het is ook de eerste keer dat Damien een uitgesproken mening uit een Viet krijgt, wat op zich merkwaardig is.

Ze zetten ons af aan de Student home en na een kort afscheid gaan we even uitrusten en napraten in Davids kamer.

Ondertussen krijgen we ineens een sms-sje van Lan op Damien’s gsm. We verstaan er niets van omdat het vooral Viets is. We zoeken dus een tiental minuutjes op in het woordenboek wat het allemaal zou kunnen betekenen. Dit is op zich een heel moeilijke taak aangezien elk woord een tiental varianten heeft volgens de accenten die erop staan en dat ze blijkbaar geen accenten kunnen zetten op hun gsm. Alles is gewoon in blokletters geschreven. Men moet geen wiskundig genie zijn of expert in statistiek om door te hebben dat per zin van 10 woorden dit heeeeeel veel mogelijkheden open laat. We raden dus dat ze vraagt of we Viet Nam mooi vinden en iets van dat we nog maar een klein deeltje gezien hebben. We antwoorden er dus op dat we Viet Nam prachtig is, we heel veel plezier hebben en zeker nog meer van Viet Nam willen zien. Daarop krijgen we weer een andere sms-sje, nog langer dan het vorige. Dit is echt een ramp. We gissen er op los en terwijl we aan het typen zijn krijgen we een rdv van haar voor een voor ons totaal onbekende straat om 10u. Daarop antwoorden we dat we om 9u op het politiekantoor moeten zijn, waarop ze in het Engels bevestigt dat ze er zal zijn. Ondertussen is Giang terug van haar trip naar Haiphong en we volgen haar even op de gang omdat ze gehaast is. De taxi is nog aan het wachten en al lopend vertaalt ze ons de sms-en: “Ik zal jullie missen als jullie niet meer in Viet Nam zitten” En het tweede sms-sje: “Wanneer kom je nog terug naar Viet Nam?” Ahaaaa, dat is wat ze zegt… Daarop antwoorden we dus dat we haar ook zullen missen, maar dat ze niet moet treuren omdat we hier nog een klein maandje zijn. Ok, ik geef toe, niet met zoveel woorden, maar we hopen dat the message duidelijk is.

Een uurtje later krijgen we toch honger en omdat David wat rijst wil zoals op de HUT gaan we weer naar een straatrestaurantje dicht bij de student home. Daar zijn ze weer gigantisch blij ons nog eens te zien en nadat we zitten komt de glimlachende serveuse ons iets zeggen over rijstteelt (volgens Damien’s woordenboek), wat natuurlijk onbegrijpelijk is.

Daarna nog wat bloggen en hop in bed, want morgen vergezelt Lan ons naar het politiebureau om onze fietsen op te halen…









































































































































Saturday, 20 October 2007

36ste dag => Op Vietnamese meisjes-jacht

Vandaag staat Damien als eerste op, op Iñigo en Wim na, die deze ochtend vertrokken zijn naar een georganiseerde tocht naar Sappa. Op de weg naar Davids kamer komt hij Giang tegen. Hij vertelt haar over de fietsen en ze zegt dat hij eerder best naar de directeur van de student home gaat. Die wasvrouw is veel te hebberig. Het is niet goed om haar de fietsen te geven. Het is onjuist. Blijkbaar is het bureel van de directeur op het gelijkvloers. Damien gaat meteen David wakker schudden en samen gaan we kijken wat we kunnen doen om onze fietsen te recupereren.

Het bureel blijkt verlaten te zijn en na tien minuten wachten voor de deur klampen we een langskomende kuisvrouw vast en vragen haar naar de directeur. Ze kent helaas geen Engels en herhaalt steeds hetzelfde, waar we niets van begrijpen. Weer tien minuten later komt een andere langs die wel Engels begrijpt en zegt dat de directeur pas maandag terugkomt. Ach zo.

We hebben gehoord dat het Vrouwendag is vandaag. Dat is dus een dag waarin de vrouw op de eerste plaats staat. Het is dan de bedoeling om bloemen te geven aan het meisje dat je graag hebt. Het kan ook zeker zuiver amicaal zijn. Dat weten we van de bowlingstudenten van gisteren. We denken onmiddellijk aan Lan en Giang en gaan meteen twee boeketten kopen voor 100000 dong. We brengen het eerste boeket bij Giang, die bezoek heeft van een Chinese vriendin (Giang heeft een enorme interesse voor China. Ze wilt zelf graag Chinees worden). Ze is helemaal overdonderd en haar reactie is niet helemaal gepast. Ze staat gewoon paf van verbazing. Ze bedankt ons toch en moet dan weer aan het werk, dus sluit ze snel weer de deur. Ze is vooral een beetje beschaamd omdat ze ons niet kan binnenlaten om ons te bedanken, daar ze bezoek heeft.

Toch zien we dit als een succes en brengen met goede moed het volgende boeket bloemen bij Lan. Ze zit met twee vrienden of zoiets op een stoel. Ze ziet ons aankomen en groet ons zoals gewoonlijk. Ze is helemaal verrast door het boeket en Damien legt het vast op foto. Ze kan het eerst niet echt geloven, maar de twee jongens naast haar hebben het al lang door dat het voor haar is. Ze wijzen veelbetekenend naar elkaar en naar haar. Nu bloost ze zo leuk en lacht ze heel verlegen. Ze nodigt ons uit voor een biertje en geeft ons nootjes. De conversatie start stroef, maar met de woordenboeken gaat het gemakkelijker en ze leert ons de verschillende groeten in het Viets. We komen te weten dat ze 22 jaar oud is (1986), maar dat ze haar 21 beschouwen omdat ze bij de geboorte 1 zijn. Ze vertelt ons ook dat ze om 13u vrij is om naar huis te gaan, 30 km buiten Ha Noi. In de week woont ze in haar gehuurd huisje in Ha Noi, op een km van haar werkplaats. We vertellen haar over de gestolen fiets (wat ze heel grappig vindt) en als we zeggen dat we denken dat het bij de politie is en vragen waar het is, zegt ze ons dat het blok A2 is. Maar omdat alles hier chronologisch is genummerd, hebben we daar niets aan. Dat betekent dus dat de gebouwen zijn genummerd volgens de volgorde dat ze gebouwd zijn. Zo staat gebouw K8 naast gebouw A2. We zijn totaal radeloos en na een kort woordje met haar collega’s vergezelt ze ons ineens en escorteert ze ons naar de politie. Een paar straten verder vinden we het kantoor (ze moet zelf ook hier en daar vragen waar het ligt) Daar maakt ze duidelijk dat we fietsen kwijt zijn en de politieman wijst naar de garage, waar we dus onze fietsen zien staan, geketend. Lan moet zo hard lachen met onze blije blik en wijdopen ogen bij het herkennen van onze fietsen, dat zelfs de politieman een glimlach boven tovert. Helaas mogen we de fietsen niet meenemen omdat we met 4 moeten zijn. Damien belt even naar Iñigo om te vragen of het mogelijk is maandag om 9u terug te komen (ze komen maandag om 5u terug van Sappa) Dat blijkt te kunnen lukken, wel met wat tegenzin omdat ze dan bijna niet zullen slapen die dag, maar bon. Met de politie sol je best niet hier.

We nemen dan afscheid van lan met veel bedankingen. Ze groet ons ontzettend vrolijk en rent dan terug naar haar werk. We hebben maar 1 gedachte over haar: Wat is ze toch lief en leuk! Het heeft iets cute.

Na dit overgrote succes vragen we af of we nog meer meisjes zo gemakkelijk gelukkig kunnen maken. Ons denkpatroon brengt ons onmiddellijk naar de dienster van de Mi-pho. Natuurlijk! Wat moet het heerlijk zijn haar te zien met haar megagrote smile die alle knoppen van de bloemen doen ontschieten van vrolijkheid! We kopen dus weer een boeket, allemaal bij dezelfde verkoopster, die ons toch raar aankijkt omdat we nu al drie boeketten kopen.

We brengen vol goede hoop de bloemen naar Mi-pho, maar ze blijkt er niet te zijn. We durven niet echt binnen te gaan omdat de andere meisjes zeker raar gaan kijken. Om zeker te zijn gaan we het boeket in de Student home brengen en gaan we terug met lege handen. Indien ze er is, kunnen we het boeket weer gaan halen en ons ding doen. Ze blijkt er toch niet te zijn, tot onze grote spijt. Omdat we hier nu toch zijn bestellen we ook twee mi-xao’s. Aan ons tafeltje komen twee jonge kinderen zitten die een soort breinsoep eten (dus een soort bouillon met brein in) Dat ziet er niet zo smakelijk uit. In elk geval smaakt de mi-xao totaal niet nu dat onze vrolijke lach er niet bij is.

Verslagen betalen we en bedenken we wat we kunnen doen met het boeket. Ineens denken we aan Iñigo en Anh. David heeft het geniale idee de bloemen in zijn naam aan haar te geven, maar dan moeten we er wel een briefje voor vinden. We gaan dan naar een studentenwinkel in de buurt om een kaartje te zoeken. Hier vinden we allemaal kitscherige kaartjes, maar niets dat past bij Iñigo. De meeste kaarten zijn ook te serieus met dingen zoals: With love, for my love, etc. We vinden uiteindelijk een kaartje in de vorm van een hartje met twee heel grappige ogen en een smiley-mond. Ja, dat is het, denken we. We kopen het (3000 dong) en schrijven er in het Frans op: “De jolies fleurs parce que je pense a toi. Iñigo xxx” Hehe, dit gaat zo grappig zijn. We zijn ook zeker dat Iñigo dit leuk gaat vinden.

Om de bloemen wat uit te sparen nemen we een taxi naar het centrum, waar het reisbureau zich bevindt. Aangezien we de weg enkel kennen via de fiets moeten we gissen waar we best afgezet worden en we moeten dan ook een heel eind stappen. Helaas is het bureau gesloten. Niemand te zien. We kijken verslagen of er toevallig openingsuren staat ergens, maar neen. We kunnen verder niets meer doen hier, dus beslissen we dan toch maar een brommertje terug te nemen naar de student home. Dat gaat tenminste goedkoper uitkomen dan met de taxi te moeten reizen.

We vinden snel een man die geïnteresseerd naar de prijs van onze bloemen vraagt. Bij het horen van de 50000 dong knikt hij goedkeurend. We merken dat er nergens bloemen te koop zijn in het centrum terwijl de student home buurt er van stikt. De man wilt ons 5 euro uitwissel voor dongs, maar hij vraagt teveel dongs. Daarna vraagt hij of we een brommertje willen en we slagen er niet in om de prijs lager te brengen dan 30000 dong. Al gauw op het brommertje blijkt de man een viezerik te zijn. Waarschijnlijk is het gemaakt, om ‘leuk’ te zijn voor de toeristen. In het begin is het wat grappig omdat hij dingen zegt als een bloemetje geven aan de vrouwen en zo van die dingen, maar al gauw schreeuwt hij bij elke vrouw die hij ziet: “He, tu veux baiser?”. We schamen ons te pletter en wensen vurig dat de rit zo snel mogelijk voorbij is.

Eindelijk zijn we nu thuis en verslagen als we zijn hebben we geen zin om iets te doen. Na een uurtje moeten we toch bewegen, want we hebben nog steeds een cadeautje nodig voor Tums familie. De plek bij uitstek is de Vincom Tower natuurlijk. We gaan er te voet naartoe (zucht) en kopen een Chimey en een bruine Leffe voor de vader en een doosje Guylain-zeevruchten.

Hierna is het tijd om te gaan eten en nadat we onze goederen afgezet hebben in de student home gaan we naar ons goed restaurantje om rundnoodlesoep te eten.

Hierna keren we rustig naar huis (Lan is natuurlijk we naar haar familie buiten Ha Noi) en luisteren nog wat naar muziek.

















Sappa





























































Dit zijn de foto's van de trip naar Sappa die Wim en Indigo hebben gemaakt. Foto's van Wim Heirman, voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

Friday, 19 October 2007

35ste dag => Vietse Bowling

Na de nogal plezante avond van gisteren slapen we lekker uit vandaag. Damien wordt het laatst wakker en herinnert zich dat het de 19de is. Dat betekent dus betaaldag voor de huur van de student home. De Accountant office is gelegen op het gelijkvloers. De huur kost 310$ (= 225 euro) voor 62 dagen.

Op de HUT gaat Damien even de rest bezoeken om te zien hoe het met hen gaat en daar hoort hij dat Iñigo deze ochtend gesproken heeft met de vrouw die de was doet op de Student Home. Zij vertelt dat de politie heeft gebeld om te melden dat er 4 fietsen in beslag genomen werden omdat ze in de weg stonden of zoiets. Zij vraagt aan Iñigo of we hulp willen om de fietsen terug te krijgen. Indien ze erin slaagt de fietsen voor ons te recupereren, dan wilt ze wel dat we ze aan haar geven voor haar vele kinderen, omdat ze zo arm is. Iñigo stemt zo een beetje onbeholpen toe.

David stuurt in de namiddag een mailtje naar Damien om te zeggen dat hij twee studenten heeft kunnen grijpen om iets te gaan doen vanavond. Blijkbaar willen ze gaan bowlen, ook al hebben ze het nooit gedaan. David probeert er nog meer bij te trommelen, maar het lijkt niet goed te lukken. De frustratie stijgt weer. Als het dan tijd is om te vertrekken blijken alle aanwezige studenten mee te gaan, zelfs degenen die gezegd hebben dat ze het echt te druk hebben.

We gaan eerst allemaal samen op straat eten. Het wordt een broodje met een rundbrochette in (en die zijn een derde van wat wij gewoon zijn in België) en wat pikante saus en iets als komkommer. Het is heel lekker, maar wat weinig. Dus bestellen we 2 stuks. Wij trakteren vanavond, dus wij betalen de 70000 dong.

Daarna gaan we naar de bekendste bowlingbaan van Ha Noi (waarschijnlijk ook de enige) en zijn een beetje bang dat het heel sjofelig gaat zijn zoals die pooltafel in Kat Ba. Maar eens aangekomen, blijkt dit een heel modern complex te zijn. Net voor de ingang is een grote winkel waar we een security guard betrappen aan het spelen op een videogame. Dat brengt iedereen aan het lachen en wanneer de guard het ziet kijkt hij heel kwaad. Het is de eerste keer dat we een Viet kwaad zien kijken.

Eens binnen, valt meteen de luide mislukte techno op. Het zijn gewoon discoklassiekers die versneld zijn (zelfs met een pitch-change waardoor de stemmen piepend klinken zoals wanneer men helium heeft ingeademd) met een versterkte beat. Het decor is flashy fluokleurig en dus totaal fout! De prijs per spel is 27000 dong per persoon, wat we dus betalen (totaal 224000 dong, wat nog altijd niets is). We krijgen schoenen, gelukkig de correcte maten, maar merken ineens dat we ze aan moeten doen zonder kousen. We bestellen ook 7 Ice Tea’s, waarna ze ons 7 Heinekens brengen. Als we dit moeten betalen blijken deze 22000 dong te kosten. Dit is toch even heel duur.

Het spel verloopt redelijk grappig omdat het voor hen de eerste keer is dat ze bowlen. Dat betekent dat de bal veel te vroeg losgelaten wordt en luid ketst op de baan, de bal af en toe van de vingers verdwijnt vooraleer gemikt te hebben, de bal zeer goed geplaatst wordt, maar met de macht van een eendenkuiken wordt geworpen en zelfs iemand die met enorm veel kracht een prachtige worp doet die gegarandeerd een strike zal opleveren (en de werper draait zich al om met geheven armen en een triomfkreet), maar helaas met een luide BANG botst tegen de stoprand omdat de machine net de pinnen goed aan het plaatsen was. Het was zelfs zo hard dat de bal gewoon terugkaatst tot de werper die heel verlegen de bal opraapt vooraleer onder zijn voeten te krijgen van de opzichter van dienst.

We spelen echt als vodden en het is nog in de laatste worpen dat we beiden redelijke scores halen waardoor we eerste en derde geraken ipv laatste, zoals we in het begin waren. We willen erna nog eens spelen, maar de Viets uiten hierbij wat tegenzin. Blijkbaar moet een van hen op tijd thuis zijn, dus verlaten we de plek. Het is tijd om de bowlingschoenen terug te geven en verdere beschrijving is hierbij overbodig…

We worden gedropt aan de student home en de avond is pas begonnen.

We proberen Tum te contacteren, een van de studenten van Dr. Hung, om met hem naar het platteland te gaan. Dit is naar aanleiding van een dagje in de week waar Damien hem toevallig tegenkwam en vroeg of we niet met iemand het platteland zouden kunnen zien, waarop hij meteen op toehapte. We kunnen het arrangeren dat hij ons zondag ochtend komt halen om 8:30.

We zien dat het buurmeisje er is. We gaan even aankloppen en ze neemt even afscheid van haar bezoek om bij ons fruit te komen eten. Dat is toch zo raar en lief tegelijk. We komen weer haar naam te weten, Giang. Ze vertelt ons weer wat interessante dingen over Viet Nam. Weer maakt ze veel beloftes om ons vanalles te tonen, maar aangezien ze het zo druk heeft is het moeilijk iets gedaan te krijgen. Ze reist ook naar Hue en misschien kunnen we meegaan. Dat valt nog te zien.

Nadat ze weg is luisteren weer naar wat muziek en als David even water gaat halen struikelt hij over een elektriciteitsdraad waardoor het stopcontact dat al redelijk los hing volledig van de muur komt. Het is tijd om onze ingenieurskunsten boven te halen, en ook wat Mc Gyver kunsten omdat de enige schroevendraaier die we hebben eentje is van een Zwitsers zakmes. Het lukt redelijk goed en het eindresultaat is een volledige verbetering. Het stopcontact is nu ten minste correct gefixeerd en van de slag een stuk veiliger. Daarmee hebben we ook eens kennis gemaakt met Vietnamese stopcontacten.

Thursday, 18 October 2007

34ste dag => Mojito por favor!

Het is 9u, lekker uitgeslapen gaan we onze fiets halen, hopend dat hij er nog steeds is. Helaas, als we het steegje instappen blijken alle fietsen verdwenen te zijn. We kunnen onze ogen amper geloven en gaan toch even verder kijken in het steegje of ze toevallig niet verplaatst zijn. Helaas, niets! Een immens gevoel van verslagenheid slaat zich op ons neer. We kunnen het amper geloven. Hoe is dit mogelijk? In het zo veilige Ha Noi? We dachten dat criminaliteit verdwenen was. Ok, de studenten hadden ons gewaarschuwd, maar dit komt toch nog altijd als schok aan.

Terwijl we de realiteit nog in ons laten dringen stappen we met loodzware voeten naar de kamer van de twee anderen. Bij het horen van het nieuws kijken ze ons ongelovig aan. Wanneer ze zien dat het echt geen grap is komen ze ook kijken in het steegje. Ze beginnen dingen te zeggen als: “We hadden dat moeten doen, of dat of dat”. Typisch natuurlijk, maar dat brengt onze fietsen niet terug.

Op de HUT vertellen we dit aan wie het wil horen, echt gechoqueerd, maar iedereen blijkt het heel vermakelijk te vinden. Ze lachen allemaal met de situatie. Zelfs Dr. Lan kan haar lach bij het horen van dit verhaal niet inhouden. Tja, als iedereen er zo om kan lachen, zal het niet zo erg zijn zeker he. Op de duur vinden we het ook niet meer zo erg. We kunnen er eveneens mee lachen. We zijn ons alleen aan het afvragen of we een nieuwe fiets zouden gaan kopen. Vooral omdat het toch heel praktisch is. We voelen het ook meteen als we ons verplaatsen. Het is zulk een gebrek aan vrijheid, aan mobiliteit. Het is eigenlijk het enige dat ons echt tegen steekt.

De dag verloopt zoetjes voorbij en als het eindelijk 16:30 is het tijd om ons met de Mojito bezig te houden. We moeten naar de student home gaan om de ingrediënten van de Mojito te halen en we hebben ook nog ijs nodig. Wim blijft op de HUT om de uitgenodigden wat bezig te houden, David werkt nog wat door in Dr. Hungs lab en Damien en Iñigo gaan op weg. Zonder de fiets duurt het een tiental minuten vooraleer we aan de student home geraken en we vragen even aan de gamekeeper of ze ijs verkopen. De studenten van Iñigo hadden namelijk gezegd dat het mogelijk was daar ijs te kopen. We moeten ons woordenboekje boven halen om duidelijk te maken wat we willen, en dan nog verstaat de man het amper. We beslissen dan toch maar verder te gaan zoeken. We stoppen even bij de eerste, de beste straatresto, maar zij willen ons een gekoeld bier geven… Grrr. We gaan dan maar naar Bia from the wall, waar we de leuke serveuse, Lan, hetzelfde vragen. Ze doet haar best om te begrijpen wat we willen, maar blijkbaar heeft ze slechts 1 bierglas ijs voor ons. Dat is bijlange niet genoeg, dus gaan we verder. Bij de ijsventer willen ze ons Kem verkopen, dus ijs met smaak op een hoorntje. Daarmee kunnen we ook niets aanvangen en gaan weer verder. De moed zakt ons in de schoenen. De laatste plaats waar ze ijs zouden kunnen hebben in ons ogen is in de plaats waar we altijd vruchtensap drinken. Daar gooien ze ook ijs in het bier. Hier vragen weer het weer, heftig wijzend naar ons woordenboek, maar ze snappen niet wat we willen. Gelukkig, na een minuut of zoiets, gaan ze even rondvragen bij de klanten of iemand Engels verstaat en een oude vrouw luistert aandachtig terwijl we traag en duidelijk een ZAK IJS vragen. Ineens hebben ze het door, springen ze bijna in het rond van blijdschap en komen terug met een gigantische zak ijs. Het kost 4000 dong en we zijn ermee weg. Het is toch ongelooflijk dat men zelfs indien men het woord aanwijzen, correct uitspreken en alles, nog altijd niet kan duidelijk maken wat we willen…

Op de terugweg merkt Iñigo ineens dat hij zijn sleutel van de kamer vergeten is. We bellen dus snel Wim op die zo vlug mogelijk naar de Student home komt. We nemen alle nodige ingrediënten en gaan zo snel mogelijk naar de HUT. Het is inmiddels al 17:10 en we hadden gezegd dat we de drink zouden houden om 17u. We vernemen net dat Dr. Hue jarig is vandaag en Iñigo is stomverbaasd op het feit dat Dr. Hue niets gezegd heeft. Deze heeft dus niet zoveel tijd omdat hij het moet vieren met zijn pas geworden vrouw. We snellen naar Dr. Lans lab waar ook een gootsteen is zodat we alles kunnen wassen en we gaan aan de slag. David komt meehelpen.

Een kwartiertje later gaan we naar het lab van Dr. Hue omdat het zo groot is en we nemen en passant Dr. Hung mee en de overblijvende studenten. Iñigo is in zijn sas omdat Dr. Hung zelfs na 5 jaar nog altijd een conversatie kan houden in het Spaans. Dr. Hung heeft zijn PhD gedaan in Spanje. De studenten vinden Rum niet zo lekker (en vinden het vooral te sterk) en vragen allemaal wat erin zit. Het is moeilijk hen uit te leggen dat we eigenlijk limoen nodig hebben, maar dat we verplicht zijn om het met citroen te doen. Ook het muntverhaal is grappig. De twee studenten van Iñigo maken Damien wijs dat als je “Chao buoi toy” slecht uitspreekt het mannen genitalien betekent ipv goede avond. Doorzichtig, maar met drie mojito’s in de kraag is dat niet meer evident. De eerste landing van 3l geraakt met moeite op. Daarna moeten we wel de rest opmaken want de ingrediënten zijn al uitgepakt en gesneden. Iñigo en Damien gaan de rest klaarmaken terwijl de twee anderen proberen zoveel mogelijk volk daar te houden. Als de volgende 3l klaar zijn blijkt dat enkel de studenten van Iñigo en Wim er nog zijn. Tja, dus moeten we met 6 de overige 3L opdrinken. Erger nog, de twee studenten hebben genoeg en willen echt niet meer drinken. Iñigo beslist dat het niet erg is omdat we dan tenminste zullen vergeten dat we onze fietsen kwijt zijn. Hij komt weer aan met zijn fantastische drinkspelletjes en nadat hij het concept van ping pong heeft uitgelegd. Ieder moet iets zeggen en als je het fout hebt moet je drinken. Als ping gezegd wordt moet de volgende iets zeggen. De zin van de beurten wordt gekozen door diegene die het eerste woord lanceert. Indien pong gezegd wordt draaien we van zin. Bij dong ping ping slaan we een man over en dong ping pong draaien we en slaan we een man over. De Vietjes vinden dit heel geestig en spelen actief mee. Natuurlijk worden er meer en meer fouten gemaakt naarmate er minder mojito’s in het recipiënt zijn. Soms drinken onze vietse vrienden zelfs wanneer ze niet hoeven te drinken. Zo breng je dus een Viet aan het drinken…

Tijd om een nieuw spel te proberen. Hierbij moeten we elk een dier kiezen en er het geluid van maken. Het is heel grappig omdat de Viets andere geluiden hebben voor dieren. Zo kiest er eentje een haan en hij zegt: “kuta kuta”. De rest van ons koos klassieke diertjes. De bedoeling is nu om jouw eigen geluid te annonceren en dan het geluid van degene waarmee je wilt communiceren produceren. De grap is dat de Viets de kat van Iñigo (miaw miaw) niet kunnen uitspreken. Ze verliezen dus vaak.

Het volgende spel is intellectueler. Hierbij moet iemand een opsomming annonceren en elk om beurt moet er iets op vinden. Bvb: “dagen van de week” of “Soorten peulvruchten” of een smerige “binaire getallen”. Dat is natuurlijk heel grappig omdat je zo hard iemand te grazen kan nemen als je wilt.

Een beetje licht in het hoofd keren we huiswaarts en we beslissen te gaan eten bij Bia from the wall. We bestellen weer Aal (David en ik), de anderen Mi-Xao en de lekkere Bo Luc Lac. We krijgen ook vier biertjes en natuurlijk worden die meteen weer aangevuld vanaf ze leeg zijn. Ons brein is nu serieus rondjes aan het draaien rond ons hoofd. Ondertussen is Lan er geïnteresseerd bij komen zitten en Iñigo communiceert met haar met tekeningetjes en zinnetjes uit het Vietnamese-boekje. Ze heeft blijkbaar veel plezier. Er is ook een Viet bij ons komen zitten en hij vraagt zo een beetje van waar we komen en David is hem zat aan het voeren. David vindt het heel grappig dat hij een oudere dan zichzelf kan zat voeren voor een prikje. Hij leert hem zo bijvoorbeeld wat Ad Fundum is, wat de Viet met plezier nadoet. Na een stuk of drie ad fundums begint hij altijd hetzelfde te zeggen, met name dat Spanje heel mooi is, dat Belgie heel mooi is en dat Viet Nam heel mooi is. Lan vindt hem niet leuk. Ondertussen is het 22:15 geworden, wat bijna sluitingstijd is. We nemen zo beneveld als we zijn nog afscheid van Lan en keren zigzaggend naar de Student Home. De avond is nog zo jong, dus gaan Iñigo en Wim nog een film kijken, waarbij ze dan in slaap vallen en David en Damien luisteren nog wat naar muziek, waarbij ze na een aantal Ice Tea’s ook in slaap vallen als een blok.










Foto's van Wim Heirman, voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

Wednesday, 17 October 2007

33ste dag => Eiffel Bridge revisited

Vandaag is Dr. Lan er. Vanaf Damien haar ziet roept hij Iñigo en David erbij om haar te bedanken voor haar inzet voor het gedoe van de paspoorten. Zonder haar was onze trip in het water gevallen. Het enige dat we kunnen doen om de mensen die ons helpen te bedanken is door iets klaar te maken dat ze niet kennen: Mojito! We gaan alle ingrediënten kopen die we nodig hebben straks. En morgenavond doen we het: een drink voor iedereen!

De avond gaan we dus naar de supermarkt. We willen naar diegene gaan waar we de goedkope Rum en Baileys hebben gevonden. Ook met de bedoeling er nog wat andere dingen bij te kopen. Op de weg erheen echter, springt de fietsketting van Wim stuk. Hij kan dus echt niet meer verder. Na een kort overleg laten we Iñigo en Wim achter die op zoek gaan naar een fietspomper voor een reparatie (die mannen hebben meestal ook een gereedschapskist)

We rijden dus verder en omdat we niet meer exact weten waar de supermarkt zich bevindt, moeten we even rondrijden in de buurt waar we weten dat het ongeveer is. Dat betekent dus ook terugkeren in eenrichtingsstraten, soms wat spookrijden enz.

Uiteindelijk vinden we het en we kopen twee flessen Rum (goed voor 6l Mojito) en zijn verbaasd van de snelheid waarmee de supermarkt in orde is gebracht. De vorige keer namelijk, waren ze hier nog druk bezig met renovatiewerken. De winkel was half overhoop. Nu blijkt dat nog maar een stukje te zijn in een verloren hoekje van de winkel. De assortiseuses zijn zelfs nog bezig met de goederen in de rekken te plaatsen. De kassierster doet alles op het duizendste gemak. Ze neemt een fles in haar hand, beweegt die sloom naar de scanner en zet het opzij. 5 minuten later vraagt ze het geld en nog eens een minuut later krijgen we ons wisselgeld. Dan begint ze met de zakken. Weer twee minuten later krijgen we onze goederen mee. We proppen deze in onze rugzak en gaan huiswaarts.

We komen langs de Vincom Tower en hier splitsen we op. David gaat terug naar de student home met de goederen terwijl Damien in deze supermarkt gaat kijken wat er nog te kopen valt. We hebben namelijk nog limoen, suiker en spuitwater nodig. Eigenlijk hebben we ook munt nodig, maar Dr. Lan heeft ons verteld dat dat misschien moeilijk zou kunnen worden. Damien vindt alles behalve de munt (merk op dat het spuitwater hier heel schaars is en enkel Perrier is beschikbaar).

Op de weg terug scheuren de zakken onder het gewicht van al het spuitwater en is Damien even geblokkeerd in het midden van de straat met een lekkende fles op de grond. Een poosje later is een bus ook geblokkeerd en begint deze hevig te toeteren. Er is niets te doen, Damien kan niets verhelpen. Op dat ogenblik spurten bijstanders naar hem toe om te helpen. Ze nemen de fiets over, helpen hem met een nieuwe plastieken zak en het verkeer kan weer doorrijden. Na veel bedankingen rijdt hij nog een stuk of 500 m verder om eindelijk aan de Student Home te komen. Met moeite geraakt hij boven waar Iñigo, Wim en David vrolijk aan het kletsen zijn. Was zijn gsm maar niet plat geweest. De hele situatie is toch wel grappig.

Wims fiets is op een komieke manier hersteld geweest. Ze stapten huiswaarts naast de fiets en geen 20m verder kwam al iemand op hen af om de reparatie te doen. Ze zijn zelfs even gaan zitten bij het straatbaretje ernaast en terwijl ze toekeken met een biertje in de hand heeft de pomper een nieuwe schakel aan de ketting toegevoegd. Hij heeft nog van alles bijgeregeld en dat allemaal voor 50000 dong.

Iñigo en Wim willen foto’s nemen van de Eiffelbrug, naar aanleiding van onze laatste trip over de brug. We vertrekken dus ernaartoe en onze maag rammelt van de honger. Heel dicht bij de brug stoppen we aan de hoek van een straat en zien een baretje waar lekkere geuren vandaan komen en een heleboel fruit uitgestald is. Een goed Engels sprekende jonge vrouw komt op ons af en vragen of we wat willen drinken en als we zeggen dat we willen eten begint ze snel stoeltjes bijeen te rapen omdat er geen tafeltjes meer zijn. Enfin, stoelen zijn het niet. Het zijn weer die lage taboeretjes. Sterker nog, ze hebben hier zelfs nog lagere taboeretjes met een hoogte van 10 cm hooguit. Dat is echt zo’n ding ter ondersteuning van de typische Vietnamese zit. Iñigo heeft heel veel honger en ziet dit allemaal niet als iets goeds. Hij begint te zeuren. De jongedame komt ons vragen wat we willen drinken en ze brengt ons een poosje later 4 Bia Ha Noi, ongekoeld. Dat brengt Iñigo nog meer aan het zeuren. Ze brengen ons een soort salade en vragen wat we willen eten. Ze blijken alleen kip of rund te hebben in een broodje. Iñigo vraagt hoopvol met een klein stemmetje en puppy-ogen of ze ok Mi-xao hebben, maar neen, geen noodles hoor. Hij probeert het nog eens, alsof ze het ineens toch zouden hebben, maar ook nu is het antwoord nog steeds neen. Wim ziet er ook tegen op om een soortement hot dog te eten, maar David en Damien zeggen dat we eens iets nieuws moeten kunnen proberen.

Ze brengen ons ineens een tafeltje en wat sauzen (soja en iets pikants) en verdwijnen weer met de sla. Een poosje later komen ze terug met een soort pieradetoestel. Iñigo en Wim kijken er wantrouwig naar alsof het ineens zou opspringen en hun hoofd af zou bijten. Weer een tijdje later komen ze met een plateau vol met groenten en practhig rundvlees (niets van vet erop) Ze zetten een soort parafinepasta in brand onder de kookplaat en tonen hoe we olie erop moeten doen en dan ons vlees erop mogen zetten. Nu laten we ons weer goed gaan Western style en we doen er ook de look, de ui en groenten op om het allemaal lekker te fruiten. Hierbij moeten de omstanders natuurlijk lachen. Ze komen zelfs van een beetje overal om ons te komen aangapen. We zijn blijkbaar een fenomeen en we lachen erop los terwijl we aan het smullen zijn van dit heerlijke. Iñigo eet ervan, maar nog steeds een beetje ongelukkig. Hij zou er toch wat rijst bij willen hebben. Zijn geluk stijgt echter geen 2 minuten later ten top als ze twee verse broden brengen. Eigenlijk zijn ze niet vers, maar zijn ze net opgewarmd in het vuur. Daarmee zijn ze lekker warm en krokant. Iñigo springt in de lucht van blijdschap: “Oh, my god, che bueno! Bread with meat on it! DELICIOUS!” Dan propt hij ook nog enthousiast wat sla in zijn broodje, vlees, ui, saus en hij eet het bijna in een hap op. Nu zijn de Viets toch heel raar naar ons aan het kijken. Waarschijnlijk hebben ze nog nooit iemand vanalles in een broodje zien stoppen en er zo van genieten. Ook zijn ze duidelijk het dippen van het brood in het vleessaus niet gewoon. Maar wij genieten met volle teugen. We plagen Iñigo met zijn Mi-xao waarop hij zegt: “Screw Mi-Xao! This is real life!”

Na de maaltijd zien we een albino Viet. Dat is op zich heel raar. Hij is precies een Nederlander of een Fin of zoiets. Hij is ook groter dan de gemiddelde Viet, maar hij gedraagt zich volledig volgens Vietse normen. Dit leidt Iñigo en Wim in een serieus gesprek over transmissie van genen en erfelijke eigenschappen. Iñigo beweert dat indien men 10 zwarten zouden zetten op een eiland met 100 blanken, en we even de sociale grenzen weghalen en er van uitgaan dat iedereen gelijke kansen heeft om met een willekeurige andere persoon samen te gaan, men na een hondertal jaren enkel nog zwarten ziet op het eiland omdat zwart zijn dominant is. Na een flinke discussie kan Wim hem toch overtuigen dat de distributie gelijk zal blijven. Dit is een doordenkertje voor de mensen die wat weten van biologie. (Wim heeft gelijk by the way) We betalen hierop de 100000 dong (voor 4 valt dat heel goed mee). Damien vraagt ook naar de naam van een van de lekkere vruchten, wat blijkt de vrucht te zijn die ze bij ons op taarten zetten (in stervorm) en we vragen ook hoe het gerecht heet, omdat we het zeker nog eens willen eten. Hierop zeggen ze gewoon: “This secret”.

Nu fietsen we verder naar de brug, die op geen minuut verwijderd is en het tafereel is weer identiek als vorige keer. Deze keer nemen ze veel foto’s en omdat het mistig is geraakt het licht ver, waardoor de foto’s een leuk effect krijgen. En onze ogen zien alleen maar pitch dark. We worden nogmaals geconfronteerd met de wetenschap dat onze zintuigen niet al je dat zijn… Aan de overkant van de brug zoekt Iñigo iets om in zijn zadelstang te proppen. Ook hij heeft te kampen met een steeds inzakkend zadel. Hij probeert het met restanten groenten (dat natuurlijk niet werkt) en het lijkt uiteindelijk te houden met een leeg pakje sigaretten. We gaan hier ook een suikerrietsap drinken. De mensen zijn het ook niet gewoon vreemdelingen te zien, en weer ontvangen ze ons met een glimlach. Het zijn duidelijk mensen die wat bij willen verdienen en hun benedenverdieping zowat open stellen aan het publiek voor verkoop van drankjes en toetjes. Het kost hier zelfs slechts 2500 dong per stuk.

Op de terugweg is er net zoals vorige keer wat meer te zien en de foto’s rollen er op los wanneer we aan de nachtmarkt komen. We observeren het laden en lossen van groenten en fruit en merken dat de mensen hier op een soort langwerpige kruiwagen, getrokken door 1 man zowat 900 kg goederen zetten (we zien een balans staan en ze wegen elk pak ter controle) Deze kruiwagen worden vooral door 1 man voortgetrokken en een duwer die slechts een beetje kan helpen aan de andere kant van de kruiwagen. Deze mensen zijn echt hard!

Op de markt vinden we wat nog het meeste lijkt op munt, maar we weten dat we dat hier nooit zullen vinden. We betalen de 5000 dong voor een hele zak vol en nemen weer onze fiets om huiswaarts te keren.

Weer is de weg helemaal verlaten en we kunnen het ons veroorloven in eenrichtingstraten te rijden, welliswaar in tegenrichting. Zelfs fietsen we ineens een heleboel politiemensen voorbij die ons gewoon aangapen en niets zeggen op het feit dat we aan het spookrijden zijn. Het is toch even schrikken en spannend. We durven niet te denken wat er had kunnen gebeuren indien we aangehouden worden.

We komen om 00:30 aan thuis en we treffen het hek van de student home gesloten aan. Dus brengen we onze fiets gewoonweg in het steegje naast de student home en zetten we deze vast met ons fietsslot. We kruipen dan over het hek heen en gaan lekker slapen.












Foto's van Wim Heirman, voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

Tuesday, 16 October 2007

32ste dag => Shiplag

We zijn moe deze ochtend en zien er tegenop om naar de HUT te gaan. De voormiddag gaat snel voorbij, gelukkig. We eten het gewoonlijke, maar Damien heeft weer zin in culinaire nieuwtjes en bestelt na de maaltijd een “Bang Bao”, dus een cake met ikweetnietwat. Het blijkt opgewarmd te moeten worden (dat is al geen goed teken) en een hap eruit ontluikt en vulling van paddestoelen en vlees. Het is eigenlijk wel lekker en het vult fameus goed. Alleen had Damien liever iets zoet gehad als dessert.

Na de eetpauze die we een beetje verlengen in Dr. Lans lab door een kort dutje (David ook), moeten we toch aan het werk. Damien is redelijk geconcentreerd, maar David heeft moeite. Dr. Hung is weer veranderd van opdrachtgeving. David helpt nu een student die al een tijdje problemen heeft met zijn eigen project. Als Damien later even binnen wipt bij David klampt Dr. Hung hem aan om eindelijk te laten weten wat hij van de presentatie verwacht.

Het blijkt dat hij een gedetailleerd verslag wil hebben van de mogelijkheden van Damiens thesisonderwerp. Dat is dus op hardware niveau: waar materiaal kopen, hoe assembleren enz. Dat valt totaal buiten de scope van Damiens werk dat theoretisch moet blijven, dus moet hij eerst overleggen met Dr. Lan en Dr. Steenhaut, zijn twee promotoren. Dr. Lan blijkt het ok te vinden, en Dr. Steenhaut zal later in een email antwoorden.

Dat was zowat het hoogtepunt van de dag. Daarna gaan we wat nietsen bij David om dat even te onderbreken voor een maaltijd in ons goede restaurant. We eten samen met Iñigo en Wim. Na het eten wil Iñigo toch eens gaan kijken wat er zo speciaal is aan de winkel naast het restaurantje. Het is er vol rare plastieken prulletjes van allerlei kitscherige kleuren. Dat is een magneet voor Iñigo die al die dingen heel leuk vindt. Hij doorzoekt de hele winkel met elke keer die gigantische glimlach van puur plezier bij alles wat hij in handen neemt. Het interesseert ons niet echt en we gaan op de stoeprand zitten ‘a la Viet’. Het experiment wijst uit dat vanaf je zo gaat zitten, de Vietnamezen je helemaal niet meer zo raar aankijken. We testen het door eens recht te staan en ja hoor: alle voorbijgangers kijken nieuwsgierig op. We zetten ons weer in hurkpositie en weer lijken ze ons niet op te merken. We hebben het geheim ontdekt om niet meer op te vallen!

Iñigo roept ons enthousiast naar binnen en toont ons enkele gekke objecten van babyroos naar babyblauw, met tekeningetjes van musti en andere Chinese varianten hierop. We willen nu weg, maar Iñigo blijft weer steken in de winkeltjes ernaast, waar exact hetzelfde koopwaar te vinden is.

Thuis kijken we nog een aflevering van “The Office” op Iñigos kamer en gaan daarna slapen. We zijn nog steeds moe van de trip naar Ha Long

Monday, 15 October 2007

31ste dag => Home Sweet Home

Het is 6:45 en Damien staat op, terwijl David nog verder slaapt. Feel for a swim? Waarom niet, maar het probleem is dat er geen kat is behalve Damien op het dek. Zelfs de kapitein en bemanning slapen nog. (ok, de vieze Nederlander is er ook, maar zonder de Laosiaan) Een blik buiten toont alleen een dichte mist. Het is bar koud en het wateroppervlak is bedekt met een dunne laag olieachtige vloeistof. Aha, misschien toch uit het water blijven…

Een dik half uur later komt Iñigo ook tevoorschijn, ook met een blik van vermoeidheid. Nog even op het bovendek gaan liggen wachtend op het ontbijt.

Als de tafel gedekt is, gaat Damien David toch even wakker schudden. Het anker is ondertussen geheven (weliswaar met veel moeite) en het roer dat nota bene via een stangensysteem onder ons bed door via onze kamer gaat is al lustig aan het knarsen.

Het ontbijt is weer gewoontjes: brood, jam, boter en thee of koffie (in geval van Iñigo slaat hij er zelfs in de ober volledig in de war te brengen door witte koffie te vragen)

Het programma is blijkbaar nu ineens veel minder druk. Er is namelijk niets meer te doen, behalve terug te varen naar Ha Long Harbour. Ja, dat noemen drie dagen en twee nachten. We gaan toch nog even via Tac Bah Harbour even een gidsuitwisseling en daar komen ook de Spanjaarden en het Engels koppel aan boord. Ook Djung is met hen. Hij herkent Damien onmiddellijk en terwijl de Ierse meisjes druk aan het spreken zijn met de entertainende Iñigo, de Londeniaanse meisjes met de Fransman spreken over drugsmokkel voor toeristen (waarbij 500$ wordt aangeboden om een verdacht pakje af te leveren) vertelt Djung enkele interessante dingen. Zo zijn er bijvoorbeeld 1996 eilanden in Ha Long Bay. Hij vertelt dat er ongeveer 1000 mensen wonen in drijvende huisjes en dat de baai eigenlijk overvol van het toerisme is. Dat verpest het landschap en vervuilt zeer sterk de streek. Van de schoonheid van Ha Long Bay zal niets meer overblijven. Anderzijds leeft hij er wel van… Hij vertelt ook over een ‘love market’ dichtbij Sappa. De bedoeling is dat boerenjongeren van de omstreken naar deze ‘mark’ gaan om een levenspartner te zoeken. De jongen moet bamboepiano spelen, terwijl de meisjes erop moeten zingen. Indien ze vinden dat ze het goed maken samen, gaan ze gezellig onder een boom in het gras liggen en spreken ze de hele nacht door (en Djung zei er uitdrukkelijk bij dat er geen sex bij komt kijken). De volgende ochtend moeten deze jongeren natuurlijk weer gaan werken en ze gaan weer op vele tientallen km van elkaar gescheiden worden gedurende een lange week. Bij de tweede ontmoeting, meteen onder de boom spreken ze van trouwen en indien alles nog altijd klikt wordt het huwelijk een maand later gevierd. Na dit huwelijk pas is er sprake van sexueel contact. Eens deze formaliteit achter de rug, gaan ze samen een boerderijtje bouwen. We komen nu aan in een andere baai, de laatste stop van de reis voor de stop in Ha Long Harbour, en Djung legt even snel uit dat hier zelfs een drijvende basisschool is, en die typische boten met lampen aan dienen om inktvissen te vangen.

Hier komen hordes meisjes in bootjes op ons af met allerlei fruit. Ze dealen met de toeristen, al roepend vanaf het wateroppervlak. Iñigo wil absoluut een pompelmoes proeven op zijn viets. Hij slaagt erin een prachtig stuk te krijgen voor 10000 dong ipv 30000 dong. David en Damien hebben wel zin in neuhs, waarvan we ondertussen weten dat het “custard apple” heet in het Engels. Helaas slagen we er niet in de prijs te verlagen naar 10000 dong voor 4 stuks, wat de prijs is dat we in Ha Noi betalen voor 8 stuks. Ze blijft 20000 dong vragen. Dan maar geen neuhs.

Ondertussen is een bootje van 20 plaatsen dichterbij gekomen en Djung vertelt ons dat deze een kleine tocht maakt in een afgesloten baaitje. Het is niet inbegrepen in de reis, maar toch is het de 30000 dong extra per persoon waard. We stappen allemaal gezellig in en daar doet de jongeman van hooguit 16 al een deurtje in de vloer open om er met moeite een benzinemotor aan de praat te krijgen. Geen 30 seconden later switcht hij met een andere jongen (nota bene: hij doet dit en passant door te springen op een drijvend huisje terwijl de andere van op een andere boot op de onze springt)

De tocht is kort, maar inderdaad mooi. We gaan inderdaad onder een laag bij het oppervlak hangende grot door om in een volledig omringde baai te komen, waar we een arend boven het water zien cirkelen. Het water is hier maar 2m diep en het ziet er redelijk idyllisch uit.

Weer aan boord duurt het nog maar 45 minuten vooraleer we in de haven aankomen. We gaan meteen eten in een restaurant, waar vis, sla, rijst, inktvis en de onmisbare frietjes te eten zijn. Waarom moeten ze toch overal waar toeristen komen ook frieten geven? Over stereotiepen gesproken?

Na de maaltijd mogen we nog wat wandelen. De meeste gaan richting water, terwijl David en Damien eerder de hoogte in gaan, vlak in de nieuwe wijk. Daar worden we zowat achtervolgd door giechelende studenten. De nieuwe wijk bevat de typische torenhoge huisjes die amper 5m breed zijn. De wanden bevatten nooit vensters omdat er meestal een huis naast komt, vroeger of later. Deze bouwstijl komt omdat het terrein in Viet Nam peperduur is. Dus bouwen ze liever in de hoogte. De mensen zijn hier duidelijk niet gewoon toeristen te zien in hun wijk en kijken ons raar aan. We zien hier ook veel kinderen met een rood sjaaltje. Djung heeft verteld dat het kinderen zijn die deel uitmaken van een soort chiro. Alleen hebben deze ook veel les samen en vormen ze een soort elitaire groep. We komen aan in een open steengroeve met mooi uitzicht op de haven. We hebben een interessante discussie over de manier waarop ze de natuur hier volledig aan het vernietigen zijn. Tja, waar die steengroeve nu is was een mooie heuvel met een dicht bos. Dat lijdt dan ook onze discussie naar biobrandstof en de enthousiaste discussies die Robin hierover heeft met David (in de les spreken ze daar dan over als de prof niets interessants te vertellen heeft). Merk op dat biobrandstof veel meer nadelen heeft dan voordelen.

In de bus zetten we de discussie voort, waarna we in een diepe slaap vallen. We stoppen weer even aan een belachelijke ‘toerist warf’, maar gelukkig niet te lang.

Aangekomen in het drukke verkeer van Ha Noi zijn we weer verbaasd. Overal dat chaotische verkeer alweer. De smog die onze longen vult ipv de zuivere zeelucht. Het onophoudelijke getoeter dat onze oren vult. We voelen ons net thuis komen. Home sweet home!

De buschauffeur brengt ons elk afzonderlijk naar ons hotel of verzamelplaats waarvan we een taxi moeten nemen naar huis. Natuurlijk is het hier vol van taxi’s en we hoeven absoluut geen moeite te doen om er eentje te vinden.

Aangekomen aan de student home gaan we ons even een uurtje verfrissen, wat de grootste deugd doet. Onze maag rammelt en we doen niet veel moeite: we gaan naar ons goed restaurantje en bestellen noodles en noodlesoep. Daarna gaan we een fruitsapje drinken vervolgd door een biertje from the wall. Hierbij hebben we het over de Vietnamese meisjes, natuurlijk weer naar aanleiding van wat we in Ha Long gezien hebben. We spreken af dat we elk een Viets meisje kiezen en haar gaan verleiden. Dat is natuurlijk een idee van Iñigo, die zijn deel al gedaan heeft met Anh. David vraagt dus de naam van de vrolijke serveuse hier. Haar naam is Lan.

Een beetje later betalen we en gaan we naar de student home. Iñigo heeft enkele afleveringen van “the office” meegenomen en nadat we er twee van gekeken hebben (en ook de vele foto’s bewonderd hebben) gaan we weer elk in onze eigen kamer om er een rustgevende slaap te vinden. Het was een mooie reis, wel uitputtend, en we zijn heel blij terug te zijn…












Foto's van Wim Heirman, voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

Sunday, 14 October 2007

30ste dag => Door de Jungle naar de boot

Deze ochtend is het de bedoeling dat we om 7:30 ontbijten. Iñigo en Wim worden zelfs wakker gebeld om 7:15. Het is Van Hui om te zeggen dat we ons moeten haasten… We komen desondanks om 7:30 aan de ontbijttafel. Deze keer zijn er al 6 mensen aanwezig en dus moeten we aan een andere tafel zitten, waar we jam, boter en brood krijgen. We kunnen ook the krijgen en tot de grote vreugde van Iñigo en Wim: koffie.

Na het ontbijt worden we nog wat opgejaagd wanneer Iñigo zijn fototoestel gaat halen. (hij neemt er wel zijn tijd voor = 10 minuten) Weer rijden we 45 min richting harbour van het eiland. Daar gaan we duidelijk nog wat andere toeristen oppikken. Het tafereel is weer zoals gewoonlijk: Vol toeristen overal, die een beetje doelloos rondkijken en daartussenin de gewoonlijke ambulante verkoopsters. David probeert ze af te wimpelen met “Neen, dank u” of “Com, Cam on.” Het resultaat is dat de verkoopstertjes er enorm van moeten lachen. Ze zijn het duidelijk helemaal niet gewoon Vietnamees sprekende toeristen te zien. Als we dan ook onze taalkennis vergelijken met dat van de andere toeristen, dan lijkt het wel of we een graduaat Vietnamees hebben gevolgd.

Er is zoals gewoonlijk een uitwisseling van toeristen onder de gidsen en bussen in. We worden verschillende keren uitdrukkelijk gevraagd om te wachten op de zijkant van de weg. Dat is dan ook meteen op de zijkant van de pier, met de baai al mooi uitzicht.

Een poosje later komt de nieuwe gids ons halen. Hij vergezelt de Spanjaarden en de het Engels koppel van de eerste dag op de boot. Met hen rijden we het eiland in naar het natuurreservaat. Daar kopen we nog eerst een fles water alvorens de gids te volgen, het bos in. De begroeiing valt onmiddellijk op, de vochtigheid is superhoog en we horen overal diertjes fluiten, ritselen en wat nog allemaal. Onderweg vertelt de gids ons enkele weetjes van de ene en de andere plant. We komen een heel grote spin tegen, sprinkhanen, een soort bizarre wandelende tak, mieren en nog wat kleins. Wim, die zoals gewoonlijk wat achterop geraakt om foto’s te nemen ziet niet meteen welke weg we volgen en bij een waterreservoir, door de Fransen aangelegd, volgt hij niet hetzelfde pad als wij. Het resultaat is dat hij uitglijdt en plons het water in. We lopen onmiddellijk ter hulp om het fototoestel te redden. Met Wim zelf is alles ok, op een schaafwonde in de arm na.

Damien vraagt aan de gids wat zijn naam is en daarop antwoordt hij ‘Kenny’. Dat is natuurlijk voor de toeristen omdat ze anders zijn naam niet kunnen uitspreken. Zijn echte naam is ‘Zjung’ en wordt uitgesproken als ‘djZjung’ met een heel doffe, sterk dalende ‘um’.

We volgen Zjung door het steeds meer dichtbegroeide bos. Hier en daar is de weg wat aangelegd, soms zelfs met een praktische ladder of zoiets. Men voelt wel aan dat het toeristisch is, maar het blijft toch moeilijk. Het vochtgehalte hier in het bos is tot het maximum gedreven en er is een goed zonnetje aan het schijnen. We zijn ook echt kletsnat in het zweet. Ondertussen zijn we stomverbaasd te zien hoe snel Zjung kan bewegen op zijn kleine prulsandaaltjes. Wij hebben van die goede trekkerschoenen aan (behalve David die het ook met sandalen doet) Zjung klimt moeiteloos over het gesteente, door planten heen en hij lijkt onuitputtelijk te zijn. Hij is ook razend snel. We kunnen niet verhelpen te denken hoe moeilijk het moest geweest zijn voor de Amerikanen tijdens de Viet Nam oorlog. Het is eigenlijk gek, maar dat is een van de eerste gedachten die in de doorsnee mens opkomt bij het denken aan Viet Nam, terwijl Viet Nam zoveel meer is dan dat. Viet Nam is zo’n mooi land en nu we hier al een maand zijn hebben we geen zin terug te komen naar België. We kijken er echt tegenop eigenlijk.

Na een goed half uurtje wandelen met hier een daar een pauzetje om te rusten of om te horen over een zeer bekende boomsoort waarvan een voormalige koning altijd zijn eetstokjes liet maken, (Dat omdat deze stokjes donker zwart werden in contact met de meeste gifsoorten van die tijd (11de eeuw). ) komen we op de top van een bergje. De heuvel is 200 m hoog en bezaaid met planten en amper begaanbare paadjes. Het zicht bovenaan is dan ook fantastisch. Hier staat zelfs ook een toren waarop men met maximum 5 personen op mag (zo zegt een bordje aan de voet ervan) De toren is echter tjokvol. Sommige houten latten zijn losgekomen en het hele ijzerwerk is erg verroest. Dat maakt ons natuurlijk ongerust, maar alles is ok. Op de weg naar deze piek is de weg half klimmend, half kruipend te volgen. We zien ook veel meer andere toeristen hier en allen hebben het hier heel moeilijk.

We blijven een half uurtje boven vooraleer terug te gaan naar het busje. De weg naar beneden is heel erg modderig en we glijden verschillende keren uit. Aan de voet van de berg is een waterput en een klein dorpje. We zien een hagedis die onverstoord blijft zitten. Mensen leven hier heel rustig. We zien op de straat wortels drogen alsook pindanoten. Zjung geeft ons een verse peper en na enkele experimenten ermee staat onze mond duidelijk in brand, maar ons water is op.

We zijn toch blij terug bij het busje te zijn, want de toch was redelijk uitputtend.

Terug aan het hotel hebben we nog een maaltijd gehad met de Spanjaarden en het Engels koppel. Deze hebben ons ondertussen uitgelegd wat hun avonturen zijn geweest. Ze zijn een anderhalf jaar op doorreis door Zuidoost Azië. Nog twee maanden en ze moeten terug in de dagelijkse Engelse sleur springen. Het zal voor hen heel wat zijn! Ze zijn 5 maanden in Indonesië gebleven, hebben Cambodja gezien, Thailand en gingen ook naar China. Ze vertellen ons dat we zeker naar het midden van Viet Nam moeten, omdat het daar ook heel mooi is. Ze vertellen ons ook een verhaal waarbij ze hier in Viet Nam redelijk in gevaar waren toen ze een taxi hadden genomen. Ze hadden vooraf een prijs afgesproken van 50000 dong voor een lange trip. De chauffeur is echter wat rondgereden en de teller stond op 110000 dong. Bij het weigeren om dit te betalen, gaat de chauffeur verder rijden tot een donker straatje. Daar stapt de vrouw toch uit, op zoek naar hulp. Dat is op zich heel moedig van haar. Halfweg ziet ze de taxi rechtsomkeren. De man is nog in de taxi gebleven om te vermijden dat de chauffeur zou wegrijden met hun bagage. De vrouw loopt dan toch terug, lichtjes bezorgd, en dan nog wel net op tijd omdat de chauffeur ondertussen een koevoet had boven gehaald en de Engelsman aan het bedreigen was. De Engelse vrouw heeft net op tijd de deur van de taxichauffeur open gedaan en hier heeft de Engelsman van geprofiteerd om de koevoet te grijpen, waarmee hij de taxichauffeur in wurggreep bij de stoel in bedwang kon houden. Ze hebben de hendel gevonden om de koffer open te doen, hebben de 50000 dong betaald en zijn weggelopen. De taxichauffeur is hen nog wat achterna gelopen met de koevoet zwaaiend, maar zonder ze in te halen. We zijn toch heel verrast zulk verhaal te horen, want onze ervaring hier in Viet Nam, of eerder in Ha Noi zijn absoluut criminaliteitloos verlopen.

We hebben nu een uurtje voor ons en beslissen het derde strand van de regio te gaan bezoeken. (die informatie hebben we van de voorbijkomende Spanjaard van gisteren)

We nemen een brommertje, discussiëren een prijs (van 5000 dong per persoon) en komen aan op een soort hotel resort. Het strand is prachtig met in de verte een boven het water uitstekende rots. We zien enkele vrouwelijke toeristen bruinen, maar verder geen ziel. We nemen een flinke duik en Wim, Damien en David zwemmen door tot de rots in de verte. Daar gaan we eventjes op zitten (de rotsen zijn gevaarlijk door de vele golven die ons ertegenaan gooien en de schelpen erop snijden in handen en voeten) Dan zwemmen we terug, gaan nog wat even rondkijken waar we net Viets zagen met een pyloontje. Ze kappen hier kleine oesters en andere schelpen van de rotsen. Dat ze hiervan leven is op zich redelijk bijzonder. We vinden ook wat mooie schelpjes en versteende koralen. Op het strand zijn ondertussen twee mannen en een vrouw druk aan het werk geraakt door de stenen van het strand te rapen. De mannen gebruiken hiervoor een soort hark zonder tanden, maar gewoon een plank om de meeste stenen bij elkaar te rapen. De vrouw bukt zich dan om ze op te rapen of de niet losgeraakte stenen los te krijgen. Het lijkt ons titanenwerk en dat allemaal om een mooi glad strand te hebben voor de toeristen die hier gewoon komen profiteren van hun geld. Damien is ook te weten gekomen tijdens de tocht door het reservaat dat er een waterreservoir is onder het eiland. Het is drinkbaar water en ook het enige water dat ze hier hebben. Dat wordt dus uitgeput door toeristen die waarschijnlijk nietsvermoedend 3X per dag een douche nemen. Het erge is dat de hele fauna en flora van het eiland hierop steunt.

We keren daarna terug naar de plek waar de brommerchauffeurs ons hebben afgezet. Daar zien we een van de twee op ons wachten (we hadden hem gevraagd een uur later terug te komen om ons op te halen) Hij belt snel zijn kameraad en tijdens het wachten vraagt hij ons of we BOOM BOOM willen…

Op het hotel wordt ons gevraagd onze spullen te pakken. We ontruimen de kamers en Iñigo neemt afscheid van de Spanjaarden. Hij komt ook te weten wat de befaamde Weasel Coffee is: Naar het schijnt geven ze koffiebonen te eten aan een wezel en wachten ze dat de wezel het eruit poept. Dat zijn de koffiebonen die ze gebruiken. Klinkt speciaal…

We gaan nu voor de laatste rit naar de harbour. Damien geniet er nog extra van door aan het raam te zitten en zijn hoofd weer naar buiten te brengen. De anderen gaan ook bij een raam zitten. De bus is namelijk leeg op de chauffeur en compagnon na. Dat betekent ook dat we kennismaken met hun muzieksmaken. Ze vragen of we het goed vinden en als we “zet dep” zeggen zijn ze helemaal in hun sas (= zeer mooi), waarschijnlijk ook omdat ze niet gewoon zijn toeristen Viets te horen spreken. Op de weg heen stopt de chauffeur even aan een garage om zijn banden op te pompen. Detail is hier dat hij het inderdaad zelf doet en dan ook betaalt. Bij ons is dat ook zo, maar hier lijkt het heel raar omdat ze elk tankstation nog bemannen van hier tot ginder. Een beetje zoals in de oude Amerikaanse films waar ze met 3 of 4 op de auto springen om van alles te doen vanaf er een klant is.

Op de weg door de dichte begroeiing komen we een ander busje tegen met 5 andere toeristen in. Het staat aan de kant van de weg. We stoppen er even bij en na een korte intro blijkt dat het busje geen remmen meer heeft.
Dus stappen alle toeristen over in ons busje. We zien nu een wat oudere Australiër met ietwat scatologische humor, een jong Engels koppel, een Duitser van middelbare leeftijd die al vaker alleen rondreist in deze omstreken (vooral in Thailand, wat ons meteen verklaart waarom hij alleen reist) en nog een heel stille vrouw. Nu is ons busje heel vol en we rijden rustig verder. De muziek is uitgezet.

Geen tien minuutjes later begint het heel warm te zijn in het busje (abnormaal warm dus) en stopt de chauffeur het busje. Ineens haalt hij zijn zetel opzij om de motor te zien, die dus rechtstreeks onder de zetel van de chauffeur is. Er komt stoom uit de radiator met een hevige druk. In een mum van tijd is het snikheet in het busje en al snel zijn Damien, Iñigo en de Duitser, het dichtste bij de deuren, uit het busje voor wat lucht. De chauffeur wacht dat zijn radiator leeg is en giet twee volle flessen mineraalwater in zijn radiator. Geen 5 minuten later zijn we dus weer op weg naar de harbour. Ondertussen heeft het andere busje ons ingehaald zonder zijn remmen. We komen aan op de harbour waar we naar de boot worden geleid door nog een andere gids, deze keer een heel wat minder persoonlijke.

We stappen op de boot en de gids komt ons meteen zeggen wat er op het programma staat. Nu zegt hij ons ineens dat er geen kayaking was inbegrepen in onze trip. Nochtans hebben we hiervoor betaald, maar bon, er wordt 3$ per persoon extra gevraagd. We vragen dan of het mogelijk is om een papiertje te krijgen van de man dat bewijst dat we gekayaked hebben zodat we het geld zouden kunnen terugvragen bij Anh. Na 4X geprobeerd te hebben dit duidelijk te maken aan de gids die weinig Engels spreekt, geven we het toch maar op. (en we hebben zelfs Vietnamese woorden geprobeerd met de correcte uitspraak)

We krijgen sleutels van onze kajuit, dat klein is, met een dubbelbed en klein badkamertje. We maken ook kennis met twee Londeniaanse Hindoemeisjes op doorreis in Azië voor 5 maanden. We maken ook kennis met drie Ierse meisjes die hun job hebben opgegeven om een jaar te kunnen reizen.
Ze zijn net een maand in Hong Kong geweest en reizen nu nog twee weken in Viet Nam. Daarna gaan ze stilaan naar het Zuiden reizen om uiteindelijk een stuk of 5 maanden in Australië te gaan, waar ze ook werk gaan zoeken om hun reis te financieren.

Ondertussen is het tijd om te kajakken. De gids waarschuwt ons dat het waar buiten de boot misschien niet betrouwbaar is, dus is het beter het op de boot te kopen. (wat een verkooptruck) De boot heeft ons in een baaitje gebracht waar enkele drijvende hutten zijn. Dit is een klein drijvend dorpje. We moeten even afstappen op een groot vlot gemaakt van lege olietonnen. Deze worden in vierkant met planken aaneen bevestigd en ertussenin zijn grote netten die contact maken met water. In de netten zien we kleine haaien, grote inktvissen, kreeften, reuzengarnalen, krabben en nog andere vissen. We moeten een oranje reddingsvestje aan doen, waarvan weinig nog correct sluitbaar zijn. We worden ingedeeld per twee per kajak en mogen vertrekken.

Eerst gaan David en Damien de twee anderen wat plagen en daarna gaan we elk onze eigen weg op ontdekking in het dorp. We varen zo naar een agglomeraat van drijvende huisjes waaruit gezellig licht schijnt. We worden ook uitgenodigd door een knap meisje in een boot om te gaan dansen, maar ja, we hebben heel weinig tijd gezien we maar 45 min mogen kajakken, en dat is heel vlug voorbij. De nacht is gevallen, waardoor het tafereel nog meer charme krijgt. Enkel hier en daar een lichtje van een boot schijnt boven het stille water.

Aangekomen op de boot is het weer tijd om te eten. We krijgen de traditionele calamari en frietjes. Hier is ook rijst en vis bij. Aan onze tafel (want we moeten nog steeds met 6 zitten) zit een oudere man met een jonge Aziaat. David herkent er een Nederlander in en begint een zeer korte conversatie in het perfect Nederlands. De Nederlander heeft blijkbaar niet zoveel zin in een babbeltje en eet snel verder. De Aziaat zegt niet veel. Wanneer ze van tafel weg gaan en wij nog genieten van een HALIDA-biertje, delen we elkaars vermoeden over de relatie tussen de Aziaat en de Nederlander. De Aziaat komt van Laos en heeft een foto van de oude man in zijn portefeuille. De vermoedens zijn natuurlijk dat de Aziaat op reis gaat met de Nederlander waardoor hij een jaar zijn familie eten kan geven…

De boot mindert vaart en legt anker in een baai die doorspekt is met andere boten. De gids wenst ons een goede avond en zegt ons dat we gerust mogen zwemmen. De zin hiervoor blijft eerder weg omdat we gehoord hadden van Toon dat ze ’s nachts de toiletreservoirs legen in het water.

We brengen dus onze biertjes op het bovendek, onder de sterrenhemel waar een Fransman zit. Deze zit een jointje te smoren en vertelt ons dat hij ook voor langere periode op reis is. Hij gaat naar Australië om te gaan werken als vruchtenplukker of zoiets. Daarmee gaat hij iets van een 3000 euro verdienen per maand. Dat is nu al de derde persoon die we tegenkomen die naar Australië gaat om snel geld te creëren voor een reis door Azië. (Het Engels koppel dat anderhalf jaar reist van gisteren heeft het ook gedaan)

We vertellen hem dat we gehoord hebben dat het enorm gevaarlijk is hier Marihuana rond te dragen. Hij is er zich blijkbaar van bewust. Nou ja…

Een poosje later komen de Engelse meisjes en de Ierse meisjes erbij zitten en daar begint een gezellig avondje samen. We vertellen hoe erg ze hier van prostitutie afhangen aangezien ze ons overal vragen om BOOM BOOM te doen. Hierop vertelt de Fransman over een Amerikaan die in Viet Nam een grappige ervaring had met hoertjes. Hij was hier voor de eerste avond in Ha Noi, meteen zijn eerste lange reis van zijn leven en had bijgevolg een euforische bui bij het zien van hoe goedkoop hier alles is. Hij heeft zich dan ook zat gedronken en is met twee hoertjes op een brommer gegaan. Hij zat tussen de twee vrouwen in en voelde zich lichtjes gelukkig te voelen dat het hoertje achter hem, hem meteen liefdevol over zijn borstkas streelde. Het is pas toen ze hem gedumpt hebben in een donker verlaten steegje dat hij merkte dat de liefdevolle gebaren het vooral gemunt hadden op zijn 900$ dollar in zijn borstzak. He was screwed allright, maar niet zoals hij dacht dat hij zou zijn. David vertelt ook iets te enthousiast wat de vermoedens zijn over de Nederlander en de Laossiaan, waarop de meisjes redelijk verbaasd reageren. Waarom iets te enthousiast? Omdat de Nederlander zelf geen drie meter van ons zit, maar ja, in het donker zie je dat niet. Er volgt een pijnlijke stilte van OEPS. Iñigo wil niet denken hoe erg het moet zijn voor die Nederlander te weten wat we weten. Iñigo is ook specialist in zich in de mensen inleven en vraagt zich luidop af wat de Nederlander juist denkt: “Ah, shit, they know what I am here for. So, am I a dirty old bastard for it? Well yeah, maybe, but it’s still good and cheap sex anyway. And it sure helps the family of the guy…” (niet nodig te zeggen dat dit redelijk grappig overkomt) Iñigo wil ook drinkspelletjes spelen, maar het flutbier is hiervoor niet voldoende. We doen het dan maar op zijn Iers: Met wat moet doorgaan voor gezang. De meisjes willen absoluut liedjes horen en het pas als Damien zich waagt aan enkele refreintjes dat ze stoppen met zeuren. Zelf zingen ze een dom kinderliedje. Het is allemaal best grappig. Het wordt al snel laat met deze bezigheidstherapie.

Eigenlijk is het best gezellig met in de verte de lichten van de andere boten. Iedere gids vertelde ons dat de boottocht “vely lomantic” is, en eigenlijk hebben ze wel gelijk. Natuurlijk moet men er onder de correcte omstandigheden van kunnen profiteren en dat is niet zo meteen het geval nu.

Nu hebben we niet gezwommen en Iñigo heeft het fantastische idee om 6:30 op te staan. De Ierse meisjes willen de zonsopgang zien en willen opstaan om 5:30. Het is nu 2:30 en ik zie dat niet direct zitten. En dat allemaal omdat we morgen precies om 7:30 eten. We zullen wel zien.

Op het moment om te gaan slapen merken we ineens dat de muren van de kajuiten flinterdun zijn. Zo kunnen we eigenlijk de Ierse meisjes van de kajuit ernaast duidelijk horen en door de spleten licht zelfs zien. Maar gluurders zijn we niet, dus doen we snel onze oogjes toe. Ik moet zeggen dat het iets heeft net naast de elektriciteitsgenerator te slapen die de hele nacht door wel 50 dB haalt. Bovendien is er een ventilator die veel te koud waait en zonder is het veel te warm. De nacht verloopt dus niet al te gemakkelijk, maar dat is een zorg voor morgen.












































Foto's van Wim Heirman, voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

Saturday, 13 October 2007

29ste dag => Trip naar Ha Long valt in het water

Deze ochtend wil Damien absoluut alle blogposts afkrijgen. Dus werkt hij met een afwezige hulp van David verder tot 3u wanneer David het niet meer uithoudt en spontaan in een diepe slaap valt (waarin hij dan spreekt). Damien gaat nog door tot 4:30 en herinnert zich ineens dat hij zijn was nog moet doen. De handwas duurt nog tot 5:30 en dan komt een rustgevende slaap van 2 uurtjes.

Om 7:30 gaat Damien dus naar beneden (in nog een steeds natte t-shirt) om de anderen te halen en hij valt binnen bij David die nog aan het slapen is. Ondertussen zijn de twee anderen wel wakker. Zij zijn gisteren avond naar een verjaardagsfeestje gegaan van een Italiaanse jonge vrouw (net boven de dertig) die nota bene niet op het feestje aanwezig was. Het heeft geen zin te vragen hoe Iñigo op zulk een feestje terecht komt. Het antwoord is overduidelijk. Ze hebben veel plezier gehad omdat het typisch Western style was, dus meer wat we gewoon zijn.

We gaan naar beneden waar Wim het al geklaard heeft om een taxi te laten bellen door de gamekeeper aan de ingang van de student home en we zien op de gang het buurmeisje die naar haar werk gaat. Zij bestelt beneden ook een taxi.

De taxi komt aan rond 7:50 en we gaan op weg door de file heen. We komen pas om 8:09 aan (we moesten er om 8u zijn) en Damien ziet net het busje van het toerismebureau vertrekken. De klerk van het bureau ziet ons en belt ze onmiddellijk terug. Maar het duurt nog eens tien minuten eer het busje er terug is. Ondertussen zien we een rijk assortiment aan koffie, gaande van arabica naar andere klassiekers via “Weasel Coffee”. Deze trekt natuurlijk onze aandacht, want waarom zouden ze dat in godsnaam zo noemen?

Het busje brengt ons naar een drukke baan waar nog enkele fransen staan te wachten en spreken met de jongedame die ons de ticketen heeft verkocht voor de reis. Iñigo ziet haar nu voor de tweede keer en hij wordt onmiddellijk verliefd “Spanish style”. Dat betekent dat hij meteen spreekt van met haar te trouwen en haar mee te nemen enz. (natuurlijk niet in front of her, maar in vertrouwelijke kring op de bus zelf) We komen dankzij Iñigo te weten dat ze “Anh” heet (wordt als een scherp afgehakte ANG! uitgesproken) en ze eigenlijk beter Frans kan spreken dan Engels.

De busrit begint met een intro van de gids die een rijke glimlach heeft dat zijn hele gezicht lijkt te vullen (eigenlijk is het ook zo). Hij vertelt ons een beetje over Ha Noi, over de brug die we een nacht of twee geleden zijn overgefietst en nog andere kleine dingen die we al wisten daar we hier toch al een tijdje zijn (we zijn inderdaad al in de helft, helaas). De gids is wel grappig. Zo begint hij ook een liedje te zingen in het Engels over hoe mooi Viet Nam wel is enz.

De rit moet 4u duren, dus kunnen we na het gezever van de gids in slaap vallen. Wie ooit in vliegtuigen van Ryan Air of Virgin Express heeft gezeten weet hoe moeilijk het kan zijn zich comfortabel te installeren omdat er zo weinig plaats is. Wel, neem van die beperkte ruimte nog eens een tiental cm af en dan heb je een idee van hoeveel plaats wij in deze bus hebben. We moeten ons in de raarste posities wringen om iets of wat relax te kunnen “liggen” en omdat we toch zo moe zijn vatten we redelijk snel de slaap.

Net buiten Ha Noi, zo’n uurtje later, maakt de gids ons wakker omdat we zijn aangekomen aan een rustparkingetje. Wanneer we het busje uitstappen wordt het pas echt duidelijk wat dit hier is: een stal voor vee. Ok, dat is het niet, maar zo voelen we ons wel. Het zit hier vol toeristen, opeen geplakt, gewoon doelloos rondkijkend als een bende herkauwende koeien (en sommigen zijn dan ook echt dik en kauwen op een chewing gum waardoor de gelijkenis nog flagranter is). Binnenin is dan een winkel waar ze diverse prullaria verkopen gaande van slecht gemaakte sierdoosjes naar juwelen via kledij, asbakken, beeldjes en dergelijke. De prijzen zijn natuurlijk in dollar, wat een idee geeft van de verkoopwaarde ervan… Terwijl we afwachtend buiten zitten zien we aan de uitgang een gigantisch bord staan met deze mededeling: “Attention! Here you are in a safe zone. By crossing this line we cannot hold responsibility for you. Trespass at your own risk.” Dit geeft natuurlijk de indruk dat Viet Nam een levensgevaarlijk land is en we een heel hoge kans hebben onmiddellijk dood te vallen wanneer we de lijn oversteken, hetzij door een of andere vleesetersplant, misschien door een dolgedraaide olifant, misschien zelfs een vallende kokosnoot of nog tot op het bot door en door gevaarlijke dieven met kwade bedoelingen. We nemen de proef op de som en gaan even buiten aan bananenboombladeren voelen. (die verbazend waterdicht aanvoelen, net als rubberplastiek. Geen wonder dat ze als dakpannen worden gebruikt) Behalve een kleine steek veroorzaakt door een kiezelsteentje in de schoen blijven we ongedeerd…

Tijd om weer op de bus te stappen en daar vallen we weer in slaap, deze keer onafgebroken tot we aan de buitenbuurten van Ha Long komen. We zien in de verte rijstvelden (horizontaal en niet in terrasbouw) met hier en daar een hoog uitstekende rots (bedekt met rijke vegetatie) alsof die hier door een onfortuinlijk toeval uit de lucht is gevallen (hopelijk zat er geen schaap onder).

We komen zo de stad steeds meer binnen. Tot onze verbazing is hier geen druk verkeer. De chaos is daardoor redelijk beperkt, hoewel we wel enkele typische reflexen herkennen (Het getoeter bijvoorbeeld, dat trouwens een beetje belachelijk lijkt als er geen kat op de weg is. Het zal wel een misvormde gewoonte zijn) De gewoonlijke taferelen van aan de kant van de weg zittende mensen in de typische zitpositie of nog de aan straatbaretjes zittende mensen zijn hier ook te zien.

Nog een klein uurtje later komen we aan in Ha Long Harbour. We zien op de kant van de parking zelfs een groot bord staan waarop staat (en dit is geen grap, het staat er echt): TOURIST WARF, gevolgd door de waarschuwing van veiligheid en van verantwoordelijkheid, blah blah blah. Kan het nog duidelijker? Dit is natuurlijk doorspekt met de toeristische busjes waarrond een heleboel toeristen nieuwsgierig rondkijken. We voelen ons echt slecht hier tussen te zitten. Ze zien er allemaal zo dom uit. Geen wonder dat de locals op ons springen om stupiditeiten te verkopen en waarschijnlijk slagen ze er nog in ook (voor belachelijk hoge prijzen) Maar bon, we hebben Anh om ons bezig te houden. Iñigo haalt namelijk zijn beste Frans boven, maar hij heeft af en toe de hulp nodig van Damien omdat Anh enkel het accentloze Frans herkent. Het is wel grappig Spaans Frans te horen converseren met Vietnamees Frans. Het resultaat is veel gebaren, vertederde blikken en glimlachen van Iñigo (maar voor andere redenen of course) en verlegen lachjes van Anh. De conversatie gaat van studeren naar in Viet Nam leven, de typische koetjes en kalfjes dus.

We krijgen de door de zingende gids aangekochte tickets in handen (of eerder: Anh houdt ze voor ons bij) en mogen door de “zwaar” bewaakte deurtjes de pier op. Hier is het tafereel ontzettend: Een heleboel houten boten met diverse opschriften (zoals ‘TOURIST’ of nog ‘HA LONG TRIP’ en vele anderen) zijn in een totale chaos aangemeerd. Ze dragen hier en daar al een beetje toeristen, zijn beschilderd met bonte kleuren gaande van groen naar rood of de rustieke donkerbruine vernis. Aan elke voorkant van de boten staat een Chinese draak zo een beetje als boegbeeld (behalve dat de voorkant de opstapkant is van de boot en de draak dus in het midden van de weg staat. Tja, hoe los je het anders op als je geen boeg meer hebt) We worden binnengebracht in de kajuit waar tafeltjes staan aan beide kanten. Andere toeristen zitten er ook al te wachten. Enkel de Fransen herkennen we.

We mogen onze rugzakken vanachter in de boot gaan leggen en wanneer we willen zitten komt Anh op ons af. Ze ziet er een beetje verlegen uit met haar roze bloesje, en zo klein. Ze kijkt naar ons op en vraagt onze paspoort met een klein, onzeker stemmetje. We kijken elkaar allemaal aan en draaien ons weer naar haar toe: “Comment-ça, un passeport? Nous n’avons pas le passeport. Personne nous a dis qu’il fallait l’emporter!” (tja, ons werd altijd gezegd het paspoort in het hotel te laten omdat indien men deze verliest, men het risico heeft het land niet te kunnen verlaten.) David is wel slim geweest fotokopies te nemen van zijn paspoort, maar die heeft hij vergeten in de student home. Enkel Wim heeft zijn paspoort mee. Anh kijkt ons onzeker aan en vraagt of we dan iets anders hebben. Iedereen haalt dan zijn identiteitskaart boven (behalve Damien want een identiteitskaart is echt nutteloos buiten de EU), en Anh gaat daarmee naar de kapitein. Het blijkt echter niet genoeg te zijn en ze komt terug om ons uit te leggen dat we niet op de boot kunnen blijven omdat we onze paspoort niet hebben. We kijken elkaar aan met de grootste blik van diepe horror die men zich kan inbeelden en vragen een beetje gealarmeerd wat onze opties zijn. Anh blijft echter ontzettend vaag (nooit ja of neen zeggen natuurlijk) en we beginnen serieus te twijfelen of deze trip nog op iets degelijks gaat uitdraaien. Anh stelt voor dat we iemand contacteren in Ha Noi om de paspoorten door te faxen. Na enig overleg probeert Iñigo de zeer behulpzame Dr. Hue te contacteren, maar deze antwoordt niet. Damien probeert dan Dr. Lan te bereiken, maar zonder al te veel hoop omdat ze niet vaak opneemt, daar ze vaak les geeft, wanneer de gsm belt (ze reageert meer op sms-en, waarvoor nu even geen tijd voor is) Gelukkig neemt ze wel op en na even uitgelegd te hebben wat de situatie is, belooft de goede Dr. Lan te kijken wat ze kan doen. Ze belt een poosje later om te laten weten dat er complicaties zijn, dat ze niet zomaar onze kamer mag binnenvallen in de student home zonder de toestemming van de big boss en dus moet ze nog enkele telefoontjes plegen. Terwijl we in spannende afwachting eh… wachten, worden de andere toeristen natuurlijk heel ongeduldig. Ze beginnen te zuchten en te zeuren, wat Anh heel onzeker en zenuwachtig maakt. Ze vraagt ons herhaaldelijk hoe het zit, maar haar stress komt haar begrip voor Frans niet ten goede en het kost Damien de grootste moeite zich verstaanbaar te maken. Onder druk van Anh belt Damien Dr. Lan weer op om te vragen hoe lang het ongeveer nog zou duren. Dr. Lan, ook serieus onder stress nu, laat weten dat ze binnen 10 minuten zal terugbellen. Anh krijgt reclamaties van de kapitein die zeer ongeduldig wordt (time is Money lijkt hij wel te zeggen) Ondertussen is een zeeman al van de boot gestapt met de paspoorten van de andere toeristen om in de menigte op de pier te verdwijnen. We begrijpen echt niet waarom die paspoorten zo belangrijk zijn. Anh wilt het ons ook niet zeggen. De spanning blijft stijgen terwijl de telefoon maar niet afgaat. Uiteindelijk luidt het nu heel dom lijkende melodietje en Damien neemt onmiddellijk op. Dr. Lan vertelt dat ze in zijn kamer zit, klaar voor de actie. Anh komt er weer ongeduldig bij staan en Damien geeft haar eventjes Dr. Lan door om het uit te leggen. We weten niet wat er gezegd wordt, maar na een poosje legt Anh op. Ze zegt ons dan: “C’est trop tard. Le capitaine veut partir.” Dit brengt ons natuurlijk buiten onszelf en we proberen te weten komen waarom in godsnaam dit zo is. Anh laat echter niets los en loopt weer naar de kapitein waar ze hevig in gesprek geraakt. Ondertussen belt Damien weer naar Dr. Lan en deze is uiterst verward. Damien legt haar toch uit waar ze zijn paspoort kan vinden (en dat brengt haar in paniek want ze vindt het niet onmiddellijk) en dan komt Anh zeggen dat we mogen eten op de boot en we daarna moeten afstappen. Ze zegt er lachend bij dat we misschien de stad kunnen bezoeken… Dit is echter helemaal niet grappig en Damien laat weten aan Dr. Lan dat het te laat is. Daar gaat onze trip…

Het eten wordt gebracht, weer zo typisch toeristisch: Frietjes, wat groenten, rijst, inktvisgerechtje en een salade. We moeten blijkbaar met zes aan tafel zitten en Damien wordt vriendelijk uitgenodigd bij de Fransen. Deze willen weten wat er aan de hand is en Damien vertelt het hele verhaal. Ze worden kwaad en laten weten dat ze vinden dat hier iets gedaan moet worden, dat we ons niet moeten laten doen. Dat voelen we ook, maar met de slechte communicatiemogelijkheden, het schuldgevoel omdat het ergens wel logisch is dat je altijd een kopie van je paspoort moet meehebben, kunnen we de schuld niet volledig op Anh steken. Bovendien heeft het helemaal geen zin kwaad te worden en de situatie alleen maar erger te maken. Zo werken Aziaten in crisissituaties niet. Er het beste van proberen maken is de beste taktiek. Kalm blijven en een zekere mate van neutraliteit levert het meeste op. Toch geven de Fransen een goed idee: Waarom niet toch de paspoorten laten doorfaxen en gewoonweg de trip een beetje veranderen: Vandaag in hotel slapen en morgen op de boot slapen ipv omgekeerd. Het idee is eenvoudig en lijkt geniaal, in theorie. Het is ontzettend moeilijk dat tussen twee frieten door aan Anh duidelijk te maken, maar het lukt. Damien belt onmiddellijk terug Dr. Lan op en geeft haar dan David door om verder uit te leggen waar ze de fotokopies van Davids paspoort kan vinden (het originele ligt in zijn kast, afgesloten waarvan de reservesleutel in Damiens kamer ligt). Daarna geven we de telefoon door aan Iñigo voor zijn paspoort. Er blijft ons alleen maar af te wachten. Anh heeft nog steeds niets vermeld of we nu op de boot mogen blijven of niet en we krijgen het er niet uit. De frustratie is zeer hoog. Ondertussen moet Damien de grapjes van de Fransen ondergaan in de trend van “Quelle merde d’avoir des Belges sur un bateau. Ça n’apporte que la poisse.” “Ah, je vais prendre des photos du port, comme c’est la seule chose qu’on verra pendant ce voyage.” Enfin, Damien kan er toch de grap in zien en zevert er gemaakt ontspannen mee.

Ondertussen is de boot al aan het bewegen. Onze verwarring is ten top en ook onze vrees. We hopen toch nog dat we mogen vertrekken, maar de boot lijkt alleen te manoeuvreren omdat er geen plaats meer is op pier voor de andere boten om aan te meren. Ons humeur zakt ons in de schoenen, maar wordt weer wat omhoog gebracht door een aanvaring met een andere manoeuvrerende boot. Tijdens het achteruit varen op volle snelheid hoort de kapitein namelijk niet het frenetisch zwaar toeteren van de andere boot en botst vierkant in het midden van de boeg van de andere boot. Een luide bonk en houtgekraak volgt hierop en Damien zegt heel ontspannen aan de Fransen: “Ah, et maintenant on va couler. Au moins, nous sommes encore au port, donc il ne faudra pas nager trop loin…” Tot zijn grote vreugde lijken de Fransen dit helemaal niet grappig te vinden (gniffel gniffel).

Maar bon, een grote opluchting volgt hierop wanneer de boot verder vaart, de haven uit richting de lukraak verspreide hoog uit het water uitstekende rotsen. Een bevestiging van onze vermoedens van Anh (ok, niet een duidelijke JA, maar toch meer bevestigend dan de gewoonlijke ‘misschien’) over het verdere verloop van de reis brengt ons nog wat meer tot innerlijke rust en triomfantelijk denken we: “Ha Long Bay, here we come!”

Wat we tijdens deze boottocht van 90 minuten zien is fantastisch: Over heel de horizonlijn die typische rotsen, elk in een diepere donkergroen gehuld door de mist die overal blijft hangen. Het stille wateroppervlak, het zachte gebrom van de motor van de boot, rust overal waar we kijken, heerlijk pure zeelucht (niet die vuile smog van Ha Noi) en het leuke geklik van het reflexfototoestel van Wim. Iñigo maakt ondertussen kennis met de toeristen op de boot. Tot zijn grote vreugde komt hij zelfs twee Spanjaarden tegen. Hij maakt ook de gekste foto’s en we voelen ons echt uitgelaten. Wat een prachtige boottocht.

Dan komen we aan in een baai waar andere boten te zien zijn, een pier, een huisje en weer veel toeristen. We stappen af en begeven ons naar een stenen trap die naar een grot leidt. Wanneer we de grot inkomen hebben we een gemengd gevoel. Onze eerste reactie is verbazing, want we hadden van Toon gehoord dat het heel erg was, en dus hadden we het ergste verwacht, maar het lijkt mee te vallen. Daarna komt een gevoel van spijt omdat we merken dat de grot zo dood is als het maar zijn kan. De grot is namelijk volledig uitgedroogd, beschadigd door de vele toeristen die hier komen, door alle flashs van de fototoestellen, en door de domme groene, rode, blauwe en gele lichten die constant schijnen op de miljoen jaren oude stalactieten en mieten. Dat gevoel wordt dan gevolgd door een gevoel van pure kwaadheid als we zien dat ze ergens middenin de grot een fontein hebben aangelegd. Nog erger is het feit dat ze hier en daar domweg door het kalkgesteente een weg hebben gekapt en hier en daar zelfs aangevuld met cement. De toeristen mogen ook overal over het steen wrijven dat gepolijst is door de vele handen. Dit is er echt teveel over! En dan horen dat de Fransen het prachtig vinden allemaal geeft ons echt het gevoel dat de wereld naar de vaantjes is.

Ondertussen, hier en daar stoppend, vertelt Anh ons de legende van Ha Long Bay, die als volgt luidt: Er was eens een zware oorlog in Viet Nam en de rijke keizer besloot Ha Long bay te schenken aan de hoofdgeneraal zodat hij het gebied kon gebruiken om een grote zeemacht uit te bouwen. Maar op een of andere manier zijn er parels uit de lucht gevallen (ja, het is vaag, maar het Frans van Anh was niet al te duidelijk) in het water en daarop zijn rotsen beginnen groeien (in een legende kan alles). Deze rotsen hebben er dan voor gezorgd dat de zeemacht zich perfect kon verdedigen en de generaal heeft in deze grot een onderkomen gevonden op het ogenblik dat hem de weg werd gewezen door de grote draak. De grote draak is nog steeds aanwezig in de grot en natuurlijk is dat gewoon een misvormde stalactiet waar ze een rood lampje hebben gezet waar ze voelen dat een oog zou moeten staan. Tot zover deze fantastische legende…

Onze twee fotografen slagen er toch in hier en daar een mooie foto te maken en we zijn snel weer uit de grot, waar natuurlijk een prachtige souvenir shop op ons te wachten staat met de grootste rotzooi die men zich kan inbeelden. Alleen de typische kleine globes met een plastieken panoramaatje die men moet schudden om sneeuwvlokjes chaotisch door elkaar te zien dwarrelen ontbreekt nog aan het assortiment.

Op de weg naar beneden haalt Iñigo zijn charmeurstalenten boven (is zelfs te zien op de foto’s waar hij Anh’s hoedje draagt) waardoor Anh een heel deel van de Fransen uit het oog verliest. Dat brengt er ons toe lang te wachten beneden aan de kaai terwijl de Fransen eigenlijk al de hele tijd dicht bij de boot staan te wachten. Ze waren dus voorop.

Terug op de boot is Anh nu volledig ontspannen (heel waarschijnlijk dankzij Iñigo) en komt gezellig bij ons zitten op het bovendek. Daar vraagt ze ons 5$ per persoon om de hotelkamer te boeken voor deze avond. Het komt niet in ons op om nog moeilijk te doen en we betalen de 81000 dong. Ze legt ons ook uit dat de paspoorten nodig zijn voor de verzekering op de boot. We moeten dus allemaal geregistreerd worden bij de politie, en dat is een trage affaire gezien het aantal toeristen. De verzekering is nodig omdat er enkele jaren geleden nog veel piraten rondvoeren die de toeristische boten plunderden. Ze belt nog hier en daar om alles te regelen en haar gsm valt uit. Maar geen nood, want Iñigo stelt meteen voor om zijn gsm aan haar te lenen, wat ze verlegen aanneemt. Na de nodige gesprekken wilt ze het terug geven, maar Iñigo maakt haar duidelijk dat ze het mag houden tot wanneer ze gedaan heeft. Ze wilt bij ons blijven zitten, maar ze houdt niet zo van de zon. Vergeet niet dat het hier de mode is om bleek te blijven. Damien biedt haar zijn hoedje aan en dat neemt ze ook aan, maar een kwartiertje later, gaat ze toch weg naar het benedendek.

De rest van de namiddag verloopt heel ontspannen, onder de zon, op het rustige water.

Een uurtje later ongeveer meren we aan een pier aan van het Cat Bah-eiland. Dit is het grootste eiland van de buurt. Anh neemt afscheid van ons (Iñigo’s hart is gebroken) en al snel komt een andere gids op ons af om ons naar een busje te escorteren. Naast het busje zijn arbeiders op de typische Vietnamese manier aan het werk. Dat betekent: Alles tegelijk doen. Eentje is het armatuur van een hangar aan het lassen, terwijl een andere metaal slijpt hiervoor (de stukjes worden heen en weer gebracht door een derde). Ondertussen, geen meter verder is een andere het nog warme metaalwerk al blauw aan het schilderen en nog geen meter verder zijn er twee anderen al metalen platen aan het monteren op het pasgeverfde metaalwerk. In de achtergrond zijn ze ook een huis aan het bouwen terwijl een arbeider uitrust in een hangmat bij gebrek aan beter adhv twee pitons gewoon in de rotswand bevestigd. Het tafereel is zo typisch…

We worden omringd door vrouwen met een hangbakje, typisch aan rondlopende verkopers, die ons vragen of we willen drinken…

Het busje wordt volgestopt tot de rand en we kunnen vertrekken. Alweer zitten een heleboel toeristen in de bus die we nog niet gezien hebben. Het lijkt wel dat elk toerismebureau samen werkt met elkaar. Het is dan ook geen wonder dat we horen van de andere toeristen dat ook zij zwaar op de proef werden gesteld door de chaotische organisatie. Zo is een vrouw heel kwaad geworden op het moment dat ze hoorde dat ze niet in dezelfde hotelkamer kon blijven als haar vriend. Sterker nog, niet in hetzelfde hotel… Daar gaat de romantische avond.

De tocht naar de andere kant van het eiland duurt 45 minuten. We rijden op een slecht gegoten betonnen weg, omringd door een heel dense flora. De lucht is vochtig, en Damien die zijn hoofd uit het raam kan steken kan de heerlijke geuren van bamboe en andere Vietnamese planten ruiken. Het is heeeeerrrrrrrrrrlijk.

Bij het aankomen worden we naar een hotel gebracht door alweer een andere gids wiens naam Van Huy is. Hij laat ons weten dat we exact 30 minuten hebben waarna hij ons gaat ontmoeten. We lopen naar de vierde verdieping en proberen onze deuren open te krijgen. De deur van kamer 401, Iñigo en Wims kamer, blijkt zonder al te veel moeite open te gaan. Kamer 403 daarentegen is niet open te krijgen. Ook is er geen elektriciteit in kamer 401. Damien gaat terug naar beneden om hierover te informeren, waarop de klerk mee naar boven loopt en aanduidt dat er een centrale schakelaar is naast de kamerdeur en dat men goed moet trekken aan de deur om het slot open te krijgen. De kamer is groot, vol meubels, naar schatting van de jaren 70, bevat een dubbelbed en een enkelbed. De badkamer is heel luxueus met een badkuip en alles. We zetten onmiddellijk de airco aan en na een korte opfrissing keren we terug naar beneden. Daar krijgen we een samenvatting van het op ons te wachten programma, dat heel strict blijkt te zijn. We hebben nu een uurtje om te doen wat we willen en de suggestie is gaan zwemmen op het strand dat op tien minuten stappen verwijderd is van het hotel. Daarna is het avondeten.

We gaan dus op weg, Wim wat achter blijvend om foto’s te nemen. Onderweg kruisen we Spanjaarden (Iñigo kan ze van mijlenver ruiken) en na een amicaal babbeltje komt Iñigo te weten dat er drie stranden zijn en de dichtstbijzijnde op nog geen 5 minuten stappen ligt. Zo gaan we op weg.

Het strand ligt eigenlijk net naast een toeristisch zwemcomplex met glijbanen en ander dergelijk speelgoed. De nacht valt weer snel en we duiken het warme water in onder de sterrenhemel. Een beetje dobberen, maar niet te diep (want er zijn veiligheidsboeien geplaatst over de hele breedte van het strand) doet immense deugd. Eerst nog een beetje stoer tonen hoe goed we handenstand kunnen doen in het water of nog hoe goed we kunnen drijven, en we hebben het gevoel dat het tijd is. We hebben er echter geen idee van daar niemand een horloge aan heeft. We gaan dus op zoek naar Wim, die wel een uurwerk draagt. Wim is moeilijk te vinden in het donker omdat hij zelf pikzwart gekleed is vandaag. Uiteindelijk vinden we hem en keren we terug naar huis. We komen 10 minuten voor etenstijd aan en nemen nog snel een douche om het zout van ons af te krijgen.

We komen tien minuten te laat, maar dat blijkt helemaal niet erg te zijn. We bestellen een fruitsap (waarvan Damien bij het afrekenen gemengd dongs en dollars terug krijgt). We krijgen ook een slaatje, garnalen, scampibeignets, rijst en natuurlijk french fries met ketchup (zucht). Beeld u eens in wat voor een beeld de Viets hebben van de Westerse cultuur. En dat wordt alleen maar erger als u leest wat er nu komt:

Tijdens het eten komt Van Huy ons weer wat uitleg geven over het strict op te volgen programma, zonder ruimte voor vrijheid of discussie. Hij gaat vervolgens een soortgelijke uitleg geven aan andere gasten en komt dan terug bij ons. Hij kiest de praatgrage Iñigo als communicatiepartner. Het gesprek gaat ongeveer als volgt:

- “Do you know what to do tonight?”

- “No, not yet. Maybe dancing or drinking in a bar.”

- “I have an idea! It is a secret. Maybe you would like to…” hierbij komt hij dichterbij Iñigo’s oor en brengt hij zijn handen ertussen in, in een heel ostentatief gebaar dat aanduidt dat dit een hoogst groot geheim is, maar het best is dat iedereen meteen weet waarover het gaat. Hij vervolgt in een fake fluistertoon zodat iedereen het kan horen: “Fuck?”

Hierop moet Iñigo natuurlijk heel hard lachen, net zoals wij. Iñigo wil dan uitleggen dat we het niet willen, maar Van Huy wil niets horen. Dan begint hij dingen te zeggen als: “Wat wil je? 1, 2 of 3 u? Misschien de hele nacht? Je kan er zelfs eentje kopen om met jou op de boot te gaan en bij jou te blijven voor de rest van het weekend. Of je kan vandaag die, morgen een ander, overmorgen nog een ander nemen? Ik ken een goede plek.” Als Iñigo dan zegt dat we allemaal een vriendin hebben in Belgie reageert Van Huy met: “So what? Een vriendin in Belgie, een vriendin in Spanje, een vriendin in Ha Long, een vriendin in Ha Noi. Dat is toch geen probleem? Elke keer 4 nachten bij een verschillende vriendin, dat kan toch geen kwaad?” We slagen er toch in hem af te schudden, sans rancune.

Wim is moe en wil nu gaan rusten, maar de drie anderen willen toch nog wat gaan verkennen van de stad, ook Cat Ba genaamd.

We gaan op weg en vinden hier ook brommertjesmannen die ons zelfs vragen of we BOOM BOOM willen gaan doen. Waarschijnlijk krijgen ze hier allemaal een commissie als ze klanten brengen. We gaan zitten aan een tafeltje en bestellen een rietsuikersap. Dat wordt vers geperst met een soort versnipper. Aan tafel gaat het gesprek vooral over die tendens om toeristen te duwen naar hoertjes. Prostitutie is hier zo ingeburgerd dat het ons schokeert. Zouden de Viets weten wat hun reputatie is buiten het land?

We gaan na de vruchtensap nog even naar een bar met uitzicht over de zee, waar we een biertje drinken en nog spreken over de evolutie van computers.

We keren nu rustig terug naar huis, nogal verbaasd dat er bijna geen toeristen te zien zijn. Waarschijnlijk aan het slapen, met partner of met hoertje, of nog in een of andere discotheek aan het shaken of drinken…

Op weg naar het hotel horen we ergens in de verte een typische bastoon doorklinken van technomuziek. Iñigo kan het niet weerstaan en trekt ons meer naar de discotheek die op een minuut stappen van het hotel is verwijderd.

Binnen is het tafereel redelijk ongewoon. De discotheek is groot, maar bijna leeg. Aan de bar zit niemand en de dienster verveelt zich te pletter. Een entreuse deelt visitekaartjes van de discotheek uit. In de achterkant van de zaal is een dansvloer, vol met vooral Vietnamese mannen en hier een daar een jonge vietnamese vrouw. Overal rond de dansvloer zitten mannen te drinken. De DJ is op een verhoogje enthousiast aan het bewegen met zijn muziek mee, terwijl de jongens rond de schaarse meisjes komen bewegen. De meisjes laten zich goed gaan en proberen duidelijk MTV-videoclips na te bootsen. Ze bewegen in hip hop maten, maar dan versneld omdat het techno is. De bewegingen zijn stroef en onafgewerkt. Het ziet er vrij komiek uit voor habitues als Iñigo. Het heeft geen zin hier te blijven, dus gaan we weer naar buiten, waar een man ons weer vraagt of we willen BOOM BOOMEN.

We schudden hem af en keren naar het hotel, waar we zien dat er mogelijkheid is tot biljarten. We huren de tafel af voor 1$/uur en spelen twee spelletjes met drie met wisselende teamen. Iñigo speelt eerst alleen en brengt al zijn ballen eerst in de gaten, maar verliest het spel bij een fout op de zwarte bal. Het tweede spel speelt Damien alleen die constant achter staat en op het einde ineens al zijn ballen wegkrijgt, inclusief de zwarte. De verliezers moeten gaan betalen en de ballen terug naar beneden brengen. Het koste 20000 dong.

We kruipen in ons bedje. Het was toch wel een drukke dag vol verrassingen en spanning. Niettemin een heel mooie.






























































Foto's van Wim Heirman, voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

Friday, 12 October 2007

28ste dag => Kennismaking met een leuk Vietnamees meisje

David gaat vandaag vroeg naar de Hut en Damien slaapt wat uit. Vandaag gaan we met Dr. Hue, die nog met Dr. Lan Tran gedoctoreerd heeft op de VUB naar het centrum om de trip naar Halong Bay te boeken. Nog even geld afhalen en tegen de middag vertrekken we met zijn vieren (David blijft op de HUT en gaat zelfs een nieuwe kant op, op zoek naar een nieuwe eetgelegenheid, waar hij geconfronteerd is met het gebruikelijke overenthousiasme van de mensen).

Een beetje zoeken naar het reisbureau waarvan Dr. Hue weet dat het goedkoop is en we bestellen met de hulp van Dr. Hue een trip van 3 dagen en 2 nachten naar de mooiste baai van Viet Nam voor slechts 29,60 euro. Het houdt in dat we een nachtje doorbrengen op de Vietnamese boot op het meer, een vol pension onderdak krijgen, kayakken mag, een grot kan bezoeken enz. Natuurlijk is dit alles bijzonder toeristisch, maar het is zo goedkoop en gemakkelijk dat het beter is het zo te doen en zich eventueel van de toeristische groepen af te scheiden ter plekke indien we het toeristische beu zijn. Het moeilijkste te organiseren om naar daar te gaan blijkt namelijk het vervoer te zijn. Treinen kosten hier stukken van mensen en is zelfs duurder dan de binnenlandse vluchten met “Vietnam Airways”.

Daarna gaan we in het centrum wat eten in een toeristisch restaurant waar ze enorm veel keuze hebben, gaande van kikker naar kip via rund, aal, schelpen, allerlei vis, varken, schildpad, konijn, haan en nog veel meer (maar geen rat of hond). Het kost hier gemiddeld 50000 dong per gerecht, wat 5 X teveel is en men moet verschillende gerechten bestellen om genoeg in de maag te hebben. We komen ervan af met elk 100000 dong (het vlees was van superieure kwaliteit en de garnituur was weer eens prima verzorgd). Dan gaan we naar een bar met een uitgestrekt zicht op het Hoam Kiem meer. Daar drinken we een cappucino, die heel schaars zijn in Viet Nam terwijl we genieten van het spectaculaire zicht over het meer. Ineens begint het ook enorm te regenen, wat de grootste vreugde uitlokt bij Iñigo, die een echte tropische regen wilde meemaken. Vele foto’s en telefoontjes van Dr. Hue (want zijn telefoon ging constant af) later keren we terug naar de Unif. We gaan elk onze eigen weg en werken nog goed door van 16:30 tot 19:00. Hierna komt David uitgeput Damien halen en we downloaden nog enkele grappige dingetjes. Ondertussen zijn de twee anderen naar een winkel gegaan waar ze goede trekkersrugzakken kunnen kopen. Ze zijn vanavond uitgenodigd op een Fins verjaardagsfeest (dankzij het contact zoekend karakter van Iñigo die een gesprek heeft aangeknoopt met Finse studenten op de
HUT) in het centrum. Wij zijn via hem ook uitgenodigd.

We komen hen tegen wanneer we om 20u thuis komen en hoewel we morgen om 7u moeten opstaan, gaan ze toch naar het feestje. Damien, overvallen door een verantwoordelijksgevoel wijst de uitnodiging vriendelijk af omdat hij nog wat moet bloggen (weer een week achterstand). Dit gaan we echter later doen. Nu willen we gaan eten en omdat we sinds de eerste dag bij “beer from the wall” elke keer uitgenodigd worden om iets te eten hebben we beslist dit vanavond te doen. Ze zien ons aankomen en zijn weer heel blij. Dat komt ook omdat de twee anderen net 5 minuten geleden hier ook waren geweest om te eten.

We kiezen lukraak iets van het menu en ze brengen ons een gerecht met rund, heel licht en heel weinig, dat bediend wordt met een extreem pikant sausje dat sterk ruikt naar parmesan. We eten elk van zo’n stukje ingeweekte rode peper waardoor onze mond in brand vliegt. 4 pinten later om het te blussen en de goudwaardige glimlach van de dienster bij het zien van onze tranen en rood gezicht bestellen we nog een gerecht. Het blijkt dat hetgene Damien bestelt iets met paddestoel is en 60000 dong kost. David bestelt gefrituurde noodles = mi xao.

Wanneer het gerecht wordt gebracht, blijkt het door Damien bestelde gerecht eigenlijk voor 4 man te zijn (op zijn minst). Het bestaat uit een brandertje waarop een ceramieken pot staat. We weten totaal niet wat er hier te eten is, maar het is lekker. Damien heeft deze middag ook al zo’n culinair avontuur gehad bij het bestellen van “chicken crop”, wat gewoonweg kippemaagjes zijn. Nog twee biertjes later betalen we en keren we naar huis.
Nu is het tijd om te bloggen en om 22:30 komt het buurmeisje ons vragen of we WiFi hebben. We hebben haar al eerder gezien. Ze spreekt voor een viet enorm goed Engels, soms bijna beter dan het onze en is supervriendelijk.

Na enig overleggen, gaan we haar tien minuten later halen met de enkele schaarse Belgische biertjes die we hebben. De bedoeling is simpel: Benadering zoeken met een kleine gift, specialiteit van Belgie. We kloppen bij haar aan en na vijf minuutjes komt ze opendoen met een handdoek over haar haar, en een andere gewikkeld over haar lichaam. Met een licht gegeneerd gezicht zegt ze dat ze ons zal bezoeken binnen drie minuutjes. Vanaf ze de deur toe doet vallen we spontaan in een enorme lachbui (die we zo stil mogelijk houden) omdat het al een beetje durf vereiste van ons om haar te benaderen, maar dan ook heel genant was.

Tien minuutjes later komt ze weer aankloppen met een pompelmoes en koekjes. We schenken een Donkere Leffe in en wisselen enkele leuke cultuurverschilletjes uit. (ze vindt de Leffe heel sterk bier, geen wonder als je het vergelijkt met het soort zachte pilsje dat ze hier drinken) Ze heeft veel gereisd en is de eerste die ons eindelijk een duidelijk beeld geeft van de Vietnamese cultuur. Ze vertelt ons hoe het er echt aan toegaat en is bijlange niet zo ontwijkend als wat we hier gewoon zijn. We hebben meteen de indruk dat we aan haar stukken meer zullen hebben dan aan wie ook. Ze legt ons bijvoorbeeld uit waarom de Viets het zo een eer vinden om ons te ontvangen, ook al hebben ze niets. Ze zegt ons ook dat indien we op bezoek gaan het best is iets als cadeau te geven, en liefst iets van onder de 100000 dong. Ook maakt het niet uit wat, het is het gebaar dat goud waard is. Dat noteren we natuurlijk graag in ons boekje voor toekomstige encounters met de lokale bevolking. In elk geval wilt ze met ons zeker eens uitgaan om ons te tonen waar we echte specialiteiten kunnen eten voor slechts 4000 dong. Dat belooft! We kijken er zeker naar uit!

Ze moet morgen vroeg opstaan (om 7u) en gaat na een halve Leffe weer naar haar kamer hiernaast. We schrijven nog wat verder aan deze blog en ondertussen is het 4:30. David slaapt inmiddels al terwijl ik moedig verder schrijf voor het plezier van onze beste lezers. Morgen vertrekken we om 8u, maar dat betekent dat we reeds in het centrum moeten zijn om 7:45. Dat wordt vroeg opstaan morgen… Het belooft een toffe trip te zijn. Ik moet nog snel mijn was te drogen leggen en ik hoop dat het tegen morgen droog zal zijn. Vlug nog mijn rugzak pakken en dan kan ik eindelijk in bed. Het beloofd een tof weekend te worden!













Foto's van Wim Heirman, voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

Thursday, 11 October 2007

27ste dag => Ha Noi by night

Deze ochtend staan we op om 7:30 om naar het Lenin park te gaan. We gaan de twee anderen halen aan hun deur, maar ze zijn nog niet klaar. Een tiental minuutjes later kunnen we vertrekken. We halen onze fietsen op en gaan op weg.

Aan het park betalen we de 2000 dong inkom en 1000 dong om onze fiets op de parking te mogen achterlaten.

Het park is nu veel minder vol dan de vorige keer. Er is bijna geen mens te zien, behalve de werkende mensen in het park. De vorige keer waren er overal sportende mensen. Zo zien we vegers, in groepjes van twee of drie met hun typische bezems gemaakt van een soort struiktakken. Het design ervan is redelijk ingenieus: De steel is te lang voor de kleine viets en de takken zijn zo geknipt dat ze van zeer lang naar kort gaan. Het effect is een soort driehoekvorm. Daarmee kunnen ze de bezem in een hoek van 45 graden met de grond houden en toch nog een maximaal veegoppervlak hebben. Wat ze dan doen om te vegen is draaien met hun bekken. De draaibewegingen zijn minder belastend voor de rug dan onze voorovergebogen geklungel. Nadeel is wel dat je veel ruimte nodig hebt om rond te kunnen draaien. Deze techniek is dus alleen toepasbaar outdoors. We staan toch versteld dat ze met deze bezems zelfs het gras "borstelen". Ze halen alle dorre bladeren weg hiermee. Het ziet er gek uit dat ze zelfs het gras schoonmaken, maar zo is er wel werk voor iedereen.

Een beetje verder zien we een oude man langs de waterkant met een jongetje. Het jongetje kijkt geduldig rond, terwijl de grootvader van bovenop toekijkt. Ineens geeft de opa een wenk en het jongetje kijkt geconcentreerd naar de aangeduide plek. Hij brengt zijn handen in het water, ontzettend zachtjes en probeert zijn handen rond de vis te sluiten. Maar vooraleer hij er dichtbij kan komen is de vis al weggezwommen. Een beetje verder zijn ook andere vissers, maar zij hebben blijkbaar geld genoeg om min of meer degelijk vismateriaal te kopen.

De twee anderen nemen veel foto's, wat een komiek effect geeft aan het tafereel.

Ondertussen komen we aan een oever met een mooi zicht op een man op een bootje. Hij heeft achter zich drie manden boordevol vuiligheid. Met een visnetje met lange steel vist hij vanop de rand van het bootje een heleboel vuiligheid uit het water om het te dumpen in de manden. Als zijn netje vol genoeg is, kan hij er zelfs mee roeien, en zo gaat hij zelfs van vuile plek naar vuile plek. Wat hij uitvist is niet zo interessant om te beschrijven, behalve dan misschien de 1000-den visjes van 10cm lang op 4cm (en 2,2cm dik) die her en der op het wateroppervlak drijven. Ze zijn vooral naar de overs gespoeld. Het geeft een idee hoe vervuild het water hier wel moet zijn. We zien ook een andere man deze kleine visjes opvissen vanop de oever. Hij ziet er arm uit en we hopen echt dat hij niet verplicht is deze rotzooi te eten omdat hij niets anders heeft. Voordeel is wel dat het veel insecten aantrekt die op hun beurt ook vissen (levende welliswaar) aantrekken, wat het werk van de vissers wat vergemakkelijkt. Pfew, wat een ecosysteem!

Een beetje verder in het park is een soort serre te zien met daarachter een plantenkwekerij, we stappen het omheind tuintje in en vinder er kunststudenten die bloemen aan het tekenen zijn via observatie. Een beetje verder zijn oude boomstammen in stukjes gehakt en opgehangen. Daarop werden zaden geplakt of zoiets want er groeien een soort kruipplanten op, waarvan de wortels de rijke ambitie hebben tot helemaal beneden te komen op de grond.

We zien ook hier en daar een oudere persoon op een bank die heel rare bewegingen doet als gymnastiek. (het is beter hier naar de foto's te kijken, want een beschrijving is niet genoeg)

Dichtbij de uitgang zien we nog zo'n afgedankt roller-coastertje waarvan de coasterfanaten gemakkelijk strike zouden liggen: Geen loopings, enkel een horizontale stukjes en een spiraalbocht. We hebben het geluk dat er net een stuk of 6 jongeren op willen (late tieners). Het treintje vertrekt met een razende snelheid van 10km per uur en terwijl het ding rammelend in de bocht komt houden de studentjes zich stevig vast en roepen hun keel kapot alsof hun leven ervan af hangt. We vinden het zo grappig dat er veel foto's van genomen worden en uiteraard denken we dat deze mensen best nooit op een coaster in Europa of America moeten gaan waar er vrije vallen zijn van een kleine 70m, bochten die je met 3 of 4G op je buur drukt of nog "air times" (=zweven) van enkele seconden.

Aan de uitgang zien we de bevoorrechte slaapplaats: het brommertje dat toch zo polyvalent is. Een beetje verder loopt ook een oude man in een wit pak met de legendarische lange witte baarden die we alleen in Aziatische films zien. Hij is de eerste van zijn genre dat we zien.

Zo'n ochtendwandelingetje doet toch wel goed...

Op de HUT gebeurt weer niets speciaals en het is pas in de avond dat er weer iets leuks gebeurt. Dr. Hue vergezelt ons namelijk naar de Vincom Tower omdat de twee anderen enkele basisdingen nodig hebben. We profiteren van de gelegenheid om wat meer lekkernijen te kopen, waspoeder, een bezem en een spons, en of course, eindelijk, het heerlijke Belgische bier: Leffe, Blauwe Chimey en Duvel. Waarschijnlijk geïmporteerd puur voor de smaak. Hue, die 8 jaar in Belgie is geweest voor zijn PhD is zelfs stomverbaasd dat er Belgisch bier hier te vinden is. Ok, de flessen kosten 3,14 euro het stuk, maar toch blijft het verbazend.

Daarna gaan we eten in een restaurantje, eigenlijk meer fast food bar, gespecialiseerd in noodlesoep. Het vlees is er van superieure kwaliteit, de versieringetjes ook, maar dat is evenzo het geval met de prijs…

We nemen een poosje later afscheid van Dr. Hue die volgens traditie bij de Viets alles betaalt heeft van het eten om terug naar de student home te gaan. We gaan nog een fruitsapje drinken en dan gaat Wim slapen. Hij is redelijk moe, maar Iñigo is nog in topvorm en wilt graag nog wat rondfietsen. We nemen hem mee tot helemaal in het noorden van Ha Noi, naar de West lake. We komen op onze weg heel onverwachte dingen. Bijvoorbeeld komt elk bouwwerf tot leven wanneer de nacht valt. We dachten toen we het eerder zagen dat het een uitzondering was, maar het blijkt dat de nacht gewoonweg de beste tijd is om aan een gebouw te werken. Nachtlawaai blijkt niet in hun woordenschat te bestaan.

We ontdekken een totaal stille en verlaten Ha Noi, zonder verkeer en zonder de gewoonlijke drukte. We vinden echter kinderen die op een pleintje rijden in een elektrisch brommertje. Het tafereel is gewoonweg grappig en vertederend. We ontdekken zo meer en meer tot ons steeds groter wordende verbazing. Zo komt dit tot een hoogtepunt wanneer we de Rode rivier over fietsen via de brug, gebouwd door Fransen voor de oorlog (door de Eiffel-company), die nog steeds dient voor de trein die er sporadisch langskomt. Het speciale hierbij is dat er 6 rails zijn, geadapteerd aan elke soort trein. (dus met verschillende breedten en afstanden van elkaar) Dit is heel speciaal. Op de zijkant van dit spoor is plaats voor fiets- en bromfietsverkeer. Zo komen we ineens van de stad in niemandsland terecht boven een doodstille rode rivier, stil als een eindeloos diepe vergeetput. Er is geen lichtje aan de horizon te zien, geen geluid te horen, geen ziel te bespeuren, behalve de enkele verliefde koppeltjes die van de stilte genieten langs de kant van de brug.

Eens aan de andere over gekomen keren we snel terug via de andere kant van de brug. Het beeld van de rivier is hoe gek ook helemaal anders. In de verte zien we een oversteekbrug voor auto’s, waar het verkeer er nog steeds druk is en het hevige licht ervan schijnt op het stille wateroppervlak. We komen zo verder tot een baaitje waar we enkele typische Vietnamese bootjes zien. We zien er onder het maanlicht enkelen van verschillende grootten en we zijn ervan bewust dat hier echt mensen in wonen. Het geeft zo een typisch beeld van wat Viet Nam is. Het geeft ons een warm gevoel binnenin.

Onze verbazing houdt niet op want we komen aan in een buurt waar een heleboel mensen bezig zijn met laden en lossen van allerlei vracht uit vrachtwagens. Het is heel speciaal te zien hoe sommigen meters boven de grond op hun vracht staan om dozen naar beneden te gooien, richting hun collega’s. Het totaaleffect is een hartverwarmend tafereel vol met gevoelens van trots dat we zulk een verbazend en mooi land kunnen bezoeken.

Een beetje verder komen we op een nachtmarkt terecht. Hier verkopen ze allerlei vruchten en groenten in grote hoeveelheden. Ineens is het ons duidelijk waar de mensen die op straat vruchten verkopen hun waar vandaan hebben. De drukte hier is te vergelijken met de drukte overdag in het centrum: overal loopt men her en der, zijn waar prijzend, discussierend over de gevraagde prijs, kwaliteit van het waar enz. Wat een prachtige nacht om dit alles te zien.

Buitengewoon aangenaam verrast keren we terug naar de Student Home. We geraken onderweg verschillende keren onze weg kwijt, maar na lang zoeken vinden we uiteindelijk iets dat vertrouwd is. (het is heel moeilijk iets te herkennen tijdens de nacht, aangezien niets lijkt op wat we gewoon zijn overdag)

We zijn doodmoe omdat we net nog 25 km gefietst hebben om 23u en ook omdat het toch een drukke dag was. Het enthousiasme en de verbazing van Iñigo is buitengewoon aangenaam. Fantastisch is het wel en we zijn weer een tikkeltje dichter bij elkaar gegroeid.




























Enkele foto's van de VINCOM TOWER waarvan het eerste deel bij 10/10 hoort.







Foto's van Wim Heirman, voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

Wednesday, 10 October 2007

Foto's van het Hoam Kiem Lake
























Foto's van Wim Heirman, voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

26ste dag => Fietsen kopen en winkelcentrum

Vandaag brengt Damien de twee anderen naar de fietswinkel. David wilt het risico niet nemen om in conflict te raken met Dr. Hung, en gaat rechtstreeks naar de HUT. Op de weg heeft Damien veel plezier als hij ziet hoe onzeker de twee zich gedragen wanneer ze een van de drukste kruispunten moeten oversteken. Exact hetzelfde gedrag als wij de eerste dagen van ons bezoek. Iñigo moet dringend naar de wc en dankzij het vertalend boekje dat Damien heeft gekocht op een van de eerste dagen in Viet Nam vindt hij het redelijk gemakkelijk.

Een poosje later komen we aan aan de fietswinkel, waar de verkoopster eens voor de verandering blij is ons te zien. Damien kent inmiddels genoeg Vietnamees om een prijs af te spreken en voor alweer 26 euro/stuk kopen we twee fietsen. Iñigo kan zijn Zuiderse enthousiasme niet verbergen, terwijl Wim meer gereserveerd is.

We fietsen snel terug naar de Hut waar we de dag werkend doorbrengen. Damien heeft tijdens de middagmaaltijd een heel genante ervaring: hij ziet het bidaltaartje niet terwijl hij een vrij tafeltje zoekt en stoot er heel hard tegen. De Viets dichtste bij in de buurt lachen hem vierkant uit terwijl hij met de grootste beschaamdheid probeert het altaartje ter reconstrueren. Hij voelt zich echt in de steek gelaten en weet niet wat hij moet doen. David zegt dan maar dat het beter zo is dan dat ze enorm kwaad zouden zijn.

De avond gaan we naar het Vincom-tower, dat is het grote winkelcentrum dat redelijk luxueus is voor de plaatselijke bevolking. De twee anderen zijn namelijk vroeger van de HUT vertrokken om een beetje aan toerisme te doen met hun pas verworven vervoermiddel. Ondertussen zijn we nog gaan eten en hebben twee pintjes gedronken van de muur, omdat het zo leuk en goedkoop is. De Vincom-tower is het rendez-vous punt. We klimmen tot de zesde verdieping via de lift terwijl het winkelcentrum verlaten wordt omdat de winkels sluiten. Het is inmiddels 20u. Op de zesde verdieping is een bioscoop, wat Damien een enorm gevoel naar heimwee geeft. Op deze verdieping is ook een terras aanwezig waarop enkele foto’s worden genomen van het verkeer, seen from the air.

Alvorens te vertrekken gaan we nog een lekkere, maar dure vruchtensap drinken terwijl Iñigo trots zijn net aangekochte bakets toont alsook een spel kaarten dat ons totaal vreemd is: Kaartjes die 2cm op 8cm zijn met Chinese tekens. We eindigen de avond rustig omdat we morgen vroeg zullen moeten opstaan. Het belooft een drukke dag te worden omdat we met de twee anderen het Lenin-park gaan bezoeken. Dat is het park waar we 2000 dong inkom moeten betalen dat we reeds hebben bezocht.

Tuesday, 9 October 2007

25ste dag => de Belgische PhD-studenten

Vandaag gaat Damien vroeg maar de HUT, terwijl David lui uitslaapt. (voor een keer dat het omgekeerd is) Eens aangekomen op de HUT, zegt Tuan aan
Damien, dat is een lieve en enthousiaste lecturer die werkt in Dr. Lan’s lab, dat er twee Belgen zijn toegekomen. Ze zijn aanwezig in een lab op dezelfde verdieping. Damien gaat er meteen op af en de ontmoeting gebeurt ook meteen hartelijk: een Spanjaard die zijn PHD op de VUB doet, Iñigo en Wim, die eveneens een doctoraatsthesis schrijft, welliswaar in Gent.
Iñigo werkt onder de leiding van prof Dr. Veretenicoff, een vrolijke Russische prof waarvan Damien nog les heeft gehad enkele jaren geleden toen hij op de VUB zat. Er worden enkele eerste indrukken van Vietnam uitgewisseld met veel gelach en enthousiasme (typisch aan het Zuiderse type) en het is weer tijd om wat aan het werk te schieten.

Het middagmaal wordt gedeeld, waarbij David en Damien een beetje als gidsen dienen voor de twee anderen. Het team waarin Iñigo en Wim werken, die ze zelf “hun studenten” noemen vergezellen ons. De culturele uitwisselingen slaan er op hol, gepaard met veel gelach (vooral van de vietnamese kant, zoals altijd).

Aan het eind van de dag, initiëren we de twee anderen meteen met ons lekkere restaurantje. Ze vinden het eten er verrukkelijk. Daarna gaan we een overheerlijke fruitsap drinken in ons favoriete baretje, gevolgd door een paar lekkere pintjes “uit de muur”. Zo zorgen we voor een licht beïnvloede kennismaking met
Ha Noi.

Daarna gaan we nog voor een wandeling door de kleinere straatjes van Ha Noi. We komen in buurten dat we nog nooit bezocht hebben en waar de locals echt leven. Dit is heel vergelijkbaar met de trip dat we met Toon hebben gedaan toen we biertjes zijn gaan drinken in de eetkamer van de mensen. We blijven hier en daar steken om artistieke foto’s te nemen van de lokale huisjes, die soms gebouwd zijn uit gerecycleerd materiaal zoals allerlei houtafval of nog oude fietsbanden. We drinken nog even iets bij zo’n straatbaretje waar de mensen ons met open armen ontvangen en enorm lachen wanneer de vrouwen verlegen weglopen op het moment dat Wim een foto van hen wilt nemen. De mannen zijn echt trots en pakken met ons een pint. We keren daarna terug naar de student home en daarmee eindigt deze dag in schoonheid.

Deze foto's zijn de eerste indrukken van Wim en Indigo bij hun aankomst in Ha Noi. Het is zowat geaxeerd op dezelfde verbazing die wij hadden de eerste dagen.













































Foto's van Wim Heirman, voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

Monday, 8 October 2007

24ste dag => Vietnamees Frietkot

Maandag verloopt zoals gewoonlijk rustig elk in ons eigen lab. Alleen de avond is een leuke ervaring waar we beslissen iets nieuws te proberen. We wagen ons in een huis waarvoor een frietketel staat. (let wel eerder een frietwok) De mensen vragen ons enthousiast wat we willen. We duiden willekeurig iets aan op de kaart en vragen van elk twee stuks. We vinden het verbazend dat de mensen ons raar aankijken, maar bon, we wachten met spanning af. Een poosje later brengen ze ons gefrituurde loempia’s gemaakt van puur vlees en geen deeg. Deze zijn echter heel klein. We krijgen hierbij ook de traditionele “nems”, dat zijn driehoekige loempia’s gevuld met overheerlijke groenten en vlees.
Dat is zeer snel op, dus bestellen we de volgende lading willekeurig van de kaart en weeral twee stuks. Deze keer krijgen we heel lichte opgeblazen smoutebollen, echter eerder langwerpig zoals churros.

Tijdens het eten zien we een huisdiertje, een hondje, dat heftig blaft als iemand langs komt. Er is echter iets mis met het hondje, want vanaf het twee stappen zet valt het gewoon om. Damien heeft ook een mooi zicht op de slaapkamer in de mezzanine. Daar ligt een oude vrouw en bij het horen van onze stemmen, beslist uitheems voor haar, kijkt ze nieuwsgierig op naar Damien. Het is toch ongewoon dat we hier zitten te eten in het huis van deze mensen, omgetoverd tot een frietkotzaak. Enkele tafeltjes lijken hiervoor genoeg en we zijn verbijsterd te zien dat enkel kinderen de zaak houden... Zo zijn er twee frituurders (van veertien of zoiets), eentje die het deeg in diverse vormen plooit (is zoiets als 16 denk ik) en er allerlei vulling in brengt, dat geduldig door meisjes is klaargemaakt. (deze zijn de oudsten)
Twee diensters lopen heen en weer met diverse bestellingen. (deze zijn dan weer iets als 16)

Een poosje later bestellen we maar liefst 8 stuks van “kwah Buong”, omdat we nu toch wel weten dat alles hier heel klein is en het een beetje belachelijk is 2 stuks van elk te bestellen. Hierop kijken ze ons met de grootste verbazing aan. Dit ziet er niet goed uit, maar het is wel spannend. Een poosje later komen ze aan met 8 frietjes, driftig wijzend dat we ze in pikante saus moeten dopen. Dit gaat gepaard met de grootste hilariteit van zowel ons als de locale bevolking. Beeldt u gewoon in dat ze bij ons in een frietkot 8 frietjes zouden bestellen…
Enfin, daarna bestellen we nog wat van hetzelfde en eindigen met de rekening te betalen, dat eigenlijk vrij hoog is, namelijk 54000 dong in totaal. Een rijke ervaring is het in elk geval wel.

Om deze toch al zo grappige avond te eindigen, wisselen we nog veel uit van onze muzieksmaken en dergelijke. We merken hierbij dat we veel meer gemeen hebben dan we dachten. Dit is een werkelijke openbaring.

Sunday, 7 October 2007

23ste dag => Mi-pho lacht niet meer

Vandaag zondag beginnen we met een traditionele uitslaap. Tegen de middag probeert David Damien toch te overtuigen op te staan. Dit wordt onmiddellijk gevolgd door een maaltijd van 9000 dong in ons lekker straatrestaurantje.
Deze namiddag willen we niet veel doen. We brengen de namiddag rustig door met spelletjes en muziek om in schoonheid te eindigen met een niet al te schone maaltijd. We wilden naar de vrolijke Mi-pho-vrouw met de gouden glimlach en de heerlijke hoe kan het ook anders, mi-pho. We zijn echter diep, maar dan ook zeer diep teleurgesteld te zien dat onze favoriete Vietnamese helemaal niet de gewoonlijke gouden glimlach boven tovert, maar eerder met een zuur gezicht onze maaltijd op tafel brengt. Misschien heeft het te maken met de oorverbijsterende karaoke die van de bovenverdieping klinkt. Deze is even tussen ons vreselijk vals. Zo erg, dat we onze lach amper kunnen inhouden bij het horen van het gekrijs.
We eindigen deze dag met een klein aperitiefje. Wat een heerlijke vrije nietsdoendag.

Saturday, 6 October 2007

22ste dag => Cultuuruitstapje

Deze ochtend heeft Damien echt geen zin om te gaan werken. Het weekend is begonnen (althans, hij zorgt ervoor dat het begint). Ondertussen zit David moedig te werken aan het verslag van Dr. Hungs. Rond de middag komt David de andere D halen voor, wat doe je anders ’s middags, eten! Het was weer mi-pho (noodlesoep), maar wel het typische mi-pho van ons goed restaurantje.
Daarna hebben we wel zin om wat te doen. We kijken dus op de kaart en David wilt de lotustempel zien. De legende luidt dat een kinderloze keizer heel ongelukkig was omdat hij kinderloos was, en hij trouwde met een arme boerendochter. Deze schonk hem een zoon en uit dankbaarheid liet hij een huis bouwen in de vorm van een lotusbloem boven het water.
We gaan dus op weg en in het drukke verkeer komen we uiteindelijk bij een heel toeristische plek. We vragen aan de kassierster (die in een kotje zit) waar we onze fiets kunnen plaatsen. Ze wijst ons de fietsparking aan en we krijgen zoals gewoonlijk een ticketje om aan onze fiets te nieten (en de andere helft moeten we bijhouden). We gaan dan maar een ingangticket kopen voor 5000 dong per persoon en zien voor ons een man betalen met een briefje van 500000 dong. Dit is gigantisch veel en onze verbazing is natuurlijk groot, vooral dat deze 500000 dong dienen om 1 ticket te kopen. En wij voelen ons schuldig te moeten betalen met 200000 dong… Het blijkt dat aangezien het zo toeristisch is, het niet veel uitmaakt. We gaan dan het complex binnen waar prachtige tempels te zien zijn. Natuurlijk zijn de toeristen er veeltallig aanwezig, maar we zien ook locals rondlopen. Enkele foto’s later beginnen we toch te merken dat hier nergens die lotustempel te zien is. Een bijkomende check op de kaart (zie foto van David) leert ons dat we een kilometertje naast de bedoelde bestemming zijn gestrand. Dit blijkt de “Literature Temple” te zijn. Het is een soort religieuze plaats, want een heleboel mensen komen hier om te bidden. Het is niet duidelijk of zij ook 5000 dong moeten betalen. We stappen van tempeltje tot tempeltje, de foto’s er op los latend om uiteindelijk in een tempel te komen waar ze traditionele muziek afspelen. We komen aan wanneer drie vrouwen, begeleid door nog eens vier vrouwen een vrolijk Vietnamees liedje zingen, en worden vriendelijk uitgenodigd te gaan zitten op de daarvoor voorziene stoelen. Enkele foto’s later komt iemand langs met een mandje voor giften. De mand is overvol, maar we schenken 10000 dong. Een beetje later, na een pauze gaan we naar de tafel waar ze hun cd’s verkopen en zelfs dvd’s. Damien koop voor 15 euro aan het goed, er zich niets van schelend dat het waarschijnlijk veel te duur is. Dit moet hij gewoon hebben. Zo mooi dat het was. Het meest intrigerende was een instrument met slechts 1 snaar. Daaraan is een stang gevestigd met een klein klankkastje aan. Wanneer aan de stang gekomen wordt, verschuiven de tonen enkele Hz om een heel aangename frequentieshift te veroorzaken, een beetje zoals wanneer een elektrische gitarist aan zijn snaar trekt. Het effect geeft een typische spirituele tint aan de liedjes. We nemen enkele foto’s van de zeer speciale instrumenten en bezoeken verder het tempelcomplex.
We komen zo in de meest religieuze tempel, overvol van de beelden van een of andere keizer of spiritueel. We zien er ook eindelijk enkele oude geschriften, met de originele tekens, die lijken op chinese tekens. Als we dat zien, zijn we toch blij dat ze in 1920 veranderd zijn van spelling om over te gaan naar ons alfabet, weliswaar met enorm veel accenten. David heeft eens geteld dat er gemiddeld 1,7 accenten zijn per klinker. Dat geeft natuurlijk een goed beeld van complex de taal wel is.
Nog een beetje rondgedwarrel brengt ons naar wat lijkt op een gigantische bierton. Het blijkt een trommel te zijn. De minste klop op het vel geeft een zware donderslag. De diepe trilling straalt veel ontzag uit. Hierbij verlaten we de door bonzais doorspekte plaats.
Even op de kaart kijkend zijn we toch wel echt benieuwd waar die mysterieuze lotusvormige tempel zich wel bevindt. Na alweer een wervelende fietstocht, vinden we de beruchte lotustempel, maar niet nadat we onze fietsen hebben gedumpt op de plaatselijke, en eigenlijk, enige toegelaten parking. Damien krijgt het voor elkaar om af te dingen van 2 euro naar 2000 dong. (96% korting)
Het bouwwerk zelf is redelijk teleurstellend, op zijn minst: Na de vele oorlogen is dit historisch monument bewaard en herbouwd tot een eenzuilige huisje. Merk wel dat de zuil van het authentieke beton is gemaakt dat ons heel vertrouwd voorkomt. We vinden er een biddende Viet en verlaten snel, met een diepe teleurstelling, de “spirituele” plaats. Conclusie: Verkeerd rijden is leuk.
Op de weg terug vinden we een supermarkt, legendarisch. We laten onze fiets achter op de parking (die we deze keer niet moeten betalen) en eveneens 600000 dong voor goedkope Baileys, Rum, deo en enkele lekkernijen en iets dat kan doorgaan voor ontbijt volgens David (een soort rijstkoek met honingvulling en koolzaad of sesamzaad, dat is nog onduidelijk).
Thuis gekomen gaan we naar een kantine-achtige plaats waar ze ons nog niet hebben gezien en dus, met veel gegiechel ontvangen. Daar bestellen we een Mi-saw (dus gefrituurde noodles) en een biertje. Ze springen enthousiast en overvrolijk recht: “Ah, een biertje,” of zoals de locals zeggen: “Hai Bia?”. De bia-man springt alsof zijn leven ervan afhangt (en dat is ook eigenlijk wel zo) op en spurt naar een muurtje waar gewoonweg een gaatje is geboord waaruit een slang komt. En raad eens wat uit die slang komt: BIA! Het is niet het klassieke Bia Ha Noi, maar Viet Ha Bia. De smaak is vergelijkbaar, maar gelukkig zonder ijsblokjes en toch heerlijk fris. (ook is het alcoholgehalte lichtjes hoger)
Na vijf minuten giechel de dienster nogmaals en wijzen uitdrukkelijk naar ons met de woordjes: “hihihihihihi, vely handsome!” David kan hierbij zijn lach niet inhouden.
Hierna, ook nadat we ons beste Vietnamees hebben boven gehaald met het traditionele “Chao boy toy?” (= goede avond) verlaten we de “beer from the wall” om nog wat gezellig na te praten met een glaasje net aangeworven booozzzz. Slaap is gemakkelijk te vinden in elk geval…














































































































Foto's van Wim Heirman. Deze zijn op 19/10 genomen geweest, maar staan voor de eenvoudigheid hier bij. Voor een handige fotogallerij kunt u http://photos.heirman.net/vietnam2007/photo.html bezoeken

Friday, 5 October 2007

21ste dag => Nachtje in de cel

Vandaag is het vrijdag, jippie zouden we kunnen denken: WEEKEND! Forget it! David wil om 17:15 vertrekken, maar wordt tegengehouden door de studenten omdat er een presentatie komt. De presentatie is uitsluitend in het Viets en David moet een “round robin” doen met de studenten voor de vertalingen naar het Engels (dat is een grapje van Dr. Hung). Maar ja, dat Engels was enorm belabberd, doorspekt met woorden die niet in de context passen, opzoekingen in woordenboeken, gelach en fictieve Engelse woorden (samen een triomfgevoel van de studenten omdat ze een woord gevonden hebben waarvan ze echt geloven dat het juist is). David heeft er dus niet zoveel van verstaan (3/10 van de twee uur lange presentatie).

Damien werkt ondertussen goed door, zonder op het uur te letten en David komt er uitgeput bij zitten. Damien rondt zijn werk zo een beetje langzamerhand af en we sluiten het lab af om weg te gaan. Het is inmiddels 19:15 en het moest ervan komen: het hek dat de verdieping afsluit is steenvast gesloten. Het is pikkedonker, de gsm van Damien is plat (maar hij heeft gelukkig zijn lader mee) dus proberen we een van de Vietse studenten te bereiken omdat Dr. Lan niet antwoord. Helaas levert het niets op. Ondertussen slaagt David erin om wachter te roepen die ons verslagen komt zeggen dat hij geen sleutel heeft. Dan wijst hij op een uithangbord met een telefoonnummer, maar daar nemen ze ook niet op. De wachter vraagt ons (met gebarentaal uiteraard) hier te wachten, hij gaat hulp halen. Aangezien we toch niet veel anders kunnen dan wachten, wachten we…

Dan komen er drie wachters, met dezelfde boodschap: geen sleutel. Ze proberen zelf ook te telefoneren naar een heleboel mensen. Af en toe verdwijnen ze weer. Ondertussen probeert Damien een escape-route via het vals plafond te vinden, tevergeefs. We voelen ons echt in een gevangenis omdat de poort in de vorm is van zo'n typische getraliede gevangenisdeur. Uiteraard weten we wel dat de gevangenis stukken erger is. Het is nu allemaal toch maar een grap. Zolang er we erom kunnen lachen is het goed.

Uiteindelijk, een goed half uur later zeggen de wachters dat er iemand komt en dat we 20 minuutjes moeten wachten. Ondertussen spelen we dan maar een spelletje op de laptop en dan komt Dr. Hung open doen. Hij vraagt ons uiteraard hoe het komt dat we hier nog zitten en legt ons uit dat we best voor 18u weg gaan, anders moeten we de sleutel vragen. Maar dat is onbegonnen werk omdat er ook veel verantwoordelijkheid aan hangt. Dr. Hung zegt wel dat als er licht is, dan komen ze ons wel halen, dus is het best dat we na 18u de deur van het lab open laten.

Allemaal goed en wel, maar hoog tijd voor een maaltijd. We zijn echter zodanig laat (reeds 21u) dat er nog maar 1 resto’tje open is en daar nemen we de gebruikelijke 15000 dong maaltijd. Ondertussen belt Dr. Lan op omdat ze heel ongerust was. Ze had net het bericht gezien op haar gsm. We hebben haar snel gerustgesteld en zijn rustig naar onze kamer gegaan. Vandaag hebben we weer iets beleefd!